Bisschop van Donetsk ziet tekenen van hoop midden in de oorlog

woensdag, 26 augustus 2026
Nieuws
De 46-jarige Maksym Ryabukha, SDB, is bisschop in een oorlogsgebied. Het Russische leger bezet de helft van zijn exarchaat. Daardoor kan hij daar zijn ambt niet uitoefenen. Tijdens een bezoek aan het internationale kantoor van Kerk in Nood (Aid to the Church in Need) sprak hij over zijn situatie. Toch blijft hij “voortdurend tekenen van hoop” zien, zelfs midden in de verwoesting.
ACN-20260730-208780-bisschop-maksym-ryabukha-v2

[spacer height="10px"]

[spacer height="10px"]

Voor hem blijft hoop tijdens de oorlog zichtbaar in de trouw van priesters en de solidariteit van jongeren. Ook noemt hij de kracht van de gebeden van moeders.

Een jaar geleden stond de helft van uw exarchaat onder Russische bezetting. Hoe is de situatie nu?

De frontlinie verschuift voortdurend. Soms heroveren we grondgebied, maar daarna rukken Russische troepen weer op. Toch is niet alleen de lijn op de kaart veranderd. Ook de oorlog zelf ziet er anders uit. Een jaar geleden was je vrijwel veilig op ongeveer twintig kilometer van de frontlinie. Vandaag maken drones en geleide bommen elke plek binnen vijftig kilometer uiterst gevaarlijk.

Hoe is de situatie voor de kerken in de bezette gebieden?

Helaas is de materiële verwoesting enorm. Nu verdwijnen huizen één voor één, inclusief pastorieën. In Kostantynivka ligt de kerk in puin. Dronebeelden tonen dat alleen een fragment van het kruis op de centrale koepel nog intact is. Elders staat nauwelijks nog een steen op de andere. Het is heel zwaar.

Hoe oefent u uw ambt als bisschop aan het front uit?

Dat doe ik door een bisschop van gebed en begeleiding te zijn. Ik kan de oorlog niet stoppen. Ook kan ik de loop van de militaire geschiedenis niet veranderen. Maar ik kan dicht bij de mensen staan. Dat doe ik in gebed, in dialoog en door mijn pastorale aanwezigheid. Ondanks de tragedie zie ik duidelijk dat God ons niet in de steek laat. Er zijn voortdurend tekenen van hoop.

Waar ziet u hoop tijdens de oorlog?

Nog niet zo lang geleden sprak ik tijdens een cursus voor priesters met de spreker. Hij zei tegen mij: “Het valt me op dat uw priesters zo gelukkig en sereen zijn.” Menselijk gezien lijkt dit onmogelijk. Waar komt deze sereniteit vandaan? Die komt voort uit gebed en priesterlijke broederschap. We proberen zo vaak mogelijk bij elkaar te komen. Door deze begeleiding weet ik zeker dat ik, wat er ook gebeurt, nooit alleen zal zijn. Dat geeft ons de sereniteit en de kracht om door te gaan.

Hoe gaat het met uw priesters?

Ze tonen een heldhaftige trouw. Als ik hun zeg te evacueren vanwege het gevaar, antwoorden ze: “Ik ben gewijd voor deze mensen. Als ik wegga, wie leidt dan de begrafenissen? Wie neemt dan de biecht af of bezoekt de zieken?” En ze blijven.

Hoe beleven jongeren hun geloof in een oorlogssituatie?

Dat is ook ontroerend. Dit jaar hadden we zestig deelnemers aan een opleiding voor begeleiders. Daarnaast organiseerden we ongeveer vijftien zomerkampen in onze parochies. De jongeren brengen vreugde en vrede mee, waar ze ook gaan. Maar het gaat niet alleen om de jongeren. Het gaat om de hele gemeenschap. We hebben ook een groep “Moeders in gebed”, die wekelijks bijeenkomt. Vanwege het gevaar is er weinig vervoer. Daarom gebruiken priesters hun eigen auto’s voor de diocesane bijeenkomsten. Zo brengen ze soms wel tachtig vrouwen bij elkaar.

Wat heeft deze oorlog u geleerd?

Dat hoe groot het kwaad ook is, het nooit alles zal vernietigen.

U bent salesiaan. Hoe blijft u in deze omstandigheden onderwijzen in vreugde?

Eenzaamheid vernietigt. Een gezonde gemeenschap geeft zin aan het leven. Ik herinner me een jongere die met zijn familie naar Zaporizhzhia vluchtte toen de bezetting begon. Maandenlang zat hij opgesloten en worstelde hij met depressie en schuldgevoelens. Intussen zag hij zijn wereld om hem heen instorten. Uiteindelijk ging hij op aandringen van anderen mee op een parochiekamp. Dat blies hem nieuw leven in. “Door bij vrienden te zijn, heb ik geleerd dat er meer in het leven is dan ontberingen. Als elke dag je laatste zou kunnen zijn, is het de moeite waard om die goed te leven.” Dat vertelde hij me.

Heeft de oorlog veranderd hoe mensen over God denken?

Oorlog maakt een einde aan alle theatraliteit en schijn. Er is geen tijd om te leven volgens de verwachtingen van anderen. Het dwingt je om de ultieme vragen te stellen. Wat is de zin van mijn leven? Wat heeft studeren of werken voor zin, als alles vandaag zou kunnen eindigen? En dat leidt naar God. Te midden van dit lijden hebben we veel roepingen gezien. Momenteel hebben we negentien seminaristen. Er is een echte honger naar het goede en naar zingeving.

Heeft u veel bekeringen gezien?

Er zijn bekeringen onder volwassenen. In Zaporizhzhia vroeg een voormalige krijgsgevangene na zijn vrijlating om de doop. Hij besefte dat hij alleen had kunnen overleven omdat iets hem kracht gaf. Die kracht hielp hem om weerstand te bieden.

Heeft u het gevoel dat de vrede dichterbij is gekomen?

Met elke dag die voorbijgaat, komen we een stap dichter bij de overwinning en de vrede. Wanneer die precies zullen komen, weten we niet. Maar we kijken er met groeiend ongeduld naar uit.

Welke boodschap wilt u meegeven aan de weldoeners van instellingen zoals Kerk in Nood?

Ik ben enorm dankbaar. Het goede dat we samen doen, is een bron van grote hoop. Ik wil hun zeggen dat het de moeite waard is om in de mensheid te geloven en te investeren. Dat geldt zelfs als het lijkt alsof we in een absurde wereld leven. Het opleiden van een priester is een investering in de toekomst van een heel volk. Dat geldt ook voor het ondersteunen van een jongere. Ook het verzorgen van een kind is zo’n investering. Dank aan allen die samen met ons blijven geloven in de mogelijkheid van het onmogelijke. Dank aan allen die onze waardigheid en ons recht op leven erkennen.

Lees hier een eerder interview met bisschop Maksym

Een overzichtsartikel over de hulp van Kerk in Nood aan Oekraïne

tekst: Javier Martínez-Broca