Burgeroorlog, economische crisis, politieke instabiliteit en de pandemie hebben de bevolking van het Midden-Oosten geteisterd. Velen zien geen toekomstperspectief meer en honderdduizenden zijn naar het buitenland gevlucht of leiden een miserabel leven als binnenlandse ontheemden. De regio blijft een prioriteit voor Kerk in Nood. Het primaire doel van onze hulp is om de Christenen er hoop te geven en hen te steunen om in hun thuisland te blijven, de bakermat van het christendom.

Veel Christenen in het Midden-Oosten lijden nog steeds onder de gevolgen van oorlog en IS-terreur. Ook de economische en politieke situatie boezemt de mensen angst in, zodat velen een betere toekomst in het buitenland blijven overwegen. Regelmatig ontvangen we berichten over aanslagen, intimidatie door milities en verhalen over de misère die het gevolg is van een mengeling van sancties, verwoesting en corruptie.






Een documentaire over de jarenlange genocide op Christenen in Irak en hun dilemma: blijven in wat eens de bakermat van het Christendom was... of vertrekken. Vanwege internationale filmrechten is deze film van CRTN, onderdeel van Kerk in Nood, alleen met een wachtwoord te zien. Meld u aan en krijg gratis toegang.
Een lichtpuntje voor de christenen in het Midden-Oosten was de reis van de paus naar Irak in maart 2021. Het bezoek bemoedigde de gelovigen en bood hen nieuw zelfvertrouwen - niet alleen in Irak zelf, maar in het hele Midden-Oosten. Christenen nieuwe hoop geven is ook ons doel in de regio. Zo konden we in 2021 voor meer dan 10,8 miljoen euro projecthulp verlenen in de prioritaire landen Syrië en Libanon. Dit omvatte noodhulp voor voedsel en medicijnen, steun voor senioren en studenten, materiële hulp voor zusters, Misintenties voor priesters en fondsen voor de wederopbouw van pastorale structuren, alsmede noodhulp voor kerkelijke scholen en ziekenhuizen.





In het Midden-Oosten is op diverse plaatsen de reguliere viering van Palmzondag verstoord. Zo heeft de Israëlische politie vanochtend de Latijnse patriarch van Jeruzalem verhinderd de Heilige Grafkerk in Jeruzalem binnen te gaan. Kardinaal Pierbattista Pizzaballa zou er samen met de Custos van het Heilig Land, pater Francesco Ielpo, de Palmzondagmis te vieren. Voor het eerst in eeuwen werd de kerkleiders verhinderd om de Palmzondagmis te vieren in de Heilige Grafkerk.
In een bericht noemt het Latijnse Patriarchaat de maatregelen “een duidelijk onredelijke en onevenredige maatregel” en “een extreme afwijking vormt van de basisprincipes van redelijkheid, vrijheid van godsdienst en respect voor de status quo”
Tegelijkertijd hebben we bericht ontvangen uit Syrië. Daar zijn de Palmzondagprocessies buiten de kerken in meerdere regio’s, waaronder Damascus en Aleppo, afgelast. De vieringen binnenin de kerken zijn doorgegaan. De processies in de open lucht werden opgeschort vanwege de aanhoudende onveiligheid en als teken van solidariteit na een aanval op een christelijk dorp, afgelopen vrijdag.
In Irak zijn in de bisdommen Erbil en Mosul processies in de open lucht geannuleerd, evenals evenementen voor gezinnen. De afgelopen twee weken hebben drones vanuit Iran aanvallen uitgevoerd op deze plaatsen. Daarbij werd onder meer een klooster in Ankawa, Erbil getroffen.
Kerk in Nood heeft haar diepe bezorgdheid uitgesproken over het feit dat op een van de heiligste dagen van de christelijke kalender de vrijheid van godsdienst is beperkt in de Heilige Stad, Irak en Syrië. Eerder gaf de patriarch al aan hoe hard christenen nodig zijn voor vrede in het Midden-Oosten.
De pauselijke stichting roept op tot gebed voor de lokale christenen, voor respect voor de Heilige Plaatsen en voor vrijheid van godsdienst. Eerder startte de organisatie een actie voor noodhulp aan christenen in het Midden-Oosten, die in de huidige situatie bijzonder kwetsbaar zijn.

