Christenen in Nigeria worden geconfronteerd met terreur van groepen zoals Boko Haram en andere extremisten. Ook is er veel criminaliteit en zijn er etnische spanningen die alle gelovigen raken. We spreken daarom niet van genocide. Wel zijn christenen en kerken vaak specifiek doelwit van aanslagen met soms wel honderden doden tot gevolg. De katholieke Kerk in Nigeria staat deze slachtoffers van geweld en vervolging bij met traumazorg en noodhulp. Met uw hulp kunnen priesters, religieuzen en leken vanuit hun parochies hulp blijven bieden.

De nieuwe moslim president, Bola Tinubu, beloofde dat de overheid hard zou treden tegen terreur. Toch zuchten Christenen in gebieden waar zij een minderheid vormen onder meer aanvallen op kerken en ontvoeringen dan ooit. Waar eerder Boko Haram de grootste bedreiging vormde, zijn het nu aanvallen door Fulani's die zorgen voor duizenden doden en gewonden per jaar en voor miljoenen vluchtelingen. De vraag rijst: is hier sprake van genocide?






In Nigeria leven miljoenen Christenen en Moslims die op dit moment sterven, gewond raken of een veilig heenkomen zoeken in troosteloze vluchtelingenkampen vanwege aanslagen door Boko Haram en spanningen tussen christelijke landbouwers en merendeels islamitische herders. De weg naar vrede is niet eenvoudig, zoals deze documentaire toont. In Nederland alleen op deze website te zien!
De katholieke Kerk in Nigeria staat de slachtoffers van geweld en vervolging bij met traumazorg en noodhulp. Met uw hulp kunnen priesters, religieuzen en leken vanuit hun parochies hulp blijven bieden. Het leven met trauma's en de voortdurende dreiging van extremistische terreur is zenuwslopend. De Kerk heeft een sleutelrol in het genezen van de wonden van de vele slachtoffers. Helpt u mee, zodat priesters, religieuzen en leken opgeleid kunnen worden in het helpen van deze mensen?
Nieuwe gegevens benadrukken de omvang van ontvoeringen van priesters te midden van de veiligheidscrisis in Nigeria. Tussen 2015 en 2025 zijn ten minste 212 katholieke priesters ontvoerd in Nigeria, in een golf van geweld die het hele land treft. Op dit moment worden nog 4 priesters ontvoerd.
Dit blijkt uit een lopend onderzoek van de Katholieke Bisschoppenconferentie van Nigeria, dat is gedeeld met de pauselijke stichting Kerk in Nood (ACN). Het onderzoek documenteert ontvoeringen in ten minste 41 van de 59 katholieke bisdommen en aartsbisdommen van het land. De gegevens komen overeen met de bevindingen van het Rapport Vrijheid van Godsdienst 2025 van Kerk in Nood (ACN). Daarin wordt Nigeria aangemerkt als een van de gevaarlijkste landen ter wereld voor geestelijken en religieuze leiders.
Volgens het document dat aan Kerk in Nood is toegezonden, zijn van de 212 ontvoerde personen er 183 vrijgelaten of ontsnapt, 12 vermoord en 3 later overleden als gevolg van trauma's en verwondingen die zij tijdens hun gevangenschap hebben opgelopen.
Momenteel worden nog minstens vier ontvoerde priesters gevangen gehouden: pater John Bako Shekwolo, pater Pascal Bobbo, pater Emmanuel Ezema en pater Joseph Igweagu. Het rapport bevestigt ook dat ten minste zes priesters meer dan eens zijn ontvoerd, wat de aanhoudende kwetsbaarheid van katholieke geestelijken onderstreept.
Het werkelijke aantal gevallen ligt echter zeker hoger. De gegevens van 18 bisdommen zijn nog niet ingediend en Kerk in Nood (ACN) heeft de afgelopen jaren onafhankelijk geïsoleerde ontvoeringen geregistreerd in ten minste vijf bisdommen die nog niet in het onderzoek zijn meegenomen. Bovendien betreft het alleen diocesane priesters. Incidenten waarbij religieuze ordes en congregaties betrokken zijn, werden niet in het rapport opgenomen.
