Christenen in Nigeria worden geconfronteerd met terreur van groepen zoals Boko Haram en andere extremisten. Ook is er veel criminaliteit en zijn er etnische spanningen die alle gelovigen raken. We spreken daarom niet van genocide. Wel zijn christenen en kerken vaak specifiek doelwit van aanslagen met soms wel honderden doden tot gevolg. De katholieke Kerk in Nigeria staat deze slachtoffers van geweld en vervolging bij met traumazorg en noodhulp. Met uw hulp kunnen priesters, religieuzen en leken vanuit hun parochies hulp blijven bieden.

De nieuwe moslim president, Bola Tinubu, beloofde dat de overheid hard zou treden tegen terreur. Toch zuchten Christenen in gebieden waar zij een minderheid vormen onder meer aanvallen op kerken en ontvoeringen dan ooit. Waar eerder Boko Haram de grootste bedreiging vormde, zijn het nu aanvallen door Fulani's die zorgen voor duizenden doden en gewonden per jaar en voor miljoenen vluchtelingen. De vraag rijst: is hier sprake van genocide?





In Nigeria leven miljoenen Christenen en Moslims die op dit moment sterven, gewond raken of een veilig heenkomen zoeken in troosteloze vluchtelingenkampen vanwege aanslagen door Boko Haram en spanningen tussen christelijke landbouwers en merendeels islamitische herders. De weg naar vrede is niet eenvoudig, zoals deze documentaire toont. In Nederland alleen op deze website te zien!
De katholieke Kerk in Nigeria staat de slachtoffers van geweld en vervolging bij met traumazorg en noodhulp. Met uw hulp kunnen priesters, religieuzen en leken vanuit hun parochies hulp blijven bieden. Het leven met trauma's en de voortdurende dreiging van extremistische terreur is zenuwslopend. De Kerk heeft een sleutelrol in het genezen van de wonden van de vele slachtoffers. Helpt u mee, zodat priesters, religieuzen en leken opgeleid kunnen worden in het helpen van deze mensen?

Het bloedvergieten in Nigeria moet stoppen. De katholieke bisschoppen van Nigeria hebben daarom een hartstochtelijke oproep tot vrede gedaan. Aanleiding zijn de recente bloedbaden in Borgu en Ukum. Bij de twee afzonderlijke aanslagen kwamen tientallen mensen om het leven. In Borgu gaat de verdenking uit naar jihadistische militanten. In Ukum zouden gewapende bendes van Fulani-herders achter de aanval zitten.
De bisschoppen wijzen op “de recente barbaarse ontvoering van meer dan 60 gelovigen uit een moskee in Borgu, in de staat Niger”. Ook noemen zij “het gruwelijke bloedbad waarbij 47 onschuldige burgers omkwamen”. Daarbij raakten “17 anderen ernstig gewond in Ukum, in de staat Benue”. Deze gebeurtenissen “duiden op een verslechtering van de veiligheidssituatie”, schrijven de bisschoppen. Kerk in Nood (Aid to the Church in Need) ontving hun verklaring.
Vervolgens waarschuwen zij: “Of het nu in een moskee, een kerk, op een markt of in de rust van hun eigen huis is.” Volgens hen geldt nog altijd: “Nigerianen worden nog steeds straffeloos afgeslacht, getraumatiseerd en ontheemd.”
Het geweld in Nigeria wordt vaak beschreven als een conflict tussen moslims en christenen. In Borgu waren zowel de aanvallers als de slachtoffers echter moslims. Daarom spraken de bisschoppen nadrukkelijk hun solidariteit uit met de slachtoffers.
“Wij staan in vaste solidariteit met onze moslimbroeders en -zusters in de staat Niger en in heel Nigeria”, schrijven zij. Ook zeggen zij: “En bidden voor de onmiddellijke en veilige vrijlating van alle 60 ontvoerde gelovigen.” Daarna benadrukken zij: “Een aanval op welke gebedsplaats dan ook is een aanval op onze collectieve menselijkheid.”
Nigeria kampt al jaren met instabiliteit. Het geweld is vooral duidelijk merkbaar in de ‘Middle Belt’ van het land. Daar grenst het overwegend islamitische noorden aan het overwegend christelijke zuiden. Nomadische herders vallen er steeds vaker gevestigde boeren aan. Daarbij proberen zij weidegrond te veroveren.
Ook jihadistische groeperingen hebben aanslagen gepleegd in het noorden. Daarnaast treffen ontvoeringen voor losgeld het hele land. In Nigeria zijn die uitgegroeid tot een ware industrie.