Meer dan 200 christelijke leraren moeten mogelijk stoppen met lesgeven op scholen in Jeruzalem. Palestijnse leraren die in de bezette Westelijke Jordaanoever wonen en in het bezit zijn van een ‘groene kaart’ krijgen vanaf komend schooljaar geen nieuwe werkvergunning.
Het besluit van het Israëlische ministerie van Onderwijs vormt een bedreiging voor het voortbestaan van deze historische instellingen en de toekomst van het christelijk onderwijs in de Heilige Stad. Dat staat al enkele maanden onder ongekende druk.
Volgens de Onderwijscommissie van de Knesset, het Israëlische parlement, voldoen de diploma’s die behaald zijn op de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem niet aan de academische kwalificaties die vereist zijn om les te geven in deze gebieden.
Het secretariaat van Christelijke Scholen riep aan het begin van dit schooljaar al een staking van een week uit in alle christelijke scholen in Jeruzalem om de. Daarin eisten ze de vereiste vergunningen af te gegeven.
Onlangs, op 10 maart 2026, heeft het Israëlische Ministerie van Onderwijs een brief gestuurd aan schoolhoofden in Jeruzalem. Daarin dwingt het scholen leraren aan te werven die in de stad wonen en over door Israël afgegeven certificaten beschikken. In de praktijk zullen er geen werkvergunningen worden verleend aan Palestijnse leraren die in de Westelijke Jordaanoever wonen en een groene kaart hebben.
"Als dit besluit daadwerkelijk wordt uitgevoerd, komen onze christelijke scholen in een zeer moeilijke positie terecht. Het brengt hun voortbestaan in gevaar en zorgt ervoor dat ze hun christelijke missie verliezen", waarschuwt een medewerker van het Algemeen Secretariaat van Christelijke Scholen in het Heilig Land, die op voorwaarde van anonimiteit een interview gaf aan de pauselijke stichting Kerk in Nood (ACN).
Bijna 230 christelijke leraren, die in de Westelijke Jordaanoever wonen en in het bezit zijn van een groene kaart, werken op 15 christelijke scholen in Jeruzalem. "Verspreid over deze instellingen zou dit neerkomen op ongeveer 15 afwezige leraren per school, wat een grote verstoring voor onze leerlingen en onze teams tot gevolg zou hebben", benadrukte de medewerker.
De meeste van deze scholen, opgericht aan het einde van de 19e eeuw, hebben honderdduizenden leerlingen opgeleid, zowel christenen als moslims. Zij hebben een essentiële rol gespeeld op nationaal en interreligieus niveau. Ze werden specifiek opgericht om christelijk onderwijs te bevorderen en om het geloof en de christelijke aanwezigheid in Jeruzalem te behouden. "Er zijn echter niet genoeg christelijke leraren in Jeruzalem om het werk over te nemen. Op de lange termijn dreigen deze beperkingen het christelijke karakter van onze instellingen blijvend aan te tasten en het christelijk geloof en de christelijke aanwezigheid in de stad te verzwakken."
Bovendien werken de meeste van deze leraren al jaren op deze scholen en ontvangen ze een redelijk salaris. Beëindiging van hun dienstverband zou leiden tot ernstige financiële moeilijkheden voor hun gezinnen, in een context die al gekenmerkt wordt door de oorlog in Gaza en het huidige regionale conflict. Sommigen zullen wellicht gedwongen worden te emigreren op zoek naar een betere toekomst voor zichzelf en hun kinderen.
"De Kerk zal hen in deze moeilijke omstandigheden niet in de steek laten", verzekert de vertegenwoordiger. "We doen al het mogelijke en communiceren met alle mogelijke gesprekspartners binnen de Israëlische regering, ondanks de moeilijkheid om met hen in dialoog te treden." Ook hebben de scholen relevante juridische instanties benaderd. De plaatselijke Kerk staat ook voortdurend in contact met de Heilige Stoel en internationale instanties als Kerk in Nood (ACN) om er bij de Israëlische regering op aan te dringen haar besluit terug te draaien.