Het bisdom met het hoogste aantal ontvoeringen in het rapport is Okigwe, met 47 gevallen, gevolgd door Port Harcourt (14) en Nsukka (13). Verschillende andere bisdommen melden ook bijzonder hoge cijfers, waaronder Kaduna, Kafanchan en Nnewi, met elk negen ontvoeringen.
Wat het aantal dodelijke slachtoffers betreft, heeft het aartsbisdom Kaduna het hoogste aantal vermoorde priesters in het afgelopen decennium te betreuren (vier), gevolgd door Kafanchan (twee), Minna (twee) en Abeokuta, Nnewi, Owerri en Sokoto (elk één).
De gevolgen van dit geweld zijn verwoestend voor lokale christelijke gemeenschappen. Hele dorpen zijn ontheemd, parochies verlaten en het pastorale leven is in grote delen van het land ernstig verstoord. Alleen al in het bisdom Minna zijn meer dan 90 kerken gedwongen te sluiten als gevolg van aanhoudende terroristische activiteiten en chronische onveiligheid. Veel priesters zijn rechtstreeks uit hun pastorieën ontvoerd, terwijl ze op weg waren voor pastoraal werk of om de heilige Mis te vieren.
Het geweld dat Nigeria teistert, treft niet alleen christenen. Terrorisme, gewapende banditisme en ontvoeringen eisen ook het leven van veel moslims. In grote delen van het land worden christenen echter vanwege hun geloof doelbewust vervolgd, met name in regio's die worden gedomineerd door jihadistische groeperingen en etnisch-religieuze milities.
Volgens het rapport Vrijheid van Godsdienst 2025 van Kerk in Nood (ACN) komt de grootste dreiging in het noorden van het land van jihadistisch terrorisme. Groeperingen als Boko Haram en Islamitische Staat – West-Afrikaanse Provincie (ISWAP) hebben zich ten doel gesteld een radicale islamitische ideologie op te leggen. In centraal Nigeria, met name in de Middle Belt, wordt het geweld grotendeels aangewakkerd door systematische aanvallen van Fulani-milities. Zij zijn verantwoordelijk voor massamoorden, gedwongen verhuizing, de vernietiging van overwegend christelijke dorpen en de bezetting van landbouwgrond.
Hoewel deze conflicten soms worden voorgesteld als etnisch of economisch van aard, hebben ze in de praktijk vooral gevolgen voor christelijke gemeenschappen en hebben ze een religieuze dimensie. Daar komt nog eens aanhoudende structurele en institutionele discriminatie bij, waardoor veel christelijke gemeenschappen in het noorden geen effectieve bescherming van de staat genieten.
Tegelijkertijd wordt een aanzienlijk deel van de ontvoeringen in Nigeria voornamelijk ingegeven door economische motieven. Ontvoering is een zeer winstgevende criminele industrie geworden, die zowel wordt gebruikt om terroristische activiteiten te financieren als om netwerken van gewapende bandieten in stand te houden. Geestelijken zijn vaak het doelwit omdat ze gemakkelijk te herkennen zijn, over het algemeen onbeschermd zijn en omdat hun gemeenschappen buitengewone inspanningen leveren om hun vrijlating te bewerkstelligen.
In bisdommen zoals Okigwe – het zwaarst getroffen bisdom van het land – komen strategische transportroutes, zwakke veiligheidsaanwezigheid, de proliferatie van georganiseerde ontvoeringsbendes en intense pastorale activiteiten op het platteland samen. Als gevolg daarvan zijn priesters zeer kwetsbare doelwitten geworden binnen een wrede “ontvoeringseconomie” die wordt aangedreven door losgeldbetalingen.