In hun verklaring roepen de bisschoppen de autoriteiten op meer te doen voor de vrede en veiligheid van burgers. “Hoewel we enkele inspanningen waarderen, dringen we erop aan dat u deze verantwoordelijkheid niet uit de hand geeft”, schrijven zij. Dat moet volgens hen doorgaan “totdat de veiligheid en het welzijn van de burgers zijn gewaarborgd”.
Ook wijzen zij op “de tranen van de nabestaanden in Niger, Benue en in elke geopolitieke zone van Nigeria”. Die “moeten u voldoende zorgen baren om al het mogelijke te doen”, aldus de verklaring. Het doel is duidelijk: “om dit bloedbad in ons land te stoppen.” Daarnaast vragen de bisschoppen om preventieve veiligheidsmaatregelen.
“Wij doen namens alle Nigerianen nogmaals een beroep op u om proactieve, op inlichtingen gebaseerde veiligheidsmaatregelen in te zetten.” Daarmee willen zij “criminele bolwerken onschadelijk te maken voordat ze toeslaan”. Verder eisen de bisschoppen vervolging van de verantwoordelijken.
“Breng bovendien de daders en hun opdrachtgevers, ongeacht hun status of banden, snel voor het gerecht”, schrijven zij. Daarbij waarschuwen ze: “Want straffeloosheid werkt herhaling in de hand.”
Ten slotte richten de bisschoppen zich rechtstreeks tot degenen die verantwoordelijk zijn voor de aanslagen. Zij roepen hen op tot berouw en vrede. “Aan de bandieten, terroristen, ontvoerders en hun opdrachtgevers smeken wij: stop het bloedvergieten!”
Daarna benadrukken zij de waarde van ieder mensenleven. “Het menselijk leven behoort alleen aan God toe, en geen enkele zaak rechtvaardigt deze wreedheid.” Ook waarschuwen zij: “Jullie kunnen geen toekomst bouwen op de tranen van onschuldige mensen.”
De bisschoppen doen daarom nog een laatste oproep: “Wij roepen jullie op om de wapens neer te leggen”. Zij vragen hen ook “je af te keren van het kwaad”. Daarnaast moeten zij “de heiligheid van het menselijk leven te respecteren”. De verklaring waarschuwt dat dit moet gebeuren “voordat het goddelijke oordeel jullie inhaalt”.
Aartsbisschop Matthew Man-Oso Ndagoso van Kaduna ondertekende het document als voorzitter van de Bisschoppenconferentie. Zijn bisdom is de afgelopen jaren zwaar getroffen door geweld. Kerk in Nood volgt de situatie in Nigeria al jaren met groeiende bezorgdheid. De organisatie werkt nauw samen met de lokale Kerk.
Zo helpt Kerk in Nood de gevolgen van het geweld aan te pakken. De organisatie ondersteunt onder meer de zorg voor duizenden binnenlandse ontheemden. Onlangs hielp Kerk in Nood samen met het plaatselijke bisdom bij de wederopbouw van het dorp Adama Dutse. Aanvallers hadden het dorp met de grond gelijkgemaakt. Dankzij de wederopbouw konden inwoners naar hun geboortestreek terugkeren. Daardoor hoefden zij niet weg te kwijnen in kampen of zich elders permanent te vestigen.
Link naar het oorspronkelijke bericht
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]

Rechtvaardigheid en onderwijs in Nigeria staan centraal in de visie van bisschop Gerald Musa in Noord-Nigeria. Noord-Nigeria haalt vaak het nieuws door geweld, ontvoeringen en interreligieuze conflicten. Toch zijn er ook veel voorbeelden van vreedzaam samenleven tussen christenen en moslims. Volgens bisschop Gerald Musa ligt de grootste uitdaging niet bij religieuze verschillen. Onveiligheid en een gebrek aan gerechtigheid treffen volgens hem de hele samenleving.
Rechtvaardigheid en onderwijs in Nigeria staan centraal in de visie van bisschop Gerald Musa in Noord-Nigeria. Noord-Nigeria haalt vaak het nieuws door geweld, ontvoeringen en interreligieuze conflicten. Toch zijn er ook veel voorbeelden van vreedzaam samenleven tussen christenen en moslims. Volgens bisschop Gerald Musa ligt de grootste uitdaging niet bij religieuze verschillen. Onveiligheid en een gebrek aan gerechtigheid treffen volgens hem de hele samenleving.
