Naast armoede, droogte en politieke onrust heeft de Afrikaanse bevolking op veel plaatsen te lijden onder toenemend islamistisch geweld. Vooral in de Sahel, hebben jihadisten hun aanwezigheid verder geconsolideerd. Ook het terrorisme vormt in toenemende mate een bedreiging voor de kerk. In 2021 was Afrika opnieuw het continent met het hoogste aantal vermoorde priesters, religieuzen en toegewijde leken mensen. Ondanks alle uitdagingen blijft Afrika een continent van hoop voor de Kerk.

Samen met Azië is Afrika het continent met de meeste groei in het aantal christenen. Daarmee is hun situatie er recent echter niet makkelijker op geworden. Diverse landen en streken in Afrika kennen een toename van agressieve uitwassen van de Islam. In de Sahel-landen, Kenia en het vasteland van Tanzania is dit fenomeen betrekkelijk nieuw. Landen als de Democratische Republiek Congo en de Centraal Afrikaanse Republiek worden geplaagd door geweld en conflicten.





Het aantal aanvallen door gewapende islamisten is in vele delen van Afrika toegenomen. Van Mali en Burkina Faso tot Nigeria en Mozambique zijn er miljoenen christenen en moslims die op dit moment sterven, gewond raken en hun thuisland moeten inruilen voor troosteloze vluchtelingenkampen.
Met hulpprojecten voor in totaal ongeveer 28,5 miljoen euro (30,7% van de projecthulp) blijft Afrika een prioritaire regio voor Kerk in Nood. Toch blijft Afrika, ondanks alle uitdagingen, een continent van hoop voor de Kerk. Bijna één op de vijf katholieken in de wereld woont in Afrika. De Kerk is jong en groeit. Bijna één op de acht priesters, één op de acht zusters en meer dan een kwart van alle seminaristen wereldwijd wonen in Afrika. Kerk in Nood richt zich op de opleiding en training van deze priesters, religieuzen en leken, helpt bij de aanschaf van voertuigen die geschikt zijn voor off-road gebruik en ondersteunt de bouw van van kerken en kapellen.




In Kameroen blijven zusters dicht bij de mensen, ook waar onzekerheid en instabiliteit het dagelijks leven raken. Hun kracht vinden zij in gebed, gemeenschap en trouw aan hun roeping. Dankzij de liefdevolle steun van weldoeners konden 130 Tertiaire Zusters van Sint-Franciscus van Assisi deelnemen aan hun jaarlijkse retraite. Daar ontvingen zij nieuwe geestelijke kracht om Gods liefde te blijven brengen bij de mensen die aan hun zorg zijn toevertrouwd.
In Kameroen dragen de Tertiaire Zusters van Sint-Franciscus van Assisi dagelijks bij aan het leven van de Kerk. Hun congregatie telt een van de grootste aantallen geprofeste zusters van het land. Ook ontvangen zij veel nieuwe roepingen. Hun charisma richt zich op een contemplatief leven in het heden. Daarbij zoeken zij Gods wil in de tekenen en noden van deze tijd.
Juist daarom blijven de zusters dicht bij de mensen. Ook in delen van Kameroen waar onzekerheid en instabiliteit het dagelijks leven raken. Hun aanwezigheid is geen vanzelfsprekendheid. Toch blijven zij trouw aan hun missie, in gebed, dienstbaarheid en nabijheid.
Binnen hun congregatie horen dagelijkse meditatie en een jaarlijkse retraite bij het geestelijk leven. Door de onveiligheid in delen van Kameroen konden de zusters niet genoeg middelen bijeenbrengen voor hun jaarlijkse retraites.
Dankzij uw liefdevolle steun konden 130 zusters in 2026 toch deelnemen aan hun jaarlijkse retraite. Het thema was: “Effectiviteit van de missie door gebed”. De dagen boden ruimte voor geestelijke begeleiding, bezinning en hernieuwde verdieping van hun roeping.
De vruchten waren duidelijk zichtbaar. Zuster Camila schreef na afloop: “Ik ervoer opnieuw Gods liefde en roeping in mijn leven.” Ook vertelde zij: “Ik werd aangemoedigd om terug te keren naar de bron van mijn roeping. Zo herontdekte ik de vreugde om Gods volk te dienen.”
Zuster Anne Marie deelde eveneens hoe de retraite haar sterkte. “Ik vervul mijn verantwoordelijkheden nu met hernieuwd enthousiasme. Ook heb ik een sterker gevoel van doelgerichtheid.” Zij vertelde verder dat zij bewuster werkt aan positieve relaties. Ook wil zij mensen die worstelen bemoedigen en Gods liefde tonen door haar daden.
Uw betrokkenheid helpt deze zusters niet alleen om tot rust te komen. U helpt hen om vanuit gebed weer naar hun gemeenschappen terug te keren. Daar zetten zij hun dienst voort, met nieuwe kracht, geestelijke vernieuwing en trouw aan hun roeping.
