Burgeroorlog, economische crisis, politieke instabiliteit en de pandemie hebben de bevolking van het Midden-Oosten geteisterd. Velen zien geen toekomstperspectief meer en honderdduizenden zijn naar het buitenland gevlucht of leiden een miserabel leven als binnenlandse ontheemden. De regio blijft een prioriteit voor Kerk in Nood. Het primaire doel van onze hulp is om de Christenen er hoop te geven en hen te steunen om in hun thuisland te blijven, de bakermat van het christendom.
Veel Christenen in het Midden-Oosten lijden nog steeds onder de gevolgen van oorlog en IS-terreur. Ook de economische en politieke situatie boezemt de mensen angst in, zodat velen een betere toekomst in het buitenland blijven overwegen. Regelmatig ontvangen we berichten over aanslagen, intimidatie door milities en verhalen over de misère die het gevolg is van een mengeling van sancties, verwoesting en corruptie.
Een documentaire over de jarenlange genocide op Christenen in Irak en hun dilemma: blijven in wat eens de bakermat van het Christendom was... of vertrekken. Vanwege internationale filmrechten is deze film van CRTN, onderdeel van Kerk in Nood, alleen met een wachtwoord te zien. Meld u aan en krijg gratis toegang.
Een lichtpuntje voor de christenen in het Midden-Oosten was de reis van de paus naar Irak in maart 2021. Het bezoek bemoedigde de gelovigen en bood hen nieuw zelfvertrouwen - niet alleen in Irak zelf, maar in het hele Midden-Oosten. Christenen nieuwe hoop geven is ook ons doel in de regio. Zo konden we in 2021 voor meer dan 10,8 miljoen euro projecthulp verlenen in de prioritaire landen Syrië en Libanon. Dit omvatte noodhulp voor voedsel en medicijnen, steun voor senioren en studenten, materiële hulp voor zusters, Misintenties voor priesters en fondsen voor de wederopbouw van pastorale structuren, alsmede noodhulp voor kerkelijke scholen en ziekenhuizen.
Sofia werd vervolgd vanwege haar geloof en bijna vermoord. Ze ontvluchtte Irak... om in Syrië opnieuw geweld van de oorlog daar te ervaren. Uiteindelijk vond ze in God troost en de kracht om haar vervolgers te vergeven.
Op 6 augustus 2014 moesten honderdduizenden Iraakse christenen alles achterlaten en hun vaderland ontvluchten. Terroristen van Islamitische Staat veroverden hun dorpen en steden op de vlakte van Nineveh. Onder hen Sofia, toen nog een 12-jarig meisje. Gekweld door angst en onzekerheid kon ze niet weten waar die reis haar uiteindelijk zou brengen.
“We hadden niets bij ons, omdat we geen tijd hadden en niet wisten wat er zou gebeuren. We hadden alleen onze paspoorten bij ons. Sommigen van ons werden onderweg opgepakt en ontvoerd. Vooral vrouwen en kinderen. Door Gods genade zijn mijn familie en ik veilig ontsnapt. Maar ze hebben ons huis en al onze bezittingen in brand gestoken. Ik was twaalf jaar oud”, vertelt ze in een korte documentaire gemaakt door universitair student Sara Isabel in Portugal.
Het gezin verhuisde naar Syrië, maar ook daar werden ze vervolgd. “Ze bombardeerden kerken omdat ze wisten dat christenen elke zondag naar de kerk gaan”, herinnert ze zich. “Op een zondag maakte ik me klaar voor de Mis. Plotseling kwam er uit het niets een vrouw tevoorschijn die ons toeriep dat we ons in de kerk moesten verstoppen. Daarna verdween ze. Ze had gezien dat er raketten op het gebied zouden vallen.”
“We gingen de kerk binnen, maar hadden geen tijd om ons te verstoppen. Het was te laat. Ik stond voor de deur en daar viel een raket. Alles explodeerde. Ik kon niets horen of zien. Ik wist niet of ik dood was of niet. Toen ik mijn ogen opende, zag ik stukjes gebroken glas langs mijn lichaam vliegen, maar ze raakten me niet.”
“Ik wist dat het een wonder was, fysiek was het onmogelijk. Mijn dood was zeker. Mijn twee broers en zussen waren naast me, maar het stof was zo dik dat ik ze niet kon zien. Even was het angstaanjagend omdat ik niet wist of ze nog leefden. Toen alles weer rustig was, zag ik dat ze helemaal ongedeerd waren. Het wonder dat mij was overkomen, was ook hen overkomen”, vertelt de jonge vrouw.
Uiteindelijk bereikte haar familie Engeland en vond ze rust. Het geloof bleef een veilige haven voor hen, maar Sofia kon niet vermoeden wat God nog voor haar in petto had. Toen Wereldjongerendagen 2023 naderden, solliciteerde ze naar een functie bij Ensemble 23, een groep jonge dansers die zou optreden tijdens enkele belangrijke evenementen van de bijeenkomst. Tot haar grote verrassing werd ze aangenomen.