Tijdens een bezoek aan het internationale hoofdkantoor sprak hij met Aid to the Church in Need (ACN). Daar beschreef hij het leven in zijn bisdom Katsina, in een staat met ongeveer 98 procent moslims. Christenen vormen er een kleine minderheid.
In tegenstelling tot het beeld van voortdurende conflicten, ziet bisschop Musa dialoog als onderdeel van het dagelijks leven. “Er zijn veel gemengde gezinnen. Ze leven in vrede omdat familiebanden sterker zijn dan religieuze verschillen”, legt hij uit.
Dat samenleven is ook zichtbaar op markten, in wijken en op scholen. De onderwijsinstellingen van het bisdom richten zich voornamelijk op moslims. Daar studeren moslims en christenen zonder problemen naast elkaar.
Ook burgerlijke autoriteiten bevorderen wederzijds respect met publieke gebaren van vriendschap tijdens Kerstmis en Pasen.
Toch komen nog enkele vooroordelen voor. Van oudsher associëren veel mensen de Hausa sterk met de islam. Daarom zijn sommige mensen verbaasd dat er ook christelijke Hausa zijn.
“Sommige mensen denken nog steeds dat een Hausa geen christen kan zijn. Of dat hij, als hij dat wel is, van ergens anders moet komen”, zegt de bisschop.
Bisschop Musa herinnert eraan dat veel noordelijke staten sinds het begin van de jaren 2000 de sharia invoerden. Dat leidde tot spanningen en uitbarstingen van geweld.
Volgens hem vormt politieke manipulatie van religie echter het belangrijkste probleem.
“Zolang de aandacht op religie was gericht, pakten we kwesties als corruptie, straffeloosheid of onrechtvaardigheid niet aan”, vertelt hij aan ACN.
Volgens hem delen christendom en islam essentiële waarden. Die waarden zouden de basis moeten vormen voor een veiligere samenleving.
“Beide religies veroordelen diefstal, moord en overspel. Deze gemeenschappelijke principes zouden ons moeten helpen een land op te bouwen waarin we allemaal gelijk zijn voor de wet.”
Daarbij benadrukt hij: “Het menselijk leven is heilig. In een beschaafde samenleving mag er geen sprake zijn van lynchen.”
Hij herinnert zich ook gevallen waarin mensen werden vermoord zonder de kans zich te verdedigen. Hij betreurt dat zulke praktijken nog steeds voorkomen.
“Niemand mag worden veroordeeld zonder de kans te hebben gehad zich te verdedigen. Als iemand een misdaad begaat, is het aan de rechtbanken om daarover te oordelen.”
Naast religieuze conflicten groeit in het bisdom een ander probleem: criminele bendes breiden hun activiteiten uit. Zij houden zich bezig met ontvoeringen, veediefstal en aanvallen op plattelandsgemeenschappen.
“Ontvoeringen zijn een grote business geworden en een ernstig probleem”, stelt de bisschop.
Volgens bisschop Musa heeft dit geweld verschillende oorzaken. Economische belangen, strijd om natuurlijke hulpbronnen, politieke manipulatie en langdurige verwaarlozing van plattelandsgemeenschappen spelen allemaal een rol.
Ook gebrek aan onderwijs en kansen voor duizenden jongeren vergroot de onveiligheid. Die onveiligheid treft zowel christenen als moslims.
De Kerk reageert op deze uitdagingen met investeringen in dialoog en samenwerking met moslimleiders. Bisschoppen en imams pakken samen problemen aan die de hele bevolking raken. Een voorbeeld is het groeiende drugsgebruik onder jongeren.
Ook op onderwijsgebied is die samenwerking zichtbaar. De bisschop noemt een moslimgrondbezitter die een gebouw schonk als school voor mensen die door geweld ontheemd raakten. Dankzij dit gezamenlijke initiatief krijgen nu zowel kinderen als volwassenen onderwijs.
Voor het bisdom is onderwijs veel meer dan een sociale dienst. “Onderwijs is een van de krachtigste instrumenten om vrede te bewerkstelligen.”
Daarom heeft de Kerk haar scholen opengesteld voor ontheemde gezinnen, waarvan de meerderheid moslim is. Daarnaast stimuleert zij alfabetiseringsprogramma’s voor volwassenen zonder formeel onderwijs door de aanhoudende onveiligheid.
Voor bisschop Gerald Musa tonen deze initiatieven dat christenen en moslims samen kunnen werken voor het algemeen welzijn.
