De katholieke hulporganisatie Kerk in Nood (ACN) heeft met verdriet gereageerd op het overlijden van aartsbisschop Jean-Clément Jeanbart. De Syrische kerkleider werd 83 jaar oud en overleed zaterdag 9 mei onverwacht tijdens een reis naar Frankrijk.
Kerk in Nood (ACN) werkte jarenlang samen met de aartsbisschop. Regina Lynch, uitvoerend voorzitter van de stichting, woonde diezelfde dag nog een Mis bij in de Notre-Dame in Parijs. Jeanbart concelebreerde daar tijdens een bijeenkomst rond de verjaardag van de Franse katholieke organisatie Œuvre d’Orient.
“Het nieuws van het overlijden van een projectpartner blijft altijd schokkend, zeker wanneer je iemand zo lang hebt begeleid tijdens een periode van oorlog en lijden”, verklaarde Regina Lynch.
Ze benadrukte tegelijk haar vertrouwen in het geloof van de aartsbisschop. “Zijn geloof in Jezus Christus geeft ook de zekerheid dat hij nu de vruchten ontvangt van zijn onvermoeibare inzet voor de gemeenschap die aan hem was toevertrouwd.”
Jeugd en roeping in Aleppo
Jean-Clément Jeanbart werd in 1943 geboren in Aleppo als zesde van twaalf kinderen in een toegewijd Melkitisch-katholiek gezin. Hij ging al op elfjarige leeftijd naar het seminarie. Later vervolgde hij eerst zijn studies in Aleppo, waarna hij op negentienjarige leeftijd definitief terugkeerde naar het seminarie. In 1968 werd hij tot priester gewijd.
Al vroeg voelde hij zich sterk geroepen om met jongeren te werken. Dat engagement bleef hij behouden tot in zijn laatste levensjaren.
Jarenlange inzet
Jeanbart leidde van 1995 tot zijn pensioen in 2021 de Melkitische archeparchie van Aleppo. Hij zette zich actief in voor het spirituele en materiële welzijn van christenen in Syrië. Volgens hem was die ondersteuning essentieel om christenen in hun thuisland te houden. Daarnaast investeerde hij sterk in oecumenische relaties. Zo werkte hij samen met de Grieks-Orthodoxe Kerk in Syrië aan de bouw van de Church of Unity. Melkieten en orthodoxen gebruiken die kerk gezamenlijk.
Trouw tijdens oorlog
Tijdens de Syrische burgeroorlog bleef Jeanbart publiek aandacht vragen voor het lijden van Syrische christenen. Hij groeide uit tot een van de belangrijkste pleitbezorgers voor het voortbestaan van het christendom in Syrië. Meermaals waarschuwde hij voor het verdwijnen van eeuwenoude christelijke gemeenschappen uit het Midden-Oosten.
Toen de oorlog uitbrak, weigerde hij Aleppo te verlaten, ondanks het voortdurende gevaar. In 2016 trof een raket een kerkgebouw. Daarna schreef Jeanbart aan Kerk in Nood dat geen jongeren of priesters gewond waren geraakt. “De volgende dag verzamelde een grote menigte zich voor de zondagsmis. Ik was sprakeloos, maar riep de gelovigen op om samen God te danken”, schreef hij.
Ook nu nog leven christenen in Aleppo tussen hoop en angst. Hij herinnerde christenen eraan dat zij er niet alleen voor stonden. “Onze Goede Herder blijft dicht bij ons en laat ons nooit verweesd of zonder hulp achter.”
Geloof hield Syrische christenen overeind
Volgens Jeanbart was Gods bescherming zichtbaar tijdens de oorlogsjaren. “Deze verschrikkelijke oorlog zou ons volledig hebben vernietigd of tot wanhoop en waanzin hebben gedreven zonder Zijn zorg”, verklaarde hij. Hij wees op de voortdurende bombardementen waarmee Aleppo te maken kreeg. Zonder Gods bescherming zouden de christenen volgens hem al lang zijn weggevaagd.
Regina Lynch betreurt dat Jeanbart de volledige terugkeer van vrede en stabiliteit in Syrië niet meer heeft meegemaakt. “We kunnen alleen hopen dat hij nu vanuit de hemel zal bemiddelen voor vrede in Syrië en het bredere Midden-Oosten”, besloot zij. Kerk in Nood blijft ook nu de christenen in Syrië steunen, die geraakt worden door armoede en slachtoffer zijn van geweld.