“Ik besefte dat dit het mooiste cadeau was dat God me kon geven. Ik ontmoette nieuwe mensen met verschillende achtergronden. We werden gezien door katholieken uit de hele wereld. Ik kon een boodschapper van Gods woord zijn. We deden een Via Crucis en aan het einde konden we voelen hoe we de harten van andere mensen hadden geraakt. We konden de emotie op hun gezichten zien.”
“De paus keek naar ons en gebaarde ons om naar hem toe te komen. Toen barstte ik in tranen uit voor zijn voeten en legde hij zijn hand op mijn hoofd. Na alles wat ik had meegemaakt, voelde zijn hand zachter aan dan wat dan ook ter wereld. Mijn vertrouwen in God deed me beseffen hoe Hij al zo lang bij me was geweest, hoe Hij me had beschermd tegen de dood, verkrachting, schoten, ontvoering en alle verschrikkelijke dingen die ze ons christenen aandeden”, zegt Sofia in de documentaire, die hier te bekijken is.
Het getuigenis van de jonge Iraakse vrouw eindigt met een ontroerende uitspraak. “Ze zijn vergeven. Alle mensen die mij in het verleden pijn hebben gedaan. Gods liefde is groter dan alle menselijk kwaad. Als Jezus naar de aarde kwam, stierf aan het kruis en hen vergaf, wie ben ik dan om niet te vergeven?”
Toen islamitische terroristen christenen zoals Sofia dwongen hun vaderland te ontvluchten, kwamen weldoeners van Kerk in Nood (ACN) in actie. Ze steunden direct noodhulp en hielpen de wederopbouw van huizen in christelijke dorpen in Irak financieren. Daardoor kon de bevolking terugkeren. De pauselijke stichting blijft nauw samenwerken met de lokale kerken in zowel Irak als Syrië om een blijvende christelijke aanwezigheid in de regio te ondersteunen.
Geestelijken en religieuzen in Gaza trotseren een evacuatiebevel van Israël om de stad te verlaten. Ondanks een grondoffensief om Gaza-stad, blijven zij kwetsbare mensen bijstaan die hun toevlucht hebben gezocht op het terrein van de Latijns-katholieke en Grieks-orthodoxe kerken.
De patriarchen van beide Kerken in Jeruzalem melden dat op dinsdag 26 augustus in een verklaring aan onder meer de katholieke hulporganisatie Kerk in Nood (ACN).
“Sinds het uitbreken van de oorlog zijn het Grieks-orthodoxe complex van Sint-Porphyrius en het [katholieke] complex van de Heilige Familie een toevluchtsoord voor honderden burgers. Onder hen bevinden zich ouderen, vrouwen en kinderen. In het Latijnse complex vangen we al vele jaren mensen met een handicap op, die worden verzorgd door de zusters van de Missionarissen van Naastenliefde [beter bekend als de zusters van Moeder Teresa]", aldus kardinaal-patriarch Pierbattista Pizzaballa en patriarch Theophilos III.
“Net als andere inwoners van Gaza-stad zullen de vluchtelingen die in de complexen verblijven, naar eigen geweten moeten beslissen wat ze gaan doen. Veel van degenen die hun toevlucht hebben gezocht binnen de muren van de complexen, zijn verzwakt en ondervoed als gevolg van de ontberingen van de afgelopen maanden. Gaza-stad verlaten en proberen naar het zuiden te vluchten zou neerkomen op een doodvonnis”, aldus de patriarchen. “Om deze reden hebben de geestelijken en zusters besloten te blijven en te door te gaan met zorgen voor iedereen die zich in de complexen bevindt.”
De christelijke leiders citeren paus Leo XIV om te zeggen dat de voortdurende campagne van Israël tegen Gaza en het vasthouden van Israëlische gijzelaars door Palestijnse facties geen oplossing kunnen zijn. "We weten niet precies wat er ter plaatse zal gebeuren, niet alleen voor onze gemeenschap, maar voor de hele bevolking. We kunnen alleen maar herhalen wat we al hebben gezegd: er kan geen toekomst zijn op basis van gevangenschap, ontheemding van Palestijnen of wraak. We herhalen wat paus Leo XIV een paar dagen geleden zei: ‘Alle volkeren, zelfs de kleinste en zwakste, moeten door de machtigen worden gerespecteerd in hun identiteit en rechten, vooral het recht om in hun eigen land te leven; en niemand mag hen tot ballingschap dwingen.’“
De patriarchen roepen op om ”een einde te maken aan deze spiraal van geweld, een einde te maken aan de oorlog en voorrang te geven aan het algemeen belang van de bevolking. Er is genoeg verwoesting geweest, in de gebieden en in het leven van de mensen. Er is geen reden om burgers als gevangenen en gijzelaars in dramatische omstandigheden vast te houden. Het is nu tijd voor genezing van de families die aan alle kanten lang lijden.“ Zij roepen de internationale gemeenschap verder op om ”op te treden voor een einde aan deze zinloze en destructieve oorlog, en voor de terugkeer van de vermiste personen en de Israëlische gijzelaars".