Wilt u zusters zoals deze nabij blijven met uw gift? Met uw edelmoedige steun helpt u hen leven vanuit gebed. Zo kunnen zij Gods liefde blijven brengen bij de mensen die aan hun zorg zijn toevertrouwd. Doneer veilig via onze doneerpagina of maak uw donatie over op NL27 ABNA 0503 0402 31 onder vermelding van code 113.05.00 Uw gift gaat naar dit project of soortgelijke projecten in de regio.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


In de Centraal Afrikaanse Republiek hebben gelovigen zich eergisteren langs de kant van de weg verzameld om afscheid te nemen van vicaris Crépin Martial Monga. De priester - die als bemiddelaar in nauw contact stond met rebellenleiders en met de autoriteiten - werd maandag vermoord. Zijn lichaam moest vanuit gevaarlijk gebied worden opgehaald.
Zémio geldt als een bijzonder gevaarlijk gebied in een al instabiel land. Verschillende gewapende groepen zijn daar al drie decennia actief. Bovendien begon in mei 2025 een grootschalige opstand tegen de regering.
Gewapende mannen zouden de priester in de avond hebben doodgeschoten. Over de precieze omstandigheden is nog weinig bekend. Toch zeggen bronnen ter plaatse tegen Kerk in Nood (ACN) dat het geen ongeluk was. Volgens hen ging het zonder twijfel om een doelbewuste moord.
Bisschop Aurelio Gazzera van Bangassou prees de inzet van priester Crépin voor vrede en verzoening. De bisschop is projectpartner van Kerk in Nood (ACN). Ook heeft hij 35 jaar ervaring als missionaris in de Centraal-Afrikaanse Republiek.
“Op sommige momenten zorgden hij en de parochie voor meer dan 3.000 vluchtelingen bij de missie”, zei de bisschop. “Dat werk was heel belangrijk.”
Daarnaast onderhield pater Crépin veel contacten met rebellenleiders en met de autoriteiten. “Hij probeerde altijd te bemiddelen. Ook zocht hij naar oplossingen voor de conflicten”, zei bisschop Gazzera in een gesprek met Kerk in Nood (ACN).
Sommigen in het bisdom denken dat pater Crépin juist om zijn vredeswerk werd vermoord.
De bisschop legde uit hoe moeilijk het was om het lichaam van de priester terug te halen. De operatie was gevaarlijk door het terrein en de gewapende strijders in de regio.
“De wegen zijn in verschrikkelijke staat en zeer gevaarlijk”, zei hij. Toch raakte de tocht hem diep. “Toen wij zijn stoffelijk overschot vervoerden, verzamelden zich mensen langs de weg.”
Zij kwamen om hem vaarwel te zeggen en hun respect te tonen. “Dat waren zeer ontroerende taferelen”, zei de bisschop. “Ze lieten zien hoeveel liefde en respect de lokale bevolking voor hem voelde.”
Ook bij de uitvaart kwamen grote menigten bijeen.
Volgens bisschop Gazzera is de dood van pater Crépin een zware slag voor de gemeenschap. Toch mag het werk niet stilvallen. “Er bestaat de angst om de moed te verliezen”, zei hij. “Ook bestaat de angst dat al het goede werk tot stilstand komt.” Daarom sprak hij die ochtend de gemeenschap en zijn priesters toe. “Dit zaad valt in de aarde en sterft. Maar het draagt vrucht.”
“We mogen de moed niet verliezen”, vervolgde de bisschop. “Dat mogen we niet. We mogen niet toestaan dat dit offer tevergeefs is.” Volgens bisschop Gazzera moet de Kerk doorgaan met het werk dat pater Crépin begon. “Wij moeten verdergaan met wat hij is begonnen.”
De Centraal Afrikaanse Republiek is één van de landen waar het gevaarlijk is om priester te zijn. De afgelopen jaren hadden priesters er te maken met gericht bedreigingen, mijnen op de wegen en bandieten die geld willen.
© Foto : Diocese of Bagassou
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


De crisis in de Democratische Republiek Congo (DRC) verdiept zich. In het noorden van het land is een nieuw terreurfront ontstaan. Ondanks het gevaar en de dreiging van hongersnood blijven missionarissen bij de mensen. Zij willen hun gemeenschappen niet in de steek laten. Volgens hen zijn zij “levende tekenen van Gods aanwezigheid”.
In de noordelijke regio Opper-Uele hebben honderden mensen alles achtergelaten. Zij vluchtten uit hun dorpen, nadat onbekende terroristen het platteland teisterden.
Missionarissen in de DRC stuurden getuigenissen naar Kerk in Nood (ACN). Daaruit blijkt dat de situatie een humanitaire crisis veroorzaakt. Dorpsbewoners trekken massaal naar grotere steden. Die zijn echter slecht voorbereid op zo’n toestroom van intern ontheemden.