Gebed nodig
"Het is essentieel om dit probleem wereldwijd onder de aandacht te brengen. Als het besluit wordt uitgevoerd en gezinnen hun inkomen kwijtraken, zal ook financiële steun nodig zijn. Ten slotte is het goed om te bidden voor deze leraren en voor alle christenen in Jeruzalem en het Heilige Land, want gebed blijft de sleutel tot het hart van de Almachtige God, in het land dat Hij heeft gezegend en geheiligd.”

Na de recente escalatie van het conflict in Libanon breidt de pauselijke stichting Kerk in Nood (ACN) haar hulp aanzienlijk uit. De organisatie richt zich nu vooral op gezondheidszorg, ondersteuning van ontheemden en concrete hulp in zwaar getroffen regio’s.
Kerk in Nood wil helpen nieuwe medische hulpcentra op te richten in het zuiden van het land. Deze regio verkeert momenteel in een diepe crisis. Veel mensen overleden namelijk door gebrek aan spoedeisende zorg. In samenwerking met de Maronitische Katholieke Kerk gebruikt Kerk in Nood de bestaande infrastructuur voor een centrum in Qlayaa.
In de stad staan vrijwilligers en medisch personeel al klaar. Toch ontbreekt het aan medicijnen, apparatuur en financiële middelen. Dankzij haar weldoeners kan Kerk in Nood helpen de salarissen van medisch personeel te betalen en medicijnen en apparatuur te leveren.
De stad heeft een christelijke meerderheid en ligt op enkele kilometers van de Israëlische grens. Pater Pierre el-Raï bediende de gemeenschap eerder. Hij kwam op 9 maart om bij een aanslag door het Israëlische leger.
Ook dragen donateurs van Kerk in Nood bij aan noodhulpprojecten voor ontheemden. Zo ontvangen ongeveer 1500 mensen voedsel en basisbenodigdheden in het Maronitische bisdom Sidon. Zo'n 8000 ontheemden worden geholpen in de regio Baalbek, in de Bekaa-vallei. Parochies, diocesane instellingen en kloosters coördineren de zorg en vangen ontheemden op die momenteel verblijven in kerkgebouwen, bij gastgezinnen of in gehuurde appartementen. De Kerk helpt iedereen in nood, ongeacht religie.
Ondertussen raken de voorraden in Libanon snel uitgeput. Voedsel wordt steeds moeilijker verkrijgbaar. Bovendien vormt brandstoftekort een groeiend probleem. Veel infrastructuur draait namelijk op generatoren door aanhoudende stroomuitval, waarvoor extra steun nodig is.
De huidige hulp bouwt voort op een langdurige samenwerking tussen ACN en de Kerk in Libanon. Sinds de escalatie van geweld in het Midden-Oosten stelde Kerk in Nood al meer dan vier miljoen euro beschikbaar. Dat geld ging naar 72 projecten, waaronder onderwijs, voedselhulp, medische zorg en traumaverwerking. Zo helpen we kinderen om de trauma’s van het moeten vluchten en van geweld te verwerken en ondersteunen we gezinnen bij het omgaan met extreme omstandigheden.
Veel projecten zoals steun voor katholieke scholen en pastorale projecten voor psychologische begeleiding gaan door. Ondertussen blijft de situatie in Libanon gespannen. Ontheemden verspreiden zich over het hele land. Bovendien verandert het aantal hulpbehoevenden voortdurend. Daarom blijft goede coördinatie met lokale partners en hulporganisaties essentieel. Tegelijk blijft de Kerk voor veel mensen het belangrijkste aanspreekpunt. Het werk van Kerk in Nood in Libanon kenmerkt zich daarbij door een langetermijnvisie. Lokale coördinatoren benadrukken: “Onze kracht ligt in het feit dat we blijven.”
Wilt u christenen in het Midden-Oosten steunen in deze moeilijke tijden? Dan kan dat via onze speciale actiepagina.

Sinds de escalatie van het conflict in het Midden-Oosten is de zuidgrens van Libanon opnieuw een oorlogsgebied geworden. Pastoor Maroun Youssef Ghafari van Alma Sha'b, aan de grens met Israël, verloor zijn broer bij een aanval op het dorp. Toch besloot hij, ondanks het gevaar, bij zijn gemeenschap te blijven.