Toen de oorlog in Gaza in 2023 begon, zochten christenen hun toevlucht in de katholieke en orthodoxe parochiecomplexen, die dicht bij elkaar liggen. Momenteel wonen er ongeveer 550 christenen, gelijk verdeeld over katholieken en orthodoxen, in de katholieke parochie van de Heilige Familie. Onder hen ruim 70 mensen met een handicap die worden verzorgd door de zusters van Moeder Teresa. Nog eens 150 mensen wonen in het orthodoxe complex.
De Latijnse parochie is een essentiële toevluchtsoord geworden. Het biedt niet alleen christenen onderdak, medicijnen en ondersteuning, maar biedt hulp aan duizenden mensen buiten het complex die geen basisvoorzieningen hebben. Sinds het begin van de oorlog zijn verschillende christenen omgekomen. Bij een recente Israëlische aanval op de katholieke kerk vielen drie doden en diverse gewonden.
Kerk in Nood (ACN) steunt christenen op de Westelijke Jordaanoever en in Gaza al jaren. In een recent bericht aan de hulporganisatie bedankt het patriarchaat de weldoeners van Kerk in Nood (ACN) voor hun steun. “Wij danken ieder van u voor uw liefde en toewijding aan het Heilige Land, vooral in deze moeilijke tijden. Sinds het uitbreken van deze afschuwelijke oorlog hebt u blijk gegeven van de grootste vrijgevigheid en verantwoordelijkheid. Daardoor hebben wij zoveel kunnen doen voor de armste en meest kwetsbare gemeenschappen in de hele regio!” De christenen in het Heilig Land steunen kan nog steeds via deze pagina.
Foto: © Latin Patriarchate of Jerusalem
De scholen zijn begonnen. In Nederland lezen we het op spandoeken langs scholen en boven wegen. Niet alleen in ons land krijgen kinderen en jongeren les. Van kleuterscholen tot universiteiten: veel leerlingen krijgen onderwijs dankzij door u gefinancierde programma's.
Nu in veel delen van de wereld het nieuwe schooljaar begint, worden duizenden kinderen in Burkina Faso, Nigeria, Syrië, Libanon en andere crisislanden geconfronteerd met grote obstakels om weer naar school te gaan. Voor hen wordt onderwijs vaak mogelijk gemaakt dankzij de steun van weldoeners van Kerk in Nood (ACN).
In het schooljaar 2024-2025 hebben 3.895 leraren een toelage ontvangen en hebben 12.373 leerlingen in acht landen een directe studiebeurs gekregen. Dit niet alleen om onderwijs te bevorderen, maar ook om christelijke gezinnen te helpen in hun vaderland te blijven ondanks vervolging, ontheemding en zelfs de dreiging van uitsterven.
Een school is dan ook meer dan een plek om te leren: het is een toevluchtsoord, een plaats van stabiliteit, een plaats waar u de lokale Kerk ondersteunt bij het dragen van de enorme uitdaging: hoop bieden voor christelijke gemeenschappen om te overleven waar hun toekomst ernstig wordt bedreigd.
De steun komt in vele vormen via Kerk in Nood (ACN): van materialen, zoals computers en printers aan de Christus Koning Basisschool in het bisdom Yei in Zuid-Sudan, tot het bouwen van schoolgebouwen in plaatsen als Erbil in Irak, en voor scholing aan christenen die hun huizen en dorpen hebben moeten ontvluchten in Burkina Faso.
Scholen in Pakistan hebben nu zonnepanelen, waardoor ze hun energiekosten kunnen verlagen en zelfvoorzienend zijn. Daarnaast hielp Kerk in Nood (ACN) bij de financiering van een programma om kinderen weer naar school te krijgen die om diverse redenen hun studie hadden opgegeven.
Er waren ook specifieke projecten voor vluchtelingen, zoals voor 200 Iraakse studenten in Jordanië. Zij kunnen hun opleiding voortzetten dankzij financiering voor het Messengers of Peace Center in Marka, Amman.
Syrië is een van de landen waar Kerk in Nood de meeste projecten heeft ondersteund. Zo hebben weldoeners met noodhulp onder meer 20 scholen opengehouden en bijgedragen aan het salaris van honderden leraren. Deze financiering is oecumenisch van aard en omvat ook scholen die de orthodoxe Kerk beheert.
Libanon is een ander voorbeeld van de toewijding van de weldoeners van Kerk in Nood om christelijke scholen te helpen. Het land heeft het afgelopen decennium te maken gehad met grote instabiliteit. Zo kent het een verlammende financiële crisis, langdurige politieke en sociale onrust en meerdere conflicten met Israël. Een explosie in de haven van Beiroet in 2020 heeft bovendien een hele wijk van de hoofdstad verwoest.