“Wanneer we de jeugd opleiden en degenen begeleiden die alles hebben verloren, zaaien we hoop voor de toekomst.”
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]
Een jaar na het bloedbad in Yelewata blijft de Kerk in Nigeria gerechtigheid vragen voor de slachtoffers. Tijdens een herdenkingsmis op de eerste verjaardag van de tragedie herdacht bisschop Wilfred Chikpa Anagbe de doden. Ook hernieuwde hij zijn oproep om ontheemden veilig naar hun huizen te laten terugkeren.
Op zaterdag 13 juni kwamen honderden mensen bijeen in de deelstaat Benue. Zij herdachten de slachtoffers van een van de dodelijkste aanvallen op christelijke gemeenschappen in de regio van de afgelopen jaren. Bij het bloedbad in Yelewata kwamen meer dan 250 mensen om het leven.
De herdenkingsmis bracht overlevenden, familieleden van slachtoffers en leden van de lokale Kerk samen. In gebed en herinnering stonden zij stil bij de mensen die tijdens de tragedie omkwamen.
Tijdens de viering klonk ook een boodschap van solidariteit van de apostolisch nuntius in Nigeria. Hij verzekerde de gemeenschap van de gebeden van de universele Kerk. Ook herinnerde hij eraan dat de evangeliserende zending van de Kerk doorgaat, ondanks vervolging en lijden.
Na de herdenkingsdienst sprak bisschop Anagbe van Makurdi met Kerk in Nood (ACN). Hij benadrukte dat het doden van onschuldige mensen “een ernstige misdaad tegen God en tegen de mensheid” vormt. Daarom eiste hij dat de verantwoordelijken voor de aanvallen voor het gerecht verschijnen.
De bisschop betreurde ook het uitblijven van een doeltreffende reactie om kwetsbare gemeenschappen te beschermen. Volgens hem ligt Yelewata op korte afstand van grote stedelijke centra waar veiligheidstroepen zijn gestationeerd. Toch blijft het geweld tegen christelijke gemeenschappen in Benue ernstig. Bovendien bagatelliseren of ontkennen bepaalde groepen die ernst nog altijd. Enkele maanden na de slachtpartij gingen vrouwen en kinderen de straat op na nieuwe moorden op christenen in het gebied.
Een van de centrale boodschappen van bisschop Anagbe ging over de binnenlands ontheemden. Families die door geweld van hun land zijn verdreven, mogen niet eindeloos in kampen blijven. Ook tijdelijke nederzettingen mogen geen blijvende oplossing worden. “De ontheemden moeten terugkeren naar hun voorouderlijke huizen”, zei hij.
De zorgen van bisschop Anagbe sluiten aan bij het getuigenis dat Kerk in Nood in Yelewata verzamelde. Tijdens een recent bezoek aan de gemeenschap ontmoetten vertegenwoordigers van de stichting pater Jonathan Ukuma. Hij is de plaatselijke pastoor en was directe getuige van het bloedbad.
Pater Jonathan herinnerde zich de paniek tijdens die “verschrikkelijke nacht”. Gewapende mannen vielen de gemeenschap meer dan drie uur lang aan. Veel dorpsbewoners zochten bescherming in de kerk. Die kerk was al een toevluchtsoord geworden voor mensen die uit andere dorpen waren gevlucht.
Bij zonsopgang trof de priester een verwoestend tafereel aan. “Wij zagen onherkenbare lichamen, zo verbrand dat identificatie onmogelijk was”, vertelde hij. In totaal kwamen 259 mensen om bij de aanval.
Ondanks het trauma en het lijden besloot pater Jonathan bij zijn gemeenschap te blijven. Zo wilde hij de overlevenden nabij zijn. “God heeft ons niet verlaten. Geloof overwint elke uitdaging”, zei hij.
Een jaar na het bloedbad hebben veel families alles verloren. Zij verloren hun huizen, hun levensonderhoud en vele geliefden. “Mensen hebben steun nodig om hun waardigheid en hun hoop terug te krijgen”, benadrukte de priester.
Pater Jonathan erkent dat vergeving een van de grootste uitdagingen is voor christenen die geweld hebben meegemaakt. Toch benadrukt hij dat verzoening een essentieel deel vormt van de christelijke weg.
“Om vergeven te worden, moeten wij ook leren vergeven”, legde hij uit. Daarom roept hij mensen op om zelfs te bidden voor degenen die zoveel lijden hebben veroorzaakt.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]
De wederopbouw van een afgelegen dorp in Nigeria laat zien dat hoop sterker kan zijn dan wanhoop. Ook toont de manier waarop Adama Dutse herrijst na de terreuraanval dat geweld - dankzij u - niet het laatste woord hoeft te hebben.