Het totale aantal ontvoerde personen in Nigeria is natuurlijk veel hoger en treft veel verschillende sectoren van de samenleving. De ontvoering van priesters is slechts een zichtbaar onderdeel van een veel bredere nationale ontvoeringscrisis.
Een landelijke noodsituatie op het gebied van veiligheid
De afgelopen weken heeft Nigeria ook een sterke toename gezien van massale ontvoeringen van schoolkinderen uit onderwijsinstellingen, met name in de noordelijke regio's. Als reactie op de escalerende golf van ontvoeringen op scholen, terroristische aanslagen en gewapend geweld heeft de president van Nigeria in november 2025 een nationale noodtoestand afgekondigd. Daarbij heeft hij toestemming gegeven voor de werving van 20.000 extra politieagenten en de inzet van buitengewone veiligheidsmaatregelen in meerdere staten.
Voor veel lokale gemeenschappen reiken de gevolgen van elke ontvoering echter veel verder dan de statistieken: wanneer een priester verdwijnt, blijft een hele parochie achter zonder bescherming, leiderschap of hoop.
In een regio waar christenen een kleine minderheid vormen en hun geloof openlijk belijden risico’s met zich meebrengt, koos catechist Tobias Yahaya voor de weg van standvastigheid en vergeving. Nadat hij ternauwernood een moordaanslag overleefde, verraste hij vriend en vijand: eerst door in het ziekenhuis met zijn aanvaller te praten, daarna door hem voor de rechter te vergeven.
Ondanks verschillende aanvallen en één poging tot moord besloten Yahaya en zijn familie in Sokoto te blijven om zijn ambt in dienst van de Kerk uit te oefenen. Rond 3 uur 's nachts op 19 april 2023 werd het veiligheidshek rond het huis van Tobias Yahaya, vlakbij de Kathedraal van de Heilige Familie in Sokoto doorbroken door drie gewapende mannen. Yahaya, een 26-jarige catechist, werd wakker door de inbraak.
"Op dat moment denk je aan veel dingen, want als ze binnen waren gekomen en mij met mijn vrouw en vier kinderen hadden aangetroffen, weet alleen God wat er had kunnen gebeuren", zegt hij in een interview met Kerk in Nood (ACN). "Ik besloot naar buiten te gaan."
De leider van de indringers, die Ibrahim bleek te heten, nam een mes en stak de catechist in de borst. “Ik viel bloedend op de grond”, herinnert Yahaya zich. “De twee anderen vluchtten, denkend dat hun missie was volbracht.”
Ibrahim bleef echter achter en probeerde hem opnieuw te steken toen hij probeerde op te staan. “Maar deze keer hield ik het mes in mijn handen”, legt Yahaya uit, “dus draaide hij het om, waardoor mijn handpalmen ernstig gewond raakten. Ik moest het loslaten, maar ik slaagde erin hem dicht bij me te houden, zodat hij het niet nog een keer tegen mij kon gebruiken."
Tegen die tijd was Yahaya's vrouw begonnen te schreeuwen, waardoor de buren werden gealarmeerd. Zij slaagden erin Ibrahim aan te houden. Yahaya verloor zoveel bloed dat hij bewusteloos raakte. Toen hij ongeveer 24 uur later wakker werd, lag hij in een ziekenhuisbed naast Ibrahim, die ook werd behandeld voor verwondingen.
"Ik vroeg hem: 'Waarom wil je me vermoorden?'", herinnert Yahaya zich. "Ibrahim kon niet antwoorden. Hij was in tranen. De mensen om me heen vroegen: 'Waarom praat je met deze persoon? Concentreer je op je gezondheid.' Ik zei dat ik wilde weten waarom hij me van het leven wilde beroven."
Uiteindelijk kwam hij erachter dat Ibrahim en zijn metgezellen, die niet zijn opgepakt, bang waren voor de invloed van de catechist op de jongeren in het gebied, dat voor 90% uit moslims bestaat. Het was niet de eerste keer dat Yahaya werd uitgedaagd vanwege zijn christelijke bediening.