Afgelopen maandag, 9 maart, werd een medepriester gedood bij een Israëlische luchtaanval op zijn dorp. Vier burgers raakten ook gewond. Onder de slachtoffers bevinden zich inwoners en leden van de reddingsteams die na een eerste explosie te hulp waren gekomen.
Pierre al-Raï, een maronitische medepriester van pater Marouan uit het christelijke dorp Qlayaa was niet het laatste slachtoffer. Zijn vastberadenheid werd op dramatische wijze op de proef gesteld toen zijn broer Sami Ghafari (70) in de tuin van zijn huis, in hetzelfde dorp, omkwam bij een luchtaanval.
Hoewel Zuid-Libanon overwegend sjiitisch-islamitisch is, zijn er in de regio ook dorpen met een christelijke meerderheid, zoals Qlayaa, Marjayoun en Alma Sha'b. Het laatste dorp ligt op slechts twee kilometer van de Israëlische grens. Voordat de gevechten weer oplaaiden, telde het bijna 350 inwoners. Momenteel is dat aantal gedaald tot 100, waaronder volwassenen, kinderen en ouderen.
Ondanks de intensivering van de gevechten en de Israëlische evacuatiebevelen hebben veel inwoners ervoor gekozen om op hun land, in hun dorpen en kerken te blijven. Ze vrezen dat hun eigendommen en hun velden vernietigd worden als ze vertrekken. In een gesprek met de pauselijke stichting Kerk in Nood (ACN) vertelt Ghafari: "Wij steunen hen in deze beslissing. Wij blijven ondanks de oorlog.”
De pastoor van Alma Sha’b voegde eraan toe dat de gemeenschap een hoge prijs heeft betaald vanwege het conflict. “Ongeveer 90% van de huizen werd verwoest toen we eind december 2024 gedwongen moesten vertrekken. Wij denken dat als we weer vertrekken, om welke reden dan ook, we niet mogen terugkeren. Wat er over is, wordt dan opnieuw verwoest.”
De priester vertelde Kerk in Nood (ACN) dat andere christelijke dorpen in de buurt van de grens hetzelfde hebben besloten. “We hebben de nodige maatregelen genomen in overleg met de apostolische nuntius, de lokale kerk en de civiele autoriteiten en met de United Nations Interim Forces in Lebanon (UNIFIL). We hebben hen laten weten dat we niet vertrekken, ook al weten we dat er in oorlogstijd geen garanties zijn.”
De moord op zijn eigen broer op 8 maart heeft uiteraard diepe indruk op hem gemaakt en op de hele christelijke gemeenschap: “Het verlies van een Libanese burger die van zijn dorp Alma Sha’b hield, die totaal niets met het conflict te maken had en die bovendien mijn broer was, heeft ons in diepe droefheid achtergelaten. Oorlog brengt niets dan vernieling, dood en ontheemding.”
Ghafari voegde eraan toe: “Als priester en als christen beschouw ik Sami als een martelaar. Ze hebben hem vermoord. Ook pastoor Al-Raï werd vermoord terwijl hij zijn parochie diende. We bidden dat hun zielen in vrede mogen rusten en dat hun nagedachtenis een bron van troost en kracht mag zijn voor onze gemeenschappen.” Voor pater Ghafari is de beslissing om te blijven dan ook een daad van geloof. “Wij vertrouwen op de goddelijke voorzienigheid en op de voorspraak van de Maagd Maria, onze beschermster.”
De christenen in Libanon zijn het levende bewijs dat het christendom in het Midden-Oosten niet alleen een demografische realiteit is, maar ook een levende aanwezigheid, belichaamd door mannen en vrouwen die getuigen van hun gehechtheid aan hun geloof en aan hun land.