Op 27 mei 2026 bezocht aartsbisschop Matthew N'dagoso van Kaduna het afgelegen dorp Adama Dutse. Hij vierde daar de heilige Mis met de gelovigen. Toch ging het niet om een gewoon pastoraal bezoek. Het werd een viering van overwinning op dood, haat en discriminatie.
Iets meer dan twee jaar eerder verwoestten terroristen het dorp volledig. Dankzij hulp van Kerk in Nood (ACN) konden de inwoners meer dan twintig huizen herbouwen. Ook de gemeenschappelijke infrastructuur is inmiddels voltooid. De Mis bracht daarom vreugde, maar ook herinnering aan wie er niet meer zijn.
Op 18 februari 2024 vielen terroristen het katholieke dorp Adama Dutse aan. Het dorp ligt in de Middle Belt van Nigeria. Om 06.10 uur arriveerden de gewapende criminelen. Op dat moment maakten de inwoners zich klaar voor de Mis.
Kort daarna waren dertien mensen gedood. Veel huizen brandden volledig af. Het dorp veranderde in een plek van rouw, puin en zwarte ruïnes.
Twee maanden later bezocht een delegatie van Kerk in Nood de ruïnes van Adama Dutse. Aartsbisschop Matthew Ndagoso begeleidde hen. Voor Kinga Schierstaedt, projectcoördinator Afrika van ACN, maakte vooral de militaire escorte diepe indruk. Die escorte liet duidelijk zien hoe gevaarlijk het gebied was.
„Ik denk dat het de eerste keer was dat ik door zo’n grote militaire aanwezigheid werd begeleid”, zei Kinga Schierstaedt. „Ik herinner me twee militaire auto’s voor ons, twee auto’s achter ons, en een aantal politie- of militaire motorfietsen die de weg vrijmaakten. Zij zorgden ervoor dat er niemand achter de bomen verstopt zat.”
De inwoners ontvingen de aartsbisschop met vreugde. Tegelijk zag de delegatie overal de sporen van de aanval. Volgens Schierstaedt droegen vrijwel alle inwoners zichtbaar leed met zich mee.
„De mensen waren blij de aartsbisschop te zien”, zei zij. „Maar je kon zo’n groot leed op de gezichten van alle inwoners zien. We hebben een rondgang door het dorp gemaakt en bijna alle huizen waren verbrand. Er waren alleen nog zwarte ruïnes over van de brand. Alles was verwoest, gesmolten, en elke inwoner was getroffen.”
Ook de gewonden stonden Schierstaedt nog helder voor ogen. „Ik herinner me een jongen die de littekens droeg van twee kogels in zijn arm. Hij zal die arm nooit meer kunnen gebruiken, omdat hij niet onmiddellijk in een ziekenhuis werd behandeld.”
Daarnaast noemt ze een jong slachtoffer. „Ik herinner me een heel klein meisje, van ongeveer drie jaar oud. Zij had brandwonden op haar armen en op een deel van haar gezicht. Zij huilde voortdurend van de pijn die ze nog steeds leed.”
Aartsbisschop Ndagoso bracht de ACN-delegatie daarna naar de rand van het dorp. Daar lag het massagraf waar de slachtoffers haastig waren begraven.
„Sommige inwoners gingen met ons mee om te bidden”, vertelde Schierstaedt. „Maar de meesten deden dat niet; hun pijn was te groot. Meestal als je een dorp bezoekt, gaat iedereen met je mee. Maar daar waren we grotendeels alleen.”
Ondanks de ontberingen weigerden de inwoners hun dorp te verlaten. Zij wisten dat vertrek naar een ontheemdenkamp grote risico’s met zich meebracht. Waarschijnlijk zouden zij dan hun land verliezen.
Daarom kozen zij voor terugkeer en wederopbouw. Zij hadden weinig meer dan hun geloof en vastberadenheid. Toch besloten zij te blijven. Kerk in Nood beloofde hen daarbij te helpen. Recent kwam ook op andere plaatsen uit Nigeria nieuws dat gelovigen massaal terugkeren naar plaatsen vanwaar zij verjaagd werden.
„De aartsbisschop vertelde ons dat hij de mensen wilde helpen”, zei Schierstaedt. „Hoewel hij de doden niet weer tot leven kon wekken, dacht hij dat hij in ieder geval de levenden kon helpen in hun wens om daar te blijven. Hij wilde hen helpen om de huizen en de kerk te herbouwen.”