Zonder steun zouden veel gezinnen hun schoolgeld niet hebben kunnen betalen en zouden scholen hun leraren niet hebben kunnen betalen. In totaal geven donateurs financiële steun aan 191 scholen in Libanon. Deze worden door meer dan 170.000 leerlingen bezocht. Tussen leraren en leerlingen ontvangen meer dan 11.000 mensen directe hulp van de weldoeners van Kerk in Nood.
De afgelopen jaren hebben naar schatting meer dan 17.000 leerlingen christelijke scholen verlaten vanwege de instabiliteit in het land. Velen van hen zijn naar openbare scholen gegaan omdat ze het schoolgeld voor particuliere christelijke scholen niet meer konden betalen. Een groot aantal heeft het land met hun familie helemaal verlaten. De steun van de stichting is een belangrijke factor in het tegengaan van de uittocht van christenen uit Libanon.
De meeste activiteiten van Kerk in Nood op het gebied van onderwijs zijn gericht op kinderen. Maar de weldoeners hebben ook veel universiteitsstudenten geholpen hun studie af te ronden. De steun aan de Katholieke Universiteit van Erbil (CUE) is bijvoorbeeld van cruciaal belang geweest. Het stelt de Kerk in staat een broodnodige hoogwaardige dienstverlening te bieden in een land dat nog steeds herstellende is van jaren van moeilijkheden, bloedvergieten en vervolging.
Bijna 300 studenten van de CUE ontvangen een studiebeurs van weldoeners. Onder hen voornamelijk christenen, maar ook studenten uit de overwegend islamitische bevolking en uit andere minderheden, zoals de zwaar vervolgde yezidi's.
Nu scholen en universiteiten op het noordelijk halfrond weer een nieuw academisch jaar beginnen, zijn dit slechts enkele van de voorbeelden die laten zien hoe weldoeners van Kerk in Nood wereldwijd een toekomst geven via christelijk onderwijs.
De Heilige Familiekerk, de enige katholieke kerk in de Gazastrook, werd donderdag 17 juli getroffen door een aanval die de gemeenschap in pijn en onzekerheid achterliet. Een granaat, afgevuurd vanuit een Israëlische tank, doodde drie en verwondde vijftien andere. Kerk in Nood (ACN) sprak met de gewonde pastoor, pater Gabriel Romanelli.
“Het zijn en blijven zeer zware dagen”, begint pater Romanelli, missionaris van het Instituut van het Vleesgeworden Woord in een videoboodschap op YouTube. De stem van de Argentijnse priester geeft de ernst weer van het drama dat de kleine christelijke gemeenschap van Gaza doormaakt. Slechts een paar honderd gelovigen leven nu op het terrein van de parochie.
Op de dag van de tragedie had pater Gabriel net het ochtendgebed en een vergadering achter de rug toen hij Suhail tegenkwam. De jonge postulant van het Instituut van het Vleesgeworden Woord stond op de trap. “We hadden elkaar nog niet eens begroet toen er een enorme explosie klonk. Geschreeuw, stof, puin... alles gebeurde heel snel”, zegt de priester. De realiteit van de aanval werd na enkele seconden duidelijk. “Ik voelde de explosie; ik zag stukken muur en plafond vallen. Ik probeerde onmiddellijk degenen te helpen die door granaatscherven en puin waren geraakt”, legt pater Gabriel uit.
Suhail werd door granaatscherven in zijn zij geraakt en werd in ernstige toestand naar het ziekenhuis gebracht. De priester zelf raakte gewond aan zijn been en zij, maar kon de anderen blijven helpen tot hij later medische hulp kreeg. Alleen een wonder heeft voorkomen dat er meer dan 40 slachtoffers zijn gevallen. Dat aantal mensen is normaal gesproken aanwezig op het plein tegenover de ingang van de kerk.
Tussen de 500 en 600 ontheemden zijn ondergebracht in de parochiegebouwen: “Kinderen, ouderen, veel zieken en mensen met een handicap”, aldus de missionaris. Twee oudere vrouwen kwamen om het leven bij de aanval, een van hen was de grootmoeder van Suhail, het derde slachtoffer was de poortwachter die buiten de kerk aan het werk was.
“Het is enorm pijnlijk om deze mensen te zien vertrekken, die ons zo dierbaar waren en met wie we elke dag samen waren”, klaagt de missionaris.
In een tweede bericht aan de pauselijke stichting Kerk in Nood (ACN), geeft de priester commentaar op de situatie in Gaza: “De oorlog gaat vandaag door. Er vallen veel doden. De cijfers zijn angstaanjagend. [...] De hitte is drukkend. Vandaag was het 42 graden en ze zeggen dat het zo zal blijven. De bombardementen houden niet op. [...] We hebben zelfs bombardementen van dichtbij gehad, met enkele granaatscherven. Want degenen die dat hebben meegemaakt, weten dat granaatscherven helaas niet alleen lawaai maken, maar ook verwonden en doden.”