Volgens pater Claudino Gomes werd de stad Isiro onlangs “wakker door de massale aankomst van ontheemden”. Het ging om mensen uit “tientallen dorpen in de bush”. Sommigen legden ongeveer 125 kilometer te voet af om een veilig heenkomen te vinden.
"De situatie overviel iedereen", zegt de Comboni-missionaris. "Veel mensen dachten dat de gevechten in de DRC vooral in het oosten plaatsvonden. Daarbij ging het met name om de provincies Noord-Kivu en Zuid-Kivu."
De gemelde niveaus van geweld zijn schrijnend. Volgens de Comboni-missionaris doodden terroristen in Elimba meerdere mensen. Elimba is de gemeenschap van de parochie die het meest ver weg ligt. De slachtoffers waren bezig met kleinschalige goudwinning.
Ook het grote dorp Ndubala kreeg te maken met geweld en dood. “Iedereen vraagt zich af hoe lang dit geweld nog zal duren”, zegt de priester.
Toch reageerden lokale families in Isiro volgens pater Claudino bewonderenswaardig. Zij openden hun huizen voor de nieuwkomers. Sommige gezinnen namen tussen de tien en twintig mensen op. Ook de autoriteiten bouwen hulpstructuren op, onder meer in scholen. Daarnaast is de Kerk vanzelfsprekend betrokken geraakt.
“De ontheemden zijn opgevangen in kloosters en in katholieke en protestantse parochies in Isiro”, legt pater Claudino uit. “In de katholieke parochie van Sint-Anna, waar ik werk, vangen wij mensen op die onderdak nodig hebben. Ook ondersteunen wij de gezinnen die hun hart en hun deuren hebben geopend voor mensen die bijna met lege handen aankwamen. Op dit moment verblijven er 140 mensen bij ons. Daarnaast ondersteunen wij 40 gezinnen met rijst en bonen.”
Bijna alle katholieken uit de 40 gemeenschappen in de bush en de savanne verblijven nu in Isiro. Daarom vindt pater Claudino het vanzelfsprekend dat de Kerk hen helpt waar dat kan. Die hulp bestaat uit medische en pastorale ondersteuning. Soms dienen priesters de sacramenten toe. Op andere momenten luisteren zij vooral naar de mensen.
“We hebben ook voetbal, catechese en gebed voor de kinderen. De parochie van Sint-Anna is het geestelijke thuis geworden van alle ontheemden”, zegt pater Claudino. Hoewel iedereen op dit moment doet wat mogelijk is, blijven de noden groeien.
“De lokale economie is ingestort. Op de velden zijn de bonen- en pindaplantages verlaten, net toen ze klaar waren om geoogst te worden en met rijst ingezaaid te worden. Al het vee is verloren gegaan. Huizen zijn in brand gestoken. Alles is weg. Het spook van de honger is al zichtbaar”, waarschuwt de priester.
Kerk in Nood (ACN) ontving vergelijkbare verhalen van andere missionarissen. Pater Bienvenu Clemy is eveneens Comboni-missionaris. Hij is verantwoordelijk voor de parochie van Onze-Lieve-Vrouw van Smarten in Mungbere. Volgens hem heersen overal angst en onzekerheid.
“Mungbere is een kleine stad in de provincie Opper-Uele. Het is hier altijd vreedzaam geweest. Maar sinds ongeveer een maand bevinden wij ons in een moeilijke situatie. Dat komt door de onveiligheid die wordt veroorzaakt door de gevechten tussen het leger en de rebellen”, legt hij uit.
De meeste mensen sloegen op de vlucht. Toch besloot zijn gemeenschap te blijven. “De meeste mensen zijn gevlucht, maar onze gemeenschap besloot dat wij bij de armen moesten blijven. Er zijn hier mensen die geen familie hebben. Daarom zijn wij bij hen gebleven.”
Volgens pater Bienvenu is voedsel nu het grootste probleem. Mensen kunnen niet langer de bush in om hun akkers te verzorgen. “Wij proberen het vol te houden. We delen wat wij hebben en we bidden dat de situatie tot rust komt”, zegt de priester in een videoboodschap aan Kerk in Nood (ACN).
Ook pater Marcelo Oliveira, een derde Comboni-missionaris, deed via Kerk in Nood (ACN) een dringende oproep tot solidariteit. Hij verblijft momenteel in Kinshasa.
De missionarissen zullen volgens hem bij de mensen blijven, wat er ook gebeurt. “God laat zijn volk niet in de steek. Hij gaat met hen mee. Daarom zullen wij, missionarissen, het volk blijven begeleiden, ondanks vervolging, zelfs in lijden, zelfs wanneer wij niet genoeg hebben. Wij zullen bij de mensen blijven. Wij zijn levende tekenen van Gods aanwezigheid”, besluit hij.