Volgens haar besloot Kerk in Nood daarom steun te bieden. „Wij wilden hen een teken geven dat er ten minste enkele mensen in de wereld zijn die hun lijden erkennen en hen willen helpen.”
Twee jaar later is de wederopbouw voltooid. Dankzij steun van ACN-donateurs beschikt Adama Dutse nu over een nieuwe, moderne waterput. Ook kwamen er latrines en beveiligingsalarmen op zonne-energie.
Toen aartsbisschop Ndagoso op 27 mei 2026 terugkeerde voor de dankmis, voelde hij een duidelijke verandering. De gezichten van de inwoners straalden van trots. Hun dorp was niet langer alleen een plek van verlies. Het was opnieuw een plek van leven geworden.
„Het was een prachtige ceremonie”, vertelde aartsbisschop Ndagoso aan Kerk in Nood. „De gemeenschap was zo blij en gelukkig dat we dit voor hen hadden gedaan.”
Volgens de aartsbisschop betekent de hulp veel voor de inwoners. „Ze zijn niet alleen dankbaar, maar ook veel verschuldigd aan degenen die het voor hen mogelijk hebben gemaakt om een permanente schuilplaats te hebben.”
Daarom sprak hij zijn dank uit aan de weldoeners van Kerk in Nood. „We kunnen de weldoeners van ACN nooit genoeg bedanken voor wat ze hebben gedaan om mensen in nood te helpen. We kunnen alleen maar hopen dat God degenen die hebben bijgedragen zal zegenen. Het is echt geweldig. De gemeenschap is heel, heel dankbaar.”
Adama Dutse draagt nog altijd de littekens van de aanval. Toch getuigt de wederopbouw van iets groters. Waar terroristen het dorp wilden breken, kozen de inwoners voor geloof, volharding en hoop.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]
Bisschop Jude Arogundade van Ondo reageert opgelucht op het nieuws dat vier schutters schuldig zijn bevonden. Zij waren betrokken bij het bloedbad op Pinksteren in Owo, Nigeria. De bisschop leidde de campagne voor gerechtigheid na een van de zwaarste aanvallen op christenen in Nigeria. Hij bedankte Kerk in Nood (ACN) voor haar inzet voor de overlevenden. Volgens hem zullen zij “voor altijd de littekens dragen van wat er die dag is gebeurd”.
Gewapende mannen pleegden op 5 juni 2022 een moordpartij tijdens de Pinksterzondagmis. Dat gebeurde in de St. Francis Xavier-katholieke kerk in Owo, in de staat Ondo, in het zuidwesten van Nigeria. Bij de aanval vielen meer dan veertig doden en raakten tot honderd mensen gewond.
Op woensdag 3 juni van dit jaar deed rechter Emeka Nwite uitspraak. Dat gebeurde tijdens een zitting bij de federale rechtbank in Abuja, de hoofdstad van Nigeria.
De rechter bevond vier verdachten schuldig aan negen aanklachten. Die aanklachten omvatten onder meer gijzeling, ontvoering, financiering van terrorisme en het tot ontploffing brengen van explosieven. Daarbij vielen doden en gewonden. Een vijfde man sprak de rechtbank vrij wegens onvoldoende bewijs.
Op vrijdag 5 juni sprak bisschop Arogundade met de katholieke hulporganisatie Kerk in Nood (ACN). Hij was onderweg naar een Mis ter gelegenheid van de vierde verjaardag van de gruweldaad. “We zijn blij dat de families en de slachtoffers in het algemeen eindelijk een soort afsluiting kunnen vinden,” zei hij. “Hoewel we beseffen dat ze nooit volledig afsluiting zullen vinden.” Daarna voegde hij toe: “Zij zullen de rest van hun leven de littekens dragen van wat er die dag is gebeurd.”
De bisschop benadrukte dat veel overlevenden nog altijd met de gevolgen leven. Volgens hem lijden zij niet alleen lichamelijk, maar ook geestelijk. “Velen zijn nog steeds getraumatiseerd,” aldus bisschop Arogundade. “Zij ondergaan nog steeds medische behandeling.”
Ook wees hij op de onzekerheid waarin veel slachtoffers leven. “Velen bevinden zich op het randje,” zei hij. “Ze lijden nog steeds en maken zich zorgen, omdat ze niet weten wat er nu gaat gebeuren.”