Pater Gabriel vertelt over de twee ernstig gewonden die nog in het ziekenhuis liggen. “Met Nayib, een jonge man in een rolstoel, met een wond in zijn long, gaat het beter. Hij bidt, is altijd erg gelovig geweest en vraagt om gebed. Hij ligt nog steeds in het ziekenhuis. De omstandigheden in het ziekenhuis waar hij ligt, zijn erbarmelijk. [...] De meeste ziekenhuizen in de strook zijn verwoest. De andere is onze jonge postulant Suhail, 19 jaar, die een zware operatie heeft ondergaan, en nu geduld moet hebben tijdens zijn herstel.”
Pater Gabriel benadrukt in zijn berichten het driedaagse bezoek van de Latijnse patriarch van Jeruzalem, kardinaal Pierbattista Pizzaballa, die op vrijdag 18 juli samen met de Grieks-orthodoxe patriarch Theophilus III is aangekomen. “Het is een zegen voor de mensen om hem hier te hebben, om met hem te bidden, hem te zien, om zijn zegen te vragen, naar hem te luisteren zodat hij ons kan troosten”, zegt pater Gabriel.
De priester benadrukt de solidariteit van paus Leo XIV, die de parochie heeft gebeld en met de priesters en religieuze zusters heeft gesproken om zijn nabijheid te betuigen na de explosie. Hij heeft ook meerdere keren met kardinaal Pizzaballa gesproken, onder meer tijdens diens verblijf in Gaza. “Internationale steun is nu essentieel”, legt pater Gabriel uit: “Het moedigt ons aan om door te gaan; het herinnert ons eraan dat we niet alleen zijn, ook al is de pijn enorm.”
De Israëlische autoriteiten hebben bevestigd dat de aanslag wordt onderzocht. De christelijke leiders herinneren eraan dat niemand verantwoordelijk is gesteld voor een soortgelijk geval in 2023. In hun verklaring na de aanslag zeiden de patriarchen en hoofden van de kerken van Jeruzalem:
“Gebedshuizen zijn heilige plaatsen die veilig moeten worden gehouden. Ze worden ook beschermd door het internationaal recht. Het aanvallen van een kerk waar ongeveer 600 vluchtelingen verblijven, waaronder kinderen met speciale behoeften, is een schending van deze wetten. Het is een belediging van de menselijke waardigheid, een schending van de heiligheid van het menselijk leven en een ontheiliging van een heilige plaats.”
De kerkleiders roepen de wereldleiders en de organisaties van de Verenigde Naties op om te werken aan een onmiddellijk staakt-het-vuren in Gaza dat leidt tot het einde van deze oorlog. “Wij smeken hun ook om de bescherming van alle religieuze en humanitaire plaatsen te garanderen en te voorzien in hulp voor de hongerlijdende bevolking in de hele Gazastrook.”
Pater Gabriel sluit zijn boodschap af met een soortgelijk verzoek: “Bid voor vrede, voor het staken van het geweld. Hier is het leven onleefbaar geworden voor iedereen, vooral voor de meest kwetsbaren. We bidden dat de christelijke gemeenschap door gebed en hulp een getuige van hoop kan blijven.”
De noodhulp van Kerk in Nood (ACN) voor christenen op de Westelijke Jordaanoever en in Gaza wordt via het patriarchaat verstrekt. In een recent bericht aan de hulporganisatie bedankt het patriarchaat de weldoeners van Kerk in Nood (ACN) voor hun steun: “Wij danken ieder van u voor uw liefde en toewijding aan het Heilige Land, vooral in deze moeilijke tijden. Sinds het uitbreken van deze afschuwelijke oorlog hebt u blijk gegeven van de grootste vrijgevigheid en verantwoordelijkheid. Daardoor hebben wij zoveel kunnen doen voor de armste en meest kwetsbare gemeenschappen in de hele regio!” De christenen in het Heilig Land steunen kan nog steeds via deze pagina.
Foto @lpj.org: patriarch Pizzaballa bezoekt de parochie van de Heilige Familie en andere plaatsen in Gaza.
Meer dan 600 kinderen en jongeren in het Heilige Land – zowel Arabisch als Hebreeuws sprekende jonge mensen – hebben een week lang plezier en vrijheid kunnen beleven dankzij de lokale Kerk en de pauselijke stichting Kerk in Nood (ACN). Door de escalatie van het conflict tussen Israël en Iran was het dit jaar nog belangrijker om even aan de moeilijkheden van het dagelijks leven te kunnen ontsnappen. Bovendien weten we dat extremisten het tegenwoordig ook op christelijke doelen op de Westelijke Jordaanoever gemunt hebben (ZIE https://kerkinnood.nl/actueel/kerkleiders-stop-aanvallen-op-christenen-westelijke-jordaanoever/).
Kerk in Nood steunt heel bewust katholieke zomerkampen. Zo organiseert ook het Latijns Patriarchaat van Jeruzalem katholieke zomerkampen voor kinderen. Sinds het begin van de oorlog in Gaza zijn deze kampen nog belangrijker geworden, maar dit jaar, met de extra stress van het open conflict met Iran in juni, was de verlichting voor de kinderen en jongvolwassenen meer dan welkom.