Die aanwezigheid is mede mogelijk dankzij de hulp van projecten van Kerk in Nood (ACN) in de regio. De stichting financiert pastorale initiatieven, zoals retraites en vorming voor catechisten. Ook helpt Kerk in Nood (ACN) de plaatselijke clerus met misintenties.
Kerk in Nood (ACN) roept al haar vrienden en weldoeners op om in deze moeilijke tijd te bidden voor de Kerk in de DRC.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


De Katholieke Kerk in Sudan rouwt om de dood van pater Youhanna Al-Amin. De pastoor van de St. Vincentiusparochie in Kauda weigerde zijn mensen in het onveilige gebied te verlaten. Hij werd op vrijdag 19 juni gedood. Twee andere mensen kwamen bij dezelfde aanval om het leven. De moord vond plaats in het Nuba-gebergte, een regio die al tientallen jaren lijdt onder oorlog en instabiliteit.
Priester Youhanna Al-Amin stierf in Kauda, in een regio waar spanningen toenemen. Volgens lokale bronnen spelen tribale conflicten en interne twisten tussen gewapende groepen een grote rol. Zij melden aan Kerk in Nood (ACN) dat de moord vermoedelijk een vergeldingsactie was.
De pastoor had eerder de diefstal gemeld van medicijnen. De Kerk bewaarde deze medicijnen voor de lokale bevolking. Juist in afgelegen en arme gebieden vormt de Kerk vaak een belangrijke steunpilaar. Zij helpt daar niet alleen geestelijk, maar ook praktisch.
Kauda is het belangrijkste centrum van de gebieden in het Nuba-gebergte die onder controle staan van de SPLM-N, een politieke partij en militante organisatie in Soedan. De veiligheidssituatie verslechterde de afgelopen maanden sterk. Daarom moesten enkele religieuzen de regio verlaten. Toch koos Youhanna ervoor om bij zijn gemeenschap te blijven.
Daardoor behoorde hij tot de weinige priesters die hun dienstwerk nog voortzetten in dit door geweld getroffen gebied. Mensen die hem kenden, zeggen dat hij zijn volk niet in de steek kon laten. Ook niet toen de omstandigheden steeds moeilijker werden.
Het werk van priester Youhanna ging verder dan geestelijke zorg. Zoals vaker in gebieden waar Kerk in Nood projecten steunt, bood de Kerk ook gezondheidszorg en hulp aan kwetsbare mensen. In Kauda speelde die hulp een levensbelangrijke rol.
De medicijnen die de Kerk bewaarde, waren bestemd voor de lokale bevolking. Volgens lokale bronnen lijkt de moord verband te houden met zijn melding van de diefstal daarvan. De volledige omstandigheden van het misdrijf moeten nog worden opgehelderd.
Het nieuws over zijn dood heeft diepe schok veroorzaakt in het bisdom El Obeid. Bijna dertig jaar lang begeleidde de priester generaties gelovigen. Daardoor werd hij een geliefde figuur, binnen én buiten de katholieke gemeenschap.
In een condoleancebericht aan Kerk in Nood herdacht de Sint-Petrusparochie in Babnusa zijn jarenlange dienstbaarheid. Pastoor Youhanna diende daar van 1997 tot 2021. Eerst kwam hij als seminarist. Daarna werd hij diaken, vervolgens priester en uiteindelijk pastoor van de gemeenschap.
De parochie schreef in haar eerbetoon: “Hij was een vriend van de jongeren en de kinderen.” Ook klonk grote waardering voor zijn trouw. “Hij hield van zijn werk tot het einde.”
Zijn dood voegt zich bij een reeks gewelddadige incidenten die de Kerk in Sudan hebben getroffen. In juni 2025 kwam priester Luka Jomo om het leven. Hij was priester van het bisdom El Obeid. Tijdens een aanval op El Fasher, de hoofdstad van Noord-Darfur, werd hij geraakt door een verdwaalde kogel.
Enkele maanden eerder mishandelden gewapende mannen bisschop Yunan Tombe zwaar. Dat gebeurde toen hij terugreisde naar zijn bisdom. Hij liep daarbij ernstige verwondingen op.
De lokale Kerk vraagt om volledige opheldering over de moord op pater Youhanna Al-Amin. Ook wil zij duidelijkheid over de omstandigheden rond de dood van de andere slachtoffers.
Kerk in Nood sluit zich aan bij het bisdom El Obeid in gebed. De organisatie bidt voor de eeuwige rust van pater Youhanna Al-Amin en van de andere slachtoffers van de aanval.
Vorig jaar nog bracht aartsbisschop Séamus Patrick Horgan een diplomatiek bezoek het gebied dat het zwaarst getroffen is door de huidige burgeroorlog in Soedan. Tegenover Kerk in Nood (ACN) beschreef pater Jorge Naranjo, een Spaanse missionaris met een lange staat van dienst in de regio, de diepe impact van dit bezoek.