In die zin benadrukte de pastoor van Alma Sha'b het belang van gebed en praktische steun. “Als de universele Kerk zich niet bekommert om deze gemeenschappen die verspreid liggen langs de grens – en die zijn teruggebracht tot niet meer dan 15 beschadigde christelijke dorpen – lopen ze het risico hetzelfde lot te ondergaan als de christenen in het Heilige Land”, waarschuwt hij. “We hopen dat ze niet in de loop van de tijd verdwijnen. Door hun verbondenheid met hun heilige land geven ze het mooiste getuigenis van trouw en volharding.”
Pr. Ghafari is van mening dat het op dit moment prioriteit heeft om de veiligheid te waarborgen en de vrede te herstellen, en bedankt Kerk in Nood voor haar steun. “Namens de parochie, en in het bijzonder namens de armen – die het dichtst bij Jezus staan – wil ik onze oprechte dankbaarheid betuigen aan allen die ons steunen, in het bijzonder aan de weldoeners van Kerk in Nood, die ons terzijde heeft gestaan met materiële hulp, voedsel en medische benodigdheden.”
“Wij christenen hebben niets met deze oorlog te maken. We blijven toegewijd aan een cultuur van leven, dialoog en vrede. Wij bidden voor deze intentie in al onze dagelijkse missen en elke zondag. We blijven verenigd in gebed, met de katholieke kerk, christenen van over de hele wereld en alle mensen met gezond verstand, voor een einde aan deze ramp”, besluit hij.
Volgens de laatste informatie die na het schrijven van dit artikel is ontvangen, zal het dorp Alma Sha’b naar verwachting worden geëvacueerd vanwege de verslechterende veiligheidssituatie in het gebied.
Helpt u kwetsbare christenen in het Midden-Oosten nu zij uw steun nodig hebben? Kijk dan hier wat u kunt doen?

Een aanval met een drone beschadigde woensdag gebouwen van de kerk in de overwegend christelijke wijk van Erbil in Noord-Irak. Lokale christenen zijn er bang voor hun toekomst nu spanningen in het Midden-Oosten escaleren. Een interview met bisschop Warda van Erbil.
"Als er oorlog uitbreekt in het Midden-Oosten, worden we geconfronteerd met een nieuwe erosie, snel of langzaam. Blijven we? Hebben onze kinderen een toekomst?", aldus de Chaldeeuwse katholieke aartsbisschop Bashar Warda van Erbil in een verklaring aan Kerk in Nood (ACN). "We zijn bang voor bommen en onzekerheid. Onze hoop in Jezus is niet gebaseerd op politiek, maar op Gods trouwe aanwezigheid", voegde hij eraan toe.
De aanval beschadigde een gebouw dat eigendom is van het Chaldeeuwse aartsbisdom Erbil en het nabijgelegen klooster van de Chaldeeuwse Dochters van Maria Onbevlekt. Het complex diende als accommodatie voor jonge stellen en studenten van de Katholieke Universiteit in Erbil, die gedeeltelijk wordt gefinancierd door Kerk in Nood (ACN). Gelukkig vielen er geen slachtoffers.
Het appartementencomplex was enkele dagen eerder ontruimd vanwege dreigingen dat de nabijgelegen Amerikaanse militaire basis en de internationale luchthaven van Erbil doelwit zijn. De waarschuwingen volgden op Amerikaanse en Israëlische luchtaanvallen op Iran. Deze leidden tot het uitbreken van een oorlog in de regio.
Volgens John Neill, assistent en projectcoördinator van aartsbisschop Warda, is de gemeenschap diep geschokt door de aanslag: “We zijn erg bezorgd en geschokt. Oorlog is zo willekeurig. Het is een wonder dat niemand gewond lijkt te zijn geraakt. We bidden tot de Heilige Geest om iedereen te beschermen.”
Fadi Issa, de internationale vertegenwoordiger van Kerk in Nood in Noord-Irak, waarschuwde dat de veiligheidssituatie in het land snel verslechtert nu door Iran gesteunde milities raketten afvuren op Amerikaanse militaire bases. Sommige van die projectielen komen in bevolkte gebieden terecht.
Volgens Issa is het tempo van de raket- en drone-aanvallen op Erbil de afgelopen dagen toegenomen. Luchtverdedigingssystemen hebben sommige onderschept. Andere zijn neergestort in Ankawa, onder meer in de buurt van een kerk en woongebouwen.