In Nigeria is het ambt van catechist veel meer dan lesgeven of zondag. Catechisten volgen een lange opleiding en worden officieel aangesteld. Yahaya werd negen jaar geleden aangesteld door de toenmalige emeritus bisschop van Sokoto, Kevin Aje. Catechisten regelen doopsel, delen de heilige communie uit en leiden de eredienst wanneer er geen priesters beschikbaar zijn. Ook Yahaya's werk droeg bij aan de groei van de Kerk in Sokoto. “Afgelopen Pasen hebben we 100 kinderen in onze parochie gevormd”, vertelt hij aan Kerk in Nood bij het ontvangen van de Courage to be Christian Award van Kerk in Nood (ACN) in het Verenigd Koninkrijk.
Maar misschien is de belangrijkste les die hij zijn kudde tijdens deze beproeving heeft bijgebracht, wel wat er tijdens het proces gebeurde. Toen de rechter Ibrahim een gevangenisstraf van een jaar oplegde, nam Yahaya het woord. “Ik vroeg de moslimrechter: ‘Mag ik Ibrahim omhelzen?’, en iedereen in de rechtszaal keek me vol ongeloof en verbazing aan. Toen de rechter zei dat het goed was, omhelsde ik hem, schudde hem de hand en zei: ‘Ik heb je vergeven’. Hij kon niet met me praten, maar ik zag tranen over zijn wangen rollen. Ik zei nogmaals: ‘Ik heb je vergeven’.”
Yahaya en zijn gezin gingen naar huis. Ze zaten vol vragen over wat ze nu moesten doen. "Wat wil God ons met dit soort situaties duidelijk maken? Want dit was niet de eerste aanslag", zei hij tegen Kerk in Nood over zijn twijfels. "Ik wilde mijn werk als catechist nog steeds voortzetten. Mijn vrouw steunde me. Mijn moeder steunde me. Er werd gebeden, er was begeleiding van mijn bisschop, priesters en andere mensen”, herinnert hij zich. “Toen zei mijn moeder, die nooit naar school is geweest, iets dat me bijbleef: ‘Waar God ons wil hebben, is misschien niet comfortabel of naar onze smaak, maar daar vinden we echt geluk.’ En ik denk dat ze gelijk heeft.”
En dus gaat Yahaya door, gesteund door de woorden van de heilige Paulus in zijn tweede brief aan de Korinthiërs: "Wij worden in alles verdrukt, maar niet in het nauw gedreven. Wij zijn verward, maar niet wanhopig. Wij worden vervolgd, maar niet verlaten. Wij worden neergeslagen, maar niet vernietigd. Wij dragen altijd het sterven van Jezus in ons lichaam mee, opdat ook het leven van Jezus in ons lichaam zichtbaar wordt. Want wij die leven, worden voortdurend aan de dood overgeleverd omwille van Jezus, opdat het leven van Jezus ook in ons sterfelijke vlees zichtbaar wordt. Zo werkt de dood in ons, maar het leven in u.”
De Katholieke Bisschoppenconferentie van Nigeria (CBCN) waarschuwt voor de steeds ernstiger wordende veiligheidscrisis in het land. Ten midden van de verwoestende gevolgen ervan voor christelijke gemeenschappen en andere kwetsbare groepen, roepen de bisschoppen op tot duidelijkheid en evenwichtigheid bij het beschrijven van de crisis.
In hun verklaring getiteld “Vrede in Nigeria: van kwetsbaarheid naar stabiliteit”, gepubliceerd op 25 november, veroordelen de bisschoppen het aanhoudende geweld. Het geweld heeft talloze levens gekost, huizen verwoest en gezinnen op de vlucht gedreven, met name in de noordelijke en centrale regio's.