De tiendaagse reis, die pastorale steun aan de Soedanese gelovigen combineerde met diplomatie op hoog niveau, begon op 11 september in Port Sudan. Het bezoek vormde een symbolische inspanning van het Vaticaan in een land dat wordt geteisterd door geweld. De burgeroorlog, die sinds 2023 wordt, heeft geleid tot de ineenstorting van de politieke, civiele en kerkelijke infrastructuur.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


Bisschop Osório Citora is doodgeschoten in de vroege ochtend van 6 juni. Hij was bisschop van Quelimane in Mozambique, Zijn lichaam werd aangetroffen in een gang van de bisschoppelijke residentie. De dader is nog onbekend.
In een eerste officiële verklaring aan Kerk in Nood (ACN) meldde de voorzitter van de Bisschoppenconferentie van Mozambique dat de bisschop “levenloos en onder vreemde omstandigheden die nog moeten worden opgehelderd” werd aangetroffen. Bisschop Osório Citora is doodgeschoten op 6 juni. Hij riep iedereen op tot “de sereniteit van het geloof en broederlijke solidariteit” vanwege deze “trieste gebeurtenis”.
Bisschop Osório Citora Afonso, een missionaris van de Consolata-congregatie en bisschop van het bisdom Quelimane, kwam in de vroege uren van zaterdag 6 juni om het leven.
Op dit moment zijn slechts weinig details over de misdaad bekend. Wel staat vast dat iemand de bisschop in de borst schoot, vlak bij het hart. Vervolgens vonden mensen zijn lichaam in een gang van de bisschoppelijke residentie.
Het nieuws heeft de Kerk in Mozambique volgens betrokkenen “in een staat van shock” achtergelaten.
Aartsbisschop Inácio Saure van Nampula, voorzitter van de Bisschoppenconferentie van Mozambique, stuurde een eerste officiële verklaring naar Kerk in Nood. Daarin meldde hij “met diepe droefheid” het overlijden van bisschop Osório.
Volgens de aartsbisschop trof men de bisschop “levenloos aan onder vreemde omstandigheden die nog moeten worden opgehelderd”. Daarnaast riep hij de katholieke gemeenschap en het Mozambikaanse volk op tot “de sereniteit van het geloof en broederlijke solidariteit”.
Ook het presidentschap van Mozambique reageerde op het overlijden. In een officiële verklaring sprak het zijn “diepe verdriet en ontzetting” uit.
President Daniel Chapo noemde het verlies “onherstelbaar” voor de Mozambikaanse samenleving en voor de christelijke gemeenschap. Daarbij benadrukte hij dat bisschop Osório zich “zijn hele leven had onderscheiden door zijn nederigheid, pastorale toewijding en zijn prediking van de waarden van vrede en verzoening”.
In april van dit jaar benoemde de Kerk bisschop Osório ook tot administrator (plaatsvervangend bisschop) van het aartsbisdom Beira. Hij nam die taak op zich nadat aartsbisschop Cláudio Zunna om gezondheidsredenen was afgetreden.
De moord op de bisschop van Quelimane werpt opnieuw een donkere schaduw over de Kerk in Mozambique.
Het land kampt al jarenlang met terroristisch geweld in het noorden, vooral in de provincie Cabo Delgado. Daardoor leven veel gezinnen in onzekerheid en zijn honderdduizenden mensen ontheemd geraakt.
Mozambique is daarom een prioriteitsland voor Kerk in Nood. De stichting ondersteunt de lokale Kerk op verschillende manieren. Dat gebeurt niet alleen via humanitaire hulp, maar ook door psychosociale begeleiding en de wederopbouw van infrastructuur mogelijk te maken.
auteur: Paulo Aido (Kerk in Nood Portugal)
bron foto: Comissão das Comunicações da Conferência Episcopal de Moçambique
Klik hier voor het bericht op de website van de Portugese bisschoppenconferentie
Meer nieuws op deze website over Mozambique
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]



Het bisdom Fada N’Gourma ligt in het oosten van Burkina Faso. Het gebied is enorm uitgestrekt. Met ruim 46.800 vierkante kilometer is het bisdom groter dan landen als Nederland of Zwitserland. Dankzij u kunnen jonge priesters op motorfietsen hun gelovigen bereiken. Eén van hen schreef een brief om u te danken.
In het dunbevolkte bisdom wonen slechts 2 miljoen mensen. De ongeveer 100.700 katholieken in het bisdom leven verspreid over 16 grote parochies.
Priesters moeten daarom lange afstanden afleggen om de katholieke gelovigen te bereiken. Veel dorpen liggen 50, 60 of 70 kilometer van het parochiecentrum.