Het nabijgelegen klooster – dat weldoeners van Kerk in Nood ook ondersteunen – maakt deel uit van een complex met een catechesecentrum en de kerk van St. Petrus en Paulus. Op drukke momenten krijgen er wel 1.000 jongeren les over het christendom.
Volgens Issa zijn christelijke gemeenschappen in de nabijgelegen Nineveh-vlakte steeds bezorgder over de mogelijkheid van een verdere escalatie. “Vandaag bidden gezinnen nog intenser. Ze hopen dat de vrede zal zegevieren en dat er een einde komt aan deze chaotische en zinloze oorlog”, zei hij. “Deze oorlog roept herinneringen op aan de gedwongen ontheemding van 2014. Mensen denken misschien opnieuw na over emigratie.”
Sommige christenen uit de Nineveh-vlakte, die in Erbil woonden, keren mogelijk terug naar hun geboorteplaatsen. Veel van de gezinnen die in Noord-Irak bleven nadat ze in 2014 waren gevlucht voor de invasie van Mosul en de Nineveh-vlakte door Islamitische Staat (ISIS) behielden hun huizen op de Vlakte van Nineveh.
De donateurs van Kerk in Nood (ACN) blijven de gemeenschap steunen. Zo dragen zij bij aan studiebeurzen voor studenten aan de Katholieke Universiteit in Erbil, catechese en andere christelijke onderwijsprogramma's, en het pastorale werk van de Kerk.

In het zuiden van Libanon is de maronitische priester Pierre El Rai omgekomen. De projectpartner van Kerk in Nood (ACN) hielp mensen die getroffen waren door een bombardement in een nabijgelegen gebied toen er opnieuw een aanval plaatsvond. De precieze omstandigheden van zijn dood worden nog onderzocht.
Pastoor Pierre El Rai werkte samen met kerk in Nood bij de ondersteuning van de pastorale activiteiten van de parochie Klayaa. De parochie in het Maronitische bisdom Tyrus bedient ongeveer 3.000 parochianen.
Kerk in Nood heeft ook berichten ontvangen dat Sami Ghafari (70) bij hetzelfde geweld om het leven omkwam. Hij was de broer van een andere Libanese priester. Ghafari werd vermoord in de tuin van zijn huis in het dorp Aalma el Chaab, een christelijk dorp dichtbij de grens.
Vertegenwoordigers van Kerk in Nood bezochten het dorp tijdens de wapenstilstand, vóór de huidige escalatie van het geweld. Ze vierden daar de Eucharistie met de plaatselijke parochiegemeenschap, onder wie Sami Ghafari.
De onveiligheid in Zuid-Libanon neemt de afgelopen dagen toe. Toch hebben veel priesters en religieuze zusters ervoor gekozen om bij hun gemeenschappen te blijven. Ook veel christelijke gezinnen zijn in hun dorpen gebleven, omdat ze hun huizen, land en middelen van bestaan niet willen opgeven.
Priester Pierre El Rai stond bekend om zijn inzet voor de lokale gemeenschappen en om zijn pastorale dienstbaarheid in een regio die bijzonder gekenmerkt wordt door instabiliteit en spanning.
Kerk in Nood vraagt om gebed voor zijn zielenrust, voor zijn familie en voor allen die door het geweld getroffen zijn. De stichting nodigt gelovigen over de hele wereld uit om ook te bidden voor vrede in Libanon en voor bescherming van de toch al kwetsbare christelijke gemeenschappen in de regio.

Libanon is een land met een rijke christelijke traditie, maar de situatie van christelijke gezinnen staat onder zware druk. De diepe economische crisis, politieke spanningen en blijvende onzekerheid maken het leven voor velen uitzichtloos. Prijzen rijzen de pan uit, en werkloosheid is wijdverspreid. Vooral voor gezinnen met kinderen zijn het zware tijden.
Toch blijft de Kerk aanwezig. In het zuiden van het land, in het bisdom Sidon, zetten priesters, religieuzen en vrijwilligers zich onvermoeibaar in voor kinderen en jongeren. Ze organiseren al meer dan dertig jaar een zomerkamp voor kinderen – veilige en hoopvolle momenten midden in de chaos. Voor veel kinderen is het kamp het enige uitje dat ze het hele jaar meemaken.