“De betreurenswaardige veiligheidssituatie in ons land Nigeria en het voortdurende discours dat het kwetsbare sociale en religieuze klimaat in het land verder opwarmt, zijn werkelijk zorgwekkend. [...] Terwijl moorddadige groeperingen doorgaan met het zaaien van terreur onder weerloze burgers, veroordelen wij ten zeerste deze wreedheden die vele gemeenschappen onnoemelijk leed hebben berokkend.”
Zij benadrukken dat deze aanvallen grote gevolgen hebben gehad voor gebieden met een christelijke meerderheid: “Het is zeer zorgwekkend dat verschillende overwegend christelijke gemeenschappen, met name in het noorden en midden van het land, herhaaldelijk het slachtoffer zijn geworden van brute aanvallen, met als gevolg zware verliezen en het tragische verlies van vele christelijke levens.”
De bisschoppen benadrukken dat de federale en regionale autoriteiten hun grondwettelijke plicht om het leven te beschermen en verantwoordingsplicht te waarborgen, moeten nakomen: “De regering heeft zowel de verantwoordelijkheid als de middelen om een einde te maken aan dit geweld en mag niet langer toestaan dat straffeloosheid de overhand heeft. […] Blijvende vrede kan niet worden bereikt door te zwijgen of uitstel. Daarvoor zijn gerechtigheid, moed en een vastberaden inzet voor de heiligheid van het menselijk leven nodig.”
De afgelopen maanden hebben de berichtgeving in de media en de internationale discussies over het geweld in Nigeria soms de ernst van de situatie gebagatelliseerd of de polarisatie aangewakkerd. Daardoor is een nationale humanitaire tragedie veranderd in tegenstrijdige interpretaties, in plaats van dat de aandacht is gericht op het lijden van de slachtoffers.
De bisschoppen reageren op dit debat door aan te dringen op duidelijkheid en evenwicht bij het beschrijven van de crisis: “Door deze langdurige ondraaglijke omstandigheden zijn beschuldigingen van ‘genocide’ in sommige kringen geloofwaardig geworden. Maar gezien de heilige waardigheid en de onschatbare waarde van elk menselijk leven, zijn wij evenzeer diep bezorgd dat moslims en vele andere onschuldige burgers van diverse etnische achtergronden ook het slachtoffer zijn geworden van dezelfde wreedheid die onze gemeenschappelijke menselijkheid blijft schenden.”
Recente tragedies illustreren de omvang van de crisis: de ontvoering van 265 studenten en leraren in Papiri (staat Niger), de ontvoering van 25 jonge meisjes in Kebbi en 13 vrouwelijke boeren in Borno, en de moord op meer dan 70 mensen in Zuid-Taraba en de ontheemding van duizenden mensen daar, om maar een paar voorbeelden te noemen. Deze gebeurtenissen, samen met de moord op brigadegeneraal Musa Uba en verschillende veiligheidsfunctionarissen, laten zien in hoeverre criminaliteit het nationale leven is binnengedrongen.
De bisschoppenconferentie roept de Nigeriaanse regering op om haar grondwettelijke plicht te vervullen om het leven en de eigendommen van alle burgers te beschermen, meldingen van vertraagde veiligheidsreacties te onderzoeken en te zorgen voor de veilige terugkeer van ontvoerde personen en ontheemde families.
Hoewel de bisschoppen vragen om evenwichtige berichtgeving, uiten ze ook hun bezorgdheid over schendingen van de rechten van christelijke minderheden in verschillende noordelijke staten: “Het weigeren van grond voor de bouw van kerken, met name binnen federale instellingen, en de vernietiging van christelijke gebedshuizen, vooral op het hoogtepunt van de opstand van Boko Haram, zijn zaken die dringende en daadkrachtige maatregelen van de regering vereisen. De buitensporige bevoegdheden van de shariarechtbanken in sommige staten geven aanleiding tot ernstige constitutionele bezorgdheid, aangezien zij het seculiere karakter van Nigeria bedreigen en inbreuk maken op de rechten van christelijke minderheden.”
Zij verwijzen naar de moord op Deborah Samuel Yakubu in