Zonder geschikt vervoermiddel wordt pastoraal werk daardoor buitengewoon moeilijk. Vaak wordt het zelfs onmogelijk. Een motorfiets vormt daarom een onmisbare basisvoorziening.
Bovendien biedt een motorfiets de priester ook enige veiligheid in deze gevaarlijke regio. Daarom vroeg de bisschop namens twee jonge priesters hulp aan Kerk in Nood (ACN).
Na hun wijding werkten deze priesters twee jaar zonder geschikt vervoermiddel. Die situatie belemmerde hun pastorale werk ernstig. Dankzij uw vrijgevigheid kon Kerk in Nood de benodigde 6.100 euro schenken. Daarmee ontvingen beide priesters een kleine motorfiets.
De twee motorfietsen maken een enorm verschil in het werk van de priesters. Een van hen, pater Séraphin Kiema, schreef een dankbrief aan Kerk in Nood. “Ik herinner me hoe ik vaak iemand moest vragen om mij een lift te geven”, schrijft hij. “Dat gebeurde wanneer ik mijn pastorale taken moest vervullen.”
Op een dag kwam iemand op de fiets naar hem toe. Die persoon vroeg hem om het sacrament van de zieken te brengen aan een ziek familielid. “Omdat ik geen motorfiets had, moest deze persoon iemand anders zoeken met een motorfiets. Pas daarna konden we naar de familie van de zieke gaan.”
Nu is zijn situatie veranderd. “Met de nieuwe motorfiets kan ik mij vrij bewegen. Eindelijk kan ik mijn pastorale werk met vreugde vervullen.”
Voor pater Séraphin Kiema is de motorfiets veel meer dan een vervoermiddel. Het is een hulpmiddel om dichtbij mensen te zijn, juist op kwetsbare momenten. Daarom verbindt hij de steun aan de woorden van Jezus. “Zoals Jezus zei: ‘Alles wat u hebt gedaan voor een van de geringsten van mijn broeders, hebt u voor Mij gedaan’. Uit de grond van mijn hart dank ik allen die mij hebben geholpen!”
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]



In Kameroen blijven zusters dicht bij de mensen, ook waar onzekerheid en instabiliteit het dagelijks leven raken. Hun kracht vinden zij in gebed, gemeenschap en trouw aan hun roeping. Dankzij de liefdevolle steun van weldoeners konden 130 Tertiaire Zusters van Sint-Franciscus van Assisi deelnemen aan hun jaarlijkse retraite. Daar ontvingen zij nieuwe geestelijke kracht om Gods liefde te blijven brengen bij de mensen die aan hun zorg zijn toevertrouwd.
In Kameroen dragen de Tertiaire Zusters van Sint-Franciscus van Assisi dagelijks bij aan het leven van de Kerk. Hun congregatie telt een van de grootste aantallen geprofeste zusters van het land. Ook ontvangen zij veel nieuwe roepingen. Hun charisma richt zich op een contemplatief leven in het heden. Daarbij zoeken zij Gods wil in de tekenen en noden van deze tijd.
Juist daarom blijven de zusters dicht bij de mensen. Ook in delen van Kameroen waar onzekerheid en instabiliteit het dagelijks leven raken. Hun aanwezigheid is geen vanzelfsprekendheid. Toch blijven zij trouw aan hun missie, in gebed, dienstbaarheid en nabijheid.
Binnen hun congregatie horen dagelijkse meditatie en een jaarlijkse retraite bij het geestelijk leven. Door de onveiligheid in delen van Kameroen konden de zusters niet genoeg middelen bijeenbrengen voor hun jaarlijkse retraites.
Dankzij uw liefdevolle steun konden 130 zusters in 2026 toch deelnemen aan hun jaarlijkse retraite. Het thema was: “Effectiviteit van de missie door gebed”. De dagen boden ruimte voor geestelijke begeleiding, bezinning en hernieuwde verdieping van hun roeping.
De vruchten waren duidelijk zichtbaar. Zuster Camila schreef na afloop: “Ik ervoer opnieuw Gods liefde en roeping in mijn leven.” Ook vertelde zij: “Ik werd aangemoedigd om terug te keren naar de bron van mijn roeping. Zo herontdekte ik de vreugde om Gods volk te dienen.”
Zuster Anne Marie deelde eveneens hoe de retraite haar sterkte. “Ik vervul mijn verantwoordelijkheden nu met hernieuwd enthousiasme. Ook heb ik een sterker gevoel van doelgerichtheid.” Zij vertelde verder dat zij bewuster werkt aan positieve relaties. Ook wil zij mensen die worstelen bemoedigen en Gods liefde tonen door haar daden.
Uw betrokkenheid helpt deze zusters niet alleen om tot rust te komen. U helpt hen om vanuit gebed weer naar hun gemeenschappen terug te keren. Daar zetten zij hun dienst voort, met nieuwe kracht, geestelijke vernieuwing en trouw aan hun roeping.