“Het zomerkamp voor kinderen is hét hoogtepunt van het jaar,” vertelt bisschop Maroun Ammar. “Een zomer met God helpt hen daardoor wortel te schieten in hun land en hun geloof.”
De kampen zijn kleinschalig, gedragen door lokale parochies en vrijwilligers. Maar toch zijn ze kostbaar: vervoer, maaltijden, begeleiding, materiaal en soms ook overnachting moeten allemaal bekostigd worden. Door de hoge inflatie en toenemende armoede kunnen ouders dat vaak niet meer zelf betalen.
Met steun van Kerk in Nood hoopt het bisdom dit jaar minstens vijf zomerkampen voor kinderen mogelijk te maken, verspreid over het zuiden van Libanon. De vraag is groot, de middelen schaars.
Een kamp kost per kind relatief weinig: voor slechts € 34 kunnen twee kinderen deelnemen. Toch is dat bedrag voor veel Libanese gezinnen onbereikbaar. Daarom ondersteunt Kerk in Nood deze kampen, zodat ook de armste kinderen een plek krijgen.
Uw steun maakt het mogelijk dat kinderen hoopvol de toekomst tegemoet kunnen gaan – geworteld in geloof, gedragen door de liefde van Christus, en omringd door mensen die naar hen omzien. Zoals kinderen in Nederland naar een zomerkamp kunnen (klik bijvoorbeeld hier) zo gunt u dat toch ook aan kinderen in Libanon?
Met uw gebed én een concrete bijdrage zorgt u ervoor dat kinderen in Libanon deze zomer mogen lachen, spelen en groeien in geloof. Een geschenk dat verder reikt dan één week: het raakt harten en draagt vrucht voor de toekomst.
Meer weten over het nieuws uit het Midden-Oosten? Klik dan hier

De economische crisis in Libanon heeft geleid tot een schrijnend tekort aan medicijnen, vooral voor kwetsbare kinderen met een verstandelijke of lichamelijke beperking. In het El-Saleeb ziekenhuis in Beiroet ziet zuster Marie Makhlouf dagelijks hoe kinderen lijden door het gebrek aan essentiële medicatie. Uw steun kan het verschil maken: met een gift van €19,45 voorziet u een kind van levensreddende medicijnen.
Ik zou willen dat u zuster Marie Makhlouf kon ontmoeten. U zou haar begrijpen, hoewel zij een ander leven in een ander land heeft. U zou haar zorgen begrijpen. De zorgen die zij heeft omdat ze een kind niet de hulp kan geven die het verdient. Zonder medicijnen krijgen sommige kinderen in haar ziekenhuis ernstige gedragsproblemen.
Zo begint een jongen zich ineens in zijn eigen arm te bijten, tot bloedens toe, wanhopig. Gelukkig liep het dit keer goed af voor het kind en onze zuster. Het treurige is dat dit had kunnen worden voorkomen. Heel eenvoudig eigenlijk: door het kind medicijnen te geven met uw donatie. En daarom kom ik bij u.
Iedere dag hopen de zusters van het El-Saleeb ziekenhuis in Beiroet dat u die persoon voor ‘hun’ kinderen wilt zijn. Kinderen met een verstandelijke en/of lichamelijke handicap die hen beperkt en verdrietig of onhandelbaar maakt. Deze kinderen hebben vaak niemand meer. Behalve de zusters in het ziekenhuis. Zusters die de kinderen alle liefde en aandacht geven die ze in zich hebben.
Als u in het ziekenhuis kon zijn, zou u met eigen ogen zien hoe de kinderen opbloeien en hoe dankbaar ze zijn. Maar al die liefde kan helaas niet voorkomen dat de kinderen in El-Saleeb lijden. Dat komt door de medicijncrisis in Libanon.