Fr. Louis Salman is kapelaan van de organisatie Youth of Jesus’ Homeland (YJH), die jonge christenen in de Westelijke Jordaanoever bijstaat. Hij was met een groep jonge kinderen op een zomerkamp voor kinderen toen Iran voor het eerst raketten op Israël afvuurde. De angst die iedereen op dat moment voelde was overweldigend.
“De raketten begonnen een dag na het begin van ons kamp te vliegen. Natuurlijk waren ze bang. Hun ouders belden ons om te zeggen dat ze naar huis wilden. Maar we hebben hen overtuigd om ze te laten blijven”, vertelt pater Louis Salman aan Kerk in Nood.
"Uiteindelijk bleek dat een goede beslissing te zijn, zegt hij. “We kregen 10-15 minuten voor elke aanval een bericht via het telefoonnetwerk. Daardoor konden we hen op tijd in de zaal verzamelen en een feestelijke sfeer creëren. Daar konden we met hen over Jezus praten. De raketten boven hun hoofd hoefden ze dan niet te zien. Het was beter voor hen om bij ons te zijn dan thuis. We waren daar als gemeenschap, we hadden plezier en hen hielpen om niet bang te zijn. Maar het was toch een heel vreemde ervaring”, legt de jonge priester uit.
De YJH organiseert in totaal vijf verschillende kampen voor 500 jongeren in verschillende leeftijdsgroepen Daaronder is een kamp voor werkende jongeren onder de 22. Geloofsvorming is een belangrijk onderdeel van de katholieke zomerkampen voor kinderen. "Bovenal", zegt pater Salman, "geven de kampen jonge christenen in de Westelijke Jordaanoever een voorproefje van een ander leven. Dat is zo belangrijk, omdat ze vrijheid ademen. Thuis kunnen ze hun vrienden niet bezoeken vanwege de wegversperringen en controleposten. Voor hen is het dus belangrijk om daar te zijn.”
Ondertussen vinden er ook andere kampen plaats in het Heilige Land voor jonge Hebreeuws-sprekende katholieken die met totaal andere realiteiten en uitdagingen worden geconfronteerd
Monika Faes is coördinator bij het vicariaat St. James. Ze vertelt Kerk in Nood (ACN) hoe belangrijk deze kansen zijn voor de kinderen van de gemeenschap. “De meeste kinderen die naar de kampen gaan, zijn migranten zonder papieren. Ze zijn al getraumatiseerd door de voortdurende angst om te worden uitgezet. Nu moesten ze twaalf dagen in schuilkelders doorbrengen. Door hen naar de kampen te brengen krijgen ze de kans om weer gewoon kind te zijn! Want we houden heel bewust rekening met hun trauma's.
“Gedurende het hele jaar organiseren wij catechese. Dat wordt in deze kampen voortgezet. We hebben geweldige reacties gekregen. Sommigen van hen vertelden hoe belangrijk het voor hen was om deze momenten van verbondenheid met God te hebben. Of ze vertellen dat ze blij zijn dat het pastorale team en de priesters er waren. Dit is erg belangrijk voor hen omdat ze zo'n minderheid vormen. Ze zijn een minderheid omdat ze geen papieren hebben. Soms hebben ze het gevoel dat ze hier niet thuishoren. Ze zijn ook een minderheid omdat ze christenen zijn. Het geeft hen dus echt kracht om met Jezus te blijven wandelen."
Monika Faes en pater Louis Salman dienen heel verschillende gemeenschappen. Ze worden met verschillende uitdagingen geconfronteerd. Maar ze zijn het erover eens dat het zonder de financiële steun van Kerk in Nood niet mogelijk zou zijn om deze katholieke zomerkampen voor de kinderen in het Heilige Land te organiseren. “Deze hulp is van levensbelang. Die ouders werken hard, maar ze kunnen niet het hele bedrag betalen om hun kinderen naar de kampen te sturen. De extra kosten worden altijd gedekt door het vicariaat. We zijn echt een klein vicariaat, dus we zijn Kerk in Nood heel dankbaar”, zegt Monika Faes.
Libanon is een land met een rijke christelijke traditie, maar de situatie van christelijke gezinnen staat onder zware druk. De diepe economische crisis, politieke spanningen en blijvende onzekerheid maken het leven voor velen uitzichtloos. Prijzen rijzen de pan uit, en werkloosheid is wijdverspreid. Vooral voor gezinnen met kinderen zijn het zware tijden.
Toch blijft de Kerk aanwezig. In het zuiden van het land, in het bisdom Sidon, zetten priesters, religieuzen en vrijwilligers zich onvermoeibaar in voor kinderen en jongeren. Ze organiseren al meer dan dertig jaar een zomerkamp voor kinderen – veilige en hoopvolle momenten midden in de chaos. Voor veel kinderen is het kamp het enige uitje dat ze het hele jaar meemaken.