Wilt u zusters zoals deze nabij blijven met uw gift? Met uw edelmoedige steun helpt u hen leven vanuit gebed. Zo kunnen zij Gods liefde blijven brengen bij de mensen die aan hun zorg zijn toevertrouwd. Doneer veilig via onze doneerpagina of maak uw donatie over op NL27 ABNA 0503 0402 31 onder vermelding van code 113.05.00 Uw gift gaat naar dit project of soortgelijke projecten in de regio.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]



Het bisdom Fada N’Gourma ligt in het oosten van Burkina Faso. Het gebied is enorm uitgestrekt. Met ruim 46.800 vierkante kilometer is het bisdom groter dan landen als Nederland of Zwitserland. Dankzij u kunnen jonge priesters op motorfietsen hun gelovigen bereiken. Eén van hen schreef een brief om u te danken.
In het dunbevolkte bisdom wonen slechts 2 miljoen mensen. De ongeveer 100.700 katholieken in het bisdom leven verspreid over 16 grote parochies.
Priesters moeten daarom lange afstanden afleggen om de katholieke gelovigen te bereiken. Veel dorpen liggen 50, 60 of 70 kilometer van het parochiecentrum.
Zonder geschikt vervoermiddel wordt pastoraal werk daardoor buitengewoon moeilijk. Vaak wordt het zelfs onmogelijk. Een motorfiets vormt daarom een onmisbare basisvoorziening.
Bovendien biedt een motorfiets de priester ook enige veiligheid in deze gevaarlijke regio. Daarom vroeg de bisschop namens twee jonge priesters hulp aan Kerk in Nood (ACN).
Na hun wijding werkten deze priesters twee jaar zonder geschikt vervoermiddel. Die situatie belemmerde hun pastorale werk ernstig. Dankzij uw vrijgevigheid kon Kerk in Nood de benodigde 6.100 euro schenken. Daarmee ontvingen beide priesters een kleine motorfiets.
De twee motorfietsen maken een enorm verschil in het werk van de priesters. Een van hen, pater Séraphin Kiema, schreef een dankbrief aan Kerk in Nood. “Ik herinner me hoe ik vaak iemand moest vragen om mij een lift te geven”, schrijft hij. “Dat gebeurde wanneer ik mijn pastorale taken moest vervullen.”
Op een dag kwam iemand op de fiets naar hem toe. Die persoon vroeg hem om het sacrament van de zieken te brengen aan een ziek familielid. “Omdat ik geen motorfiets had, moest deze persoon iemand anders zoeken met een motorfiets. Pas daarna konden we naar de familie van de zieke gaan.”
Nu is zijn situatie veranderd. “Met de nieuwe motorfiets kan ik mij vrij bewegen. Eindelijk kan ik mijn pastorale werk met vreugde vervullen.”
Voor pater Séraphin Kiema is de motorfiets veel meer dan een vervoermiddel. Het is een hulpmiddel om dichtbij mensen te zijn, juist op kwetsbare momenten. Daarom verbindt hij de steun aan de woorden van Jezus. “Zoals Jezus zei: ‘Alles wat u hebt gedaan voor een van de geringsten van mijn broeders, hebt u voor Mij gedaan’. Uit de grond van mijn hart dank ik allen die mij hebben geholpen!”
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


In het zuiden van Ethiopië strekt het apostolisch vicariaat van Hawassa zich uit over een immens gebied van maar liefst 118.000 km² – een regio zo groot dat pastorale zorg een dagelijkse uitdaging vormt. Slechts 20 parochies bedienen hier talloze dorpen, waarvan vele afgelegen liggen in moeilijk bereikbare gebieden. Voor veel gelovigen is de parochiekerk simpelweg te ver weg. In sommige dorpen is daarom een kleine kapel gebouwd, als plaats van gebed en hoop.
Priesters zijn schaars. Daardoor kan de Heilige Mis in veel van deze gemeenschappen slechts eens in de twee of drie weken worden gevierd. Toch blijft het geloof levend – dankzij de onmisbare inzet van catechisten. Deze toegewijde leken dragen een zware verantwoordelijkheid: zij begeleiden gebedsmomenten, geven geloofsonderricht aan kinderen, jongeren en volwassenen en leiden woorddiensten. Met toestemming van de bisschop reiken zij soms zelfs de Heilige Communie uit.
Zij zijn het kloppend hart van de Kerk in deze regio.
Om het katholieke geloof zuiver en levend door te geven, is een degelijke vorming van deze catechisten essentieel. Zeker voor jongeren is dit van levensbelang: zonder stevige geloofswortels dreigen zij te worden aangetrokken door agressief missionerende sekten. Toch ontbreekt het veel catechisten nog aan voldoende theologische, pedagogische en pastorale vorming.