De rechtbank veroordeelde de vier mannen tot levenslange gevangenisstraf wegens lidmaatschap van een terroristische organisatie. Daarnaast kregen zij twintig jaar gevangenisstraf wegens samenzwering. Ook legde de rechtbank de doodstraf op. Volgens de Nigeriaanse wet vereist die echter presidentiële goedkeuring. De laatste gerechtelijke executie in Nigeria vond plaats in 2016. Presidentiële goedkeuring van executies komt in het moderne Nigeria vrijwel niet voor.
Volgens berichten in de media verklaarden alle mannen zich onschuldig. Hun advocaat liet weten dat zij in beroep gaan tegen het vonnis. Bisschop Arogundade herinnerde eraan dat “de Kerk de doodstraf niet accepteert”. Tegelijk benadrukte hij het belang van verantwoordelijkheid. “Het is belangrijk dat de verantwoordelijken ter verantwoording worden geroepen,” zei hij.
Daarom riep hij de autoriteiten op om de strijd voor gerechtigheid voort te zetten. Volgens de bisschop waren veel anderen betrokken bij de aanslag in Owo.
Bisschop Arogundade bedankte Kerk in Nood (ACN) voor haar campagne namens de overlevenden. Volgens hem hield ACN het verhaal van Owo onder de aandacht. “Kerk in Nood heeft er alles aan gedaan om het verhaal van wat er in Owo is gebeurd onder de aandacht te houden,” zei hij.
Daarmee maakte de organisatie volgens hem duidelijk dat de wereld gerechtigheid verwachtte. “Ze hebben de regering duidelijk gemaakt dat de hele wereld wachtte op gerechtigheid voor de slachtoffers van de aanslag.”
Volgens bisschop Arogundade had die inzet gevolgen. “Daardoor waren de autoriteiten vastbesloten om de aanslag tot op de bodem uit te zoeken,” zei hij. “Zij waren vastbesloten om de daders te vinden.”
Kort na de gruweldaad sprak bisschop Arogundade voor het Amerikaanse Congres. Ook nodigde Kerk in Nood hem uit om in het Britse parlement te spreken.
Daarnaast startte het Britse kantoor van Kerk in Nood een petitie. Daarin riep de organisatie op om de daders voor het gerecht te brengen. Een delegatie onder leiding van Lord David Alton van Liverpool en barones Caroline Cox van Queensbury overhandigde de petitie aan de premier op 10 Downing Street.
Die overhandiging vond plaats op 5 juni 2023, precies één jaar na het bloedbad. De mensenrechtenactivisten werden daarbij vergezeld door vertegenwoordigers van het Britse kantoor van Kerk in Nood.
Vier maanden later reisde Margaret Attah naar Londen. Zij overleefde de aanslag in Owo, maar verloor daarbij beide benen en een oog. In Londen ontving zij de eerste #RedWednesday Courage to be Christian Award. Het Britse nationale kantoor van Kerk in Nood (ACN) reikt deze onderscheiding uit voor haar heldhaftigheid en geloof als antwoord op vervolging.
© Foto: Met dank aan het bisdom Ondo
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]
Bisschop Bulus Yohanna van Kontagora verwelkomt de arrestatie van verdachten na de ontvoering van 265 leerlingen en personeelsleden van een katholieke school in november 2025. Tegelijk vraagt hij om gerechtigheid.
“De families zullen opgelucht en blij zijn als zij horen dat degenen die de ontvoering van hun kinderen planden, zijn gearresteerd. Dit is werkelijk goed nieuws”, begint bisschop Bulus Yohanna.
De bisschop van Kontagora in Nigeria verwelkomt het bericht over arrestaties door de Nigeriaanse veiligheidsdiensten. Het gaat om personen die vermoedelijk betrokken waren bij de massale ontvoering van 21 november 2025. Die vond plaats op St. Mary’s Catholic School in Papiri, in zijn bisdom.
Bij de aanval ontvoerden gewapende mannen in totaal 265 leerlingen en personeelsleden. De misdaad schokte het land. Ook trok de ontvoering internationale aandacht voor de groeiende onveiligheid in veel gemeenschappen.
Wekenlang riep bisschop Bulus Yohanna op tot gebed. Daarnaast vroeg hij om gerechtigheid voor de slachtoffers en hun families. De arrestatie van de verdachten vormt daarom een belangrijke stap. Ze kan helpen om duidelijkheid te brengen over een van de ernstigste aanvallen op een katholieke onderwijsinstelling in recente jaren.