“Het zomerkamp voor kinderen is hét hoogtepunt van het jaar,” vertelt bisschop Maroun Ammar. “Een zomer met God helpt hen daardoor wortel te schieten in hun land en hun geloof.”
De kampen zijn kleinschalig, gedragen door lokale parochies en vrijwilligers. Maar toch zijn ze kostbaar: vervoer, maaltijden, begeleiding, materiaal en soms ook overnachting moeten allemaal bekostigd worden. Door de hoge inflatie en toenemende armoede kunnen ouders dat vaak niet meer zelf betalen.
Met steun van Kerk in Nood hoopt het bisdom dit jaar minstens vijf zomerkampen voor kinderen mogelijk te maken, verspreid over het zuiden van Libanon. De vraag is groot, de middelen schaars.
Een kamp kost per kind relatief weinig: voor slechts € 34 kunnen twee kinderen deelnemen. Toch is dat bedrag voor veel Libanese gezinnen onbereikbaar. Daarom ondersteunt Kerk in Nood deze kampen, zodat ook de armste kinderen een plek krijgen.
Uw steun maakt het mogelijk dat kinderen hoopvol de toekomst tegemoet kunnen gaan – geworteld in geloof, gedragen door de liefde van Christus, en omringd door mensen die naar hen omzien. Zoals kinderen in Nederland naar een zomerkamp kunnen (klik bijvoorbeeld hier) zo gunt u dat toch ook aan kinderen in Libanon?
Met uw gebed én een concrete bijdrage zorgt u ervoor dat kinderen in Libanon deze zomer mogen lachen, spelen en groeien in geloof. Een geschenk dat verder reikt dan één week: het raakt harten en draagt vrucht voor de toekomst.
Meer weten over het nieuws uit het Midden-Oosten? Klik dan hier
De economische crisis in Libanon heeft geleid tot een schrijnend tekort aan medicijnen, vooral voor kwetsbare kinderen met een verstandelijke of lichamelijke beperking. In het El-Saleeb ziekenhuis in Beiroet ziet zuster Marie Makhlouf dagelijks hoe kinderen lijden door het gebrek aan essentiële medicatie. Uw steun kan het verschil maken: met een gift van €19,45 voorziet u een kind van levensreddende medicijnen.
Ik zou willen dat u zuster Marie Makhlouf kon ontmoeten. U zou haar begrijpen, hoewel zij een ander leven in een ander land heeft. U zou haar zorgen begrijpen. De zorgen die zij heeft omdat ze een kind niet de hulp kan geven die het verdient. Zonder medicijnen krijgen sommige kinderen in haar ziekenhuis ernstige gedragsproblemen.
Zo begint een jongen zich ineens in zijn eigen arm te bijten, tot bloedens toe, wanhopig. Gelukkig liep het dit keer goed af voor het kind en onze zuster. Het treurige is dat dit had kunnen worden voorkomen. Heel eenvoudig eigenlijk: door het kind medicijnen te geven met uw donatie. En daarom kom ik bij u.
Iedere dag hopen de zusters van het El-Saleeb ziekenhuis in Beiroet dat u die persoon voor ‘hun’ kinderen wilt zijn. Kinderen met een verstandelijke en/of lichamelijke handicap die hen beperkt en verdrietig of onhandelbaar maakt. Deze kinderen hebben vaak niemand meer. Behalve de zusters in het ziekenhuis. Zusters die de kinderen alle liefde en aandacht geven die ze in zich hebben.
Als u in het ziekenhuis kon zijn, zou u met eigen ogen zien hoe de kinderen opbloeien en hoe dankbaar ze zijn. Maar al die liefde kan helaas niet voorkomen dat de kinderen in El-Saleeb lijden. Dat komt door de medicijncrisis in Libanon.
De mensen in Libanon voelen de economische crisis elke dag. Er was die vreselijke explosie in de haven van Beiroet die u zich misschien nog herinnert. De werkloosheid is enorm. Banktegoeden zijn bevroren. Salarissen zijn niet eens voldoende om naar het werk te reizen of om de huur te betalen. Onder hen Georgette, die voor haar kleinkinderen zorgt. Kerk in Nood sprak eerder met haar over haar situatie en de steun die ze nodig heeft in deze roerige tijden. Ontelbaar veel mensen lijden honger. In het bijzonder de gehandicapte kinderen.
Voor deze kinderen voeren de zusters in El-Saleeb een dagelijkse strijd voor hun bestaan. Een strijd om de kinderen die zij onder hun hoede hebben eten en drinken te geven. Én om hen van hun dagelijkse medicijnen te voorzien. Kinderen met epilepsie die elk moment een aanval kunnen krijgen. Hyperactieve tieners, afhankelijk van hun tabletten omdat ze anders niet eens in slaap vallen. De zusters zien deze arme kinderen lijden, dag in dag uit. Ze voelen zich machteloos. Want geld voor medicijnen - dat hebben ze niet.
