Christenen vluchten uit Zuid-Libanon terwijl geweld blijft toenemen

maandag, 17 augustus 2026
Nieuws
Christenen vluchten uit Zuid-Libanon nu het conflict huizen, wegen en gemeenschappen beschadigt. Volgens pater Youssef Semaan bedreigt de oorlog ook decennia van vreedzaam samenleven tussen christenen en moslims. In een interview met Kerk in Nood (Aid to the Chruch in Need) beschrijft hij hoe het leven van lokale gemeenschappen ingrijpend verandert. Ook tast de oorlog vertrouwensbanden aan die gemeenschappen generaties lang hebben opgebouwd.
ACN-20260610-206797_libanon_youssef-semaan

[spacer height="10px"]

[spacer height="10px"]

Christenen vluchten uit Zuid-Libanon, terwijl pater Youssef Semaan als maronitische pastoor verbonden blijft aan Kfour. Daar leefden christenen en moslims decennialang zij aan zij. De recente toename van geweld veroorzaakt echter angst, gedwongen ontheemding en onzekerheid onder de bevolking. Bovendien is het levensverloop van de priester zelf sterk getekend door het conflict.

Zijn vader, Khalil Semaan, was eveneens maronitisch priester. De Maronitisch-Katholieke Kerk kan ook getrouwde mannen tot priester wijden. Op 2 december 1987 werd Khalil tijdens de Libanese burgeroorlog in Kfour ontvoerd. Hij was toen onderweg om de Mis te vieren. Na jaren in gevangenschap stierf hij uiteindelijk ver van zijn familie. In 1991 ontving de familie het stoffelijk overschot van Khalil Semaan.

In die periode waren verschillende gewapende groeperingen actief in Zuid-Libanon. Zij zaaiden veel geweld in de regio. Toch bracht de tragedie Youssef niet van zijn priesterroeping af. Integendeel, hij besloot in de voetsporen van zijn vader te treden. Zo stelde hij zijn leven in dienst van de gemeenschap. Met die keuze wilde hij tonen dat geloof en vergeving zelfs midden in het leed kunnen standhouden.

Oorlog jaagt christelijke gemeenschap uit Kfour

De christelijke gemeenschap van Kfour ligt te midden van een sjiitische meerderheid. De gemeenschap is de afgelopen maanden drastisch gekrompen. Op 2 maart 2026 escaleerde het conflict na raketaanvallen door Hezbollah op het noorden van Israël. Israël reageerde met bombardementen, waarna veel inwoners de regio verlieten.

Vóór de escalatie woonden ongeveer 120 christenen in het dorp. Vandaag zijn er nog maar ongeveer tien over. De overige gezinnen zochten hun toevlucht in Beiroet en Sidon. Daarbij lieten zij hun huizen, bezittingen en landbouwgrond achter.

„Sommigen hadden niet de middelen om te vertrekken. Anderen konden hun dieren niet achterlaten. Een van onze parochianen zorgt nog steeds voor zo’n 40 koeien”, vertelde de priester aan Kerk in Nood.

Om veiligheidsredenen moest pater Youssef Kfour eveneens verlaten. Toch keerde hij al twee keer naar het dorp terug. Daarnaast onderhoudt hij dagelijks via sms contact met de gezinnen die in de regio achterbleven.

De oorlog trof ook rechtstreeks de gebouwen van de gemeenschap. Hoewel de meeste huizen nog overeind staan, hebben veel woningen aanzienlijke schade. Ook zijn verschillende delen van het dorp gebombardeerd. De woning van de priester raakte tijdens de aanvallen eveneens beschadigd. In de nacht van 3 op 4 juni verwoestten nieuwe bombardementen drie andere huizen van parochiegezinnen.

Daardoor blijven christenen vluchten uit Zuid-Libanon, terwijl de onzekerheid over een mogelijke terugkeer groeit.

Onveiligheid in Zuid-Libanon neemt verder toe

„Elke week is gevaarlijker dan de vorige. De situatie is ondraaglijk geworden”, zegt pater Youssef.

De intensiteit van de Israëlische militaire operaties in de regio Nabatieh is onlangs toegenomen. Na enkele dagen van geweld laaiden de gevechten bij het fort van Beaufort opnieuw op. Daardoor steeg de spanning in omliggende dorpen en sloegen opnieuw mensen op de vlucht.

Voor gezinnen leidt deze situatie tot pijnlijke keuzes.

„Blijven en ons leven op het spel zetten, of het land verlaten. Zonder enige garantie dat we ooit onze huizen of bezittingen terugkrijgen”, legde de priester uit aan Kerk in Nood.

Ondanks de moeilijkheden blijft pater Youssef hoop koesteren.

“We hebben nog steeds hoop. Maar hoop alleen is niet genoeg. Ze moet steunen op solide fundamenten die ons in staat stellen om weer op te bouwen. En hier verder te leven. We zijn tenslotte mensen.”