Daarom heeft het vicariaat een dringend plan opgesteld: 300 catechisten willen deelnemen aan een intensieve vorming in het catechetisch centrum van Dongora. Hier zullen zij worden toegerust om hun belangrijke taak nog beter te vervullen – tot zegen van duizenden gelovigen.
De kosten per catechist bedragen slechts €58. Een klein bedrag, maar voor het vicariaat is het totaal van €17.500 onhaalbaar. De bisschop heeft daarom een beroep gedaan op Kerk in Nood.
Met uw hulp kunnen deze catechisten het geloof blijven doorgeven – zelfs in de meest afgelegen dorpen. Met €58 maakt u de opleiding van één catechist mogelijk. Met uw gift geeft u niet alleen kennis door, maar ook hoop, geloof en toekomst aan hele gemeenschappen.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


Benedictinessen doen vruchtbaar werk in Tsjaad: het eerste contemplatieve klooster in dit overwegend islamitische land in Centraal-Noord-Afrika is zelfvoorzienend én dienend.
De eerste benedictijnse zusters die vanuit de Democratische Republiek Congo in Tsjaad aankwamen, beschouwden het als een bijzondere genade om deel te mogen nemen aan het 'avontuur' van deze nieuwe stichting. Ook de lokale bevolking had hoge verwachtingen van dit nieuwe klooster, hoewel de meesten van hen weinig kennis hadden van het kloosterleven. De jonge zusters die naar Tsjaad kwamen, waren geïnspireerd door de nieuwe missie die hun was toevertrouwd. Ze gingen met veel moed en enthousiasme aan de slag om deze te vervullen.
In het dorp Lolo in het bisdom Mondou was aanvankelijk niets: geen school, geen stromend water, geen ziekenhuis, en de meeste mensen konden niet eens lezen of schrijven. Sinds het klooster in mei 2005 werd gesticht, hebben de zes benedictinessen ook een geestelijk centrum, een kleuterschool en een basisschool opgericht. Ze zetten zich ook in om vrouwen en meisjes te leren lezen en schrijven en om meisjes en jonge vrouwen, die tot op de dag van vandaag vaak tot een vroeg huwelijk worden gedwongen, een praktische beroepsopleiding te bieden. Vooral voor deze vrouwen en meisjes is de aanwezigheid van de zusters een grote steun.
Maar Tsjaad is een van de armste landen ter wereld. Het is daarom voor het klooster moeilijk om in zijn eigen onderhoud te voorzien. Zuster Victorine, de priorin, schreef ons eerder: “De weinige middelen die we van buitenaf ontvangen, zijn niet voldoende en we hebben moeite om in de basisbehoeften van het klooster te voorzien, zoals voedsel, medicijnen en kleding, maar ook in de geestelijke behoeften, zoals de opleiding van onze jongere zusters, retraites en geestelijke oefeningen.”
Met uw steun van 8560 euro hebben de Benedictinessen een klein landbouwproject opgezet om in hun eigen onderhoud te voorzien. Met het geld dat u heeft gegeven, konden zij landbouwwerktuigen, zaden en een paar koeien kopen. Zij hebben nu een stuk land van zes hectare. Op een stuk land van twee hectare verbouwen zij gierst en sesam voor eigen gebruik. Verder verbouwen zij aardnoten voor de verkoop. Een deel van de opbrengst wordt vervolgens opnieuw in het project geïnvesteerd, zodat het succesvol kan worden voortgezet.
Zuster Myriam komt oorspronkelijk uit de Democratische Republiek Congo. Zij vertelt ons: “Ik doe mijn eerste missionaire ervaring op in Tsjaad. De gemeenschap hier is jong en daarom moeten we heel hard werken, vooral met onze handen. Ik heb geleerd hoe ik de trekdieren moet leiden en de velden moet ploegen, en ook hoe ik gierst moet verbouwen.”
“We voorzien in ons eigen levensonderhoud. Ook ondersteunen we de lokale gemeenschap met sociale projecten, zoals onderwijs, toegang tot schoon drinkwater en gezondheidszorg. Ik wil de weldoeners van Kerk in Nood hartelijk bedanken voor deze belangrijke steun om ons zusters op deze manier in ons levensonderhoud te voorzien!” Lees ook dit artikel over christenen in Tsjaad.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]
"Ik vraag dat God het werk van Kerk in Nood wil zegenen."
Kerk in Nood
Peperstraat 11-13
5211 KM 's Hertogenbosch
info@kerkinnood.nl
(073) 613 08 20
Telefoonnummer call centre (073) 844 00 22
NL27 ABNA 0503 0402 31
RSIN/ANBI 2865841; KVK 41080169
Contactformulier
Projectaanvragen
Privacybeleid
Herroepingsformulier
Stichting Kerk in Nood/Voorheen Oostpriesterhulp Nederland


COPYRIGHT © 2026 ACN NEDERLAND - KERK IN NOOD