Volgens informatie die Nigeria’s Department of State Services (DSS) aan de pers gaf, arresteerden de autoriteiten vijf verdachten. Zij zouden logistieke steun en wapens hebben geleverd aan de groep achter de ontvoering. Onder de arrestanten bevinden zich twee buitenlanders. Tijdens de operatie namen de autoriteiten ook meerdere wapens en munitie in beslag.
In een reactie op het nieuws zegt bisschop Bulus Yohanna tegen Kerk in Nood (ACN) dat de arrestaties hoop brengen aan de slachtoffers en hun families. “Lange tijd vreesden wij dat de kwestie om de daders voor het gerecht te brengen, vergeten was. Toch zijn wij dankbaar dat de regering inspanningen is blijven leveren. Zij probeert degenen die verantwoordelijk zijn te identificeren en te arresteren.”
Volgens de bisschop vormen de arrestaties een bemoedigend teken. Ze laten zien dat het lijden van de slachtoffers niet is genegeerd.
“Families zullen opgelucht en blij zijn als zij horen dat degenen die de ontvoering van hun kinderen planden, zijn gearresteerd. Dit is werkelijk goed nieuws.”
Toch benadrukt de bisschop dat arrestaties alleen niet genoeg zijn. Hij roept de autoriteiten op om de verantwoordelijken te vervolgen. Ook moeten zij via een transparante juridische procedure voor het gerecht verschijnen.
“Het is één ding om mensen aan te houden. Maar het is iets anders om hen door passende straffen ter verantwoording te roepen.”
Volgens bisschop Bulus is die stap noodzakelijk voor de slachtoffers en hun families. Bovendien kan een duidelijke straf anderen afschrikken die vergelijkbare plannen hebben.
“Zo’n actie is nodig, niet alleen om gerechtigheid te bieden aan de slachtoffers en hun families. Ze is ook nodig als afschrikking voor anderen die soortgelijke bedoelingen kunnen hebben.”
Nigeria heeft de afgelopen jaren meerdere massale ontvoeringen meegemaakt. Daarbij werden leerlingen, geestelijken en burgers getroffen. Vooral in het noorden en midden van het land is de situatie ernstig. Veel christelijke gemeenschappen leven voortdurend onder dreiging van aanvallen, ontvoeringen en geweld. Criminele bendes en extremistische groepen spelen daarin een grote rol.
Voor bisschop Bulus is de volgende fase daarom cruciaal. Hij roept de Nigeriaanse autoriteiten op om alle juridische procedures openbaar en transparant te voeren. Ook moeten de families van de slachtoffers weten wat de uitkomst is.
“Rechtszaken en vonnissen moeten openbaar en transparant plaatsvinden. De uitkomst en de opgelegde straffen moeten duidelijk worden meegedeeld.”
Volgens de bisschop kunnen families daardoor enige verlichting vinden. Zij hebben veel trauma en lijden doorstaan. Toch kan gerechtigheid hun lange strijd betekenis geven. “Zo kunnen families enige verlichting vinden. Ondanks het trauma en het lijden dat zij hebben doorstaan, weten zij dan dat er iets positiefs is voortgekomen uit hun lange strijd om gerechtigheid.”
De bisschop doet ook een oproep aan de internationale gemeenschap. Zij mag de aandacht voor deze zaak niet verliezen. “Wij verwachten dat de internationale gemeenschap, waaronder organisaties zoals Kerk in Nood (ACN), blijft pleiten voor verantwoordelijkheid. Ook moet zij blijven aandringen op een passende bestraffing van degenen die verantwoordelijk zijn.”
Kerk in Nood (ACN) blijft de Kerk in Nigeria steunen met pastorale, humanitaire en geestelijke hulp. Daarnaast geeft de organisatie een stem aan de lokale Kerk. Zo vraagt Kerk in Nood internationale aandacht voor de zware uitdagingen van christenen in Nigeria die lijden onder geweld en onveiligheid.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]
"Ik vraag dat God het werk van Kerk in Nood wil zegenen."
Kerk in Nood
Peperstraat 11-13
5211 KM 's Hertogenbosch
info@kerkinnood.nl
(073) 613 08 20
Telefoonnummer call centre (073) 844 00 22
NL27 ABNA 0503 0402 31
RSIN/ANBI 2865841; KVK 41080169
Contactformulier
Projectaanvragen
Privacybeleid
Herroepingsformulier
Stichting Kerk in Nood/Voorheen Oostpriesterhulp Nederland

COPYRIGHT © 2026 ACN NEDERLAND - KERK IN NOOD