De mensen in Libanon voelen de economische crisis elke dag. Er was die vreselijke explosie in de haven van Beiroet die u zich misschien nog herinnert. De werkloosheid is enorm. Banktegoeden zijn bevroren. Salarissen zijn niet eens voldoende om naar het werk te reizen of om de huur te betalen. Onder hen Georgette, die voor haar kleinkinderen zorgt. Kerk in Nood sprak eerder met haar over haar situatie en de steun die ze nodig heeft in deze roerige tijden. Ontelbaar veel mensen lijden honger. In het bijzonder de gehandicapte kinderen.
Voor deze kinderen voeren de zusters in El-Saleeb een dagelijkse strijd voor hun bestaan. Een strijd om de kinderen die zij onder hun hoede hebben eten en drinken te geven. Én om hen van hun dagelijkse medicijnen te voorzien. Kinderen met epilepsie die elk moment een aanval kunnen krijgen. Hyperactieve tieners, afhankelijk van hun tabletten omdat ze anders niet eens in slaap vallen. De zusters zien deze arme kinderen lijden, dag in dag uit. Ze voelen zich machteloos. Want geld voor medicijnen - dat hebben ze niet.
Daarom vragen de zusters om steun. En daarom richt ik mij vandaag tot u, in de verwachting dat ik bij u aan het goede adres ben.
Wilt u deze kinderen met hun beperkingen helpen door vandaag een doos met levensreddende medicijnen te kopen? Een doos kost € 19,45. Daarmee verzacht u hun pijn, geeft u ze rust, laat u ze weer lachen, doet u ze hun ellende vergeten. Daarnaast verlicht u met uw gift de zorgen van de zusters. U helpt ze de kinderen zo goed mogelijk te verzorgen. Meer mag natuurlijk ook!
Weet in elk geval dat de zusters en de gehandicapte kinderen in El-Saleeb u onbeschrijfelijk dankbaar zijn voor uw steun en dat u om hen geeft. U bent echt hun reddende engel.

Voor veel ouders in Libanon is de toekomst van hun kinderen een grote zorg. Is er nog wel genoeg geld om het schoolgeld te betalen? U kunt hen helpen!
Want helaas is de economische situatie in Libanon zo slecht dat leraren door de overheid niet of te weinig betaald krijgen. Zij doen hun werk met veel liefde en brengen grote offers, maar hebben thuis ook kinderen die moeten eten.
Scholen hangt sluiting boven het hoofd omdat ze de leraren niet kunnen betalen of omdat ouders het schoolgeld niet kunnen opbrengen. U kunt ervoor zorgen dat kinderen op katholieke scholen onderwijs blijven krijgen! Geeft de kinderen vrede, vreugde en waardigheid.
Met uw bijdrage van € 41 kan een kind een maand naar school. En met uw bijdrage van € 145 kan een leraar ook thuis de eindjes aan elkaar knopen.
Helpt u mee, zodat christelijke gezinnen in dit land van de Bijbel blijven wonen?
U kunt hier doneren of hier:

Honderdduizenden jonge katholieken uit de hele wereld (ook uit Nederland) bereiden zich voor op de Wereldjongerendagen in Lissabon. Jongeren uit Syrië en Libanon kunnen er niet bij zijn. De situatie in deze landen is te kritiek.
Maar de bisschoppen zitten niet bij de pakken neer.
De bisschoppen willen in beide landen eigen Wereldjongerendagen oragniseren voor in totaal 2100 jongeren.
Helaas hebben de jongeren en de Kerk niet het geld om de organisatie te betalen.
Alleen met uw hulp kunnen deze evenementen doorgaan. Deze jonge mensen zijn de hoop van het christendom in het Midden-Oosten!
De jonge katholieken in Syrië en Libanon verdienen uw hulp. Klik op de donatiebutton en help mee.
"Ik vraag dat God het werk van Kerk in Nood wil zegenen."
Kerk in Nood
Peperstraat 11-13
5211 KM 's Hertogenbosch
info@kerkinnood.nl
(073) 613 08 20
Telefoonnummer call centre (073) 220 40 94
NL27 ABNA 0503 0402 31
RSIN/ANBI 2865841; KVK 41080169
Contactformulier
Projectaanvragen
Privacybeleid
Stichting Kerk in Nood/Voorheen Oostpriesterhulp Nederland

COPYRIGHT © 2026 ACN NEDERLAND - KERK IN NOOD