Daarom vragen de zusters om steun. En daarom richt ik mij vandaag tot u, in de verwachting dat ik bij u aan het goede adres ben.
Wilt u deze kinderen met hun beperkingen helpen door vandaag een doos met levensreddende medicijnen te kopen? Een doos kost € 19,45. Daarmee verzacht u hun pijn, geeft u ze rust, laat u ze weer lachen, doet u ze hun ellende vergeten. Daarnaast verlicht u met uw gift de zorgen van de zusters. U helpt ze de kinderen zo goed mogelijk te verzorgen. Meer mag natuurlijk ook!
Weet in elk geval dat de zusters en de gehandicapte kinderen in El-Saleeb u onbeschrijfelijk dankbaar zijn voor uw steun en dat u om hen geeft. U bent echt hun reddende engel.
Voor veel ouders in Libanon is de toekomst van hun kinderen een grote zorg. Is er nog wel genoeg geld om het schoolgeld te betalen? U kunt hen helpen!
Want helaas is de economische situatie in Libanon zo slecht dat leraren door de overheid niet of te weinig betaald krijgen. Zij doen hun werk met veel liefde en brengen grote offers, maar hebben thuis ook kinderen die moeten eten.
Scholen hangt sluiting boven het hoofd omdat ze de leraren niet kunnen betalen of omdat ouders het schoolgeld niet kunnen opbrengen. U kunt ervoor zorgen dat kinderen op katholieke scholen onderwijs blijven krijgen! Geeft de kinderen vrede, vreugde en waardigheid.
Met uw bijdrage van € 41 kan een kind een maand naar school. En met uw bijdrage van € 145 kan een leraar ook thuis de eindjes aan elkaar knopen.
Helpt u mee, zodat christelijke gezinnen in dit land van de Bijbel blijven wonen?
U kunt hier doneren of hier:
Honderdduizenden jonge katholieken uit de hele wereld (ook uit Nederland) bereiden zich voor op de Wereldjongerendagen in Lissabon. Jongeren uit Syrië en Libanon kunnen er niet bij zijn. De situatie in deze landen is te kritiek.
Maar de bisschoppen zitten niet bij de pakken neer.
De bisschoppen willen in beide landen eigen Wereldjongerendagen oragniseren voor in totaal 2100 jongeren.
Helaas hebben de jongeren en de Kerk niet het geld om de organisatie te betalen.
Alleen met uw hulp kunnen deze evenementen doorgaan. Deze jonge mensen zijn de hoop van het christendom in het Midden-Oosten!
De jonge katholieken in Syrië en Libanon verdienen uw hulp. Klik op de donatiebutton en help mee.
Libanon telt 327 katholieke scholen. Door de verschrikkelijke economische crisis die Libanon doormaakt, kunnen veel ouders het schoolgeld voor hun kinderen niet meer betalen. Ook semi-openbare scholen hebben het zwaar. Hoewel ze recht hebben op overheidssubsidies, heeft de Libanese staat de afgelopen vier jaar de kosten niet gedekt.
Veel scholen zijn bijna failliet, kunnen de leraren niet betalen en worstelen om de middelen te vinden om overeind te blijven. Het grote risico is dat katholieke scholen gedwongen worden te sluiten. Het zou op langere termijn een ramp zou zijn voor de coëxistentie tussen religies. Katholieke scholen spelen een vitale rol in de betrekkingen tussen christenen en moslims in Libanon. Ze zijn een voorbeeld van coëxistentie voor het hele Midden-Oosten.
Een ander groot probleem voor veel scholen is de elektriciteitsvoorziening. Die functioneert al decennialang notoir slecht. Scholen zijn bij uitval afhankelijk van particuliere generatoren. Vóór de financiële crisis was dat al een enorme kostenpost. Het is een nachtmerrie voor de toekomst van de scholen.
Vindt u ook dat Libanese kinderen naar school moeten kunnen gaan? Wilt u hun een zorgeloze toekomst geven? Maakt u hun dromen waar, zodat de kunnen helpen het land op te bouwen? Voor € 41,00 kan een Libanese scholier een maand naar school. Of geef de helft (€ 20,50) dan is er vast wel een andere weldoener die de andere helft geeft. Met € 145,00 helpt u een docent met een extra toelage de dure decembermaand te overbruggen. Laat uw hart spreken en geef hoop aan de scholieren van Libanon.
"Ik vraag dat God het werk van Kerk in Nood wil zegenen."
Kerk in Nood
Peperstraat 11-13
5211 KM 's Hertogenbosch
info@kerkinnood.nl
(073) 613 08 20
Telefoonnummer call centre (073) 220 40 94
NL27 ABNA 0503 0402 31
RSIN/ANBI 2865841; KVK 41080169
Contactformulier
Projectaanvragen
Privacybeleid
Stichting Kerk in Nood/Voorheen Oostpriesterhulp Nederland
COPYRIGHT © 2025 ACN NEDERLAND - KERK IN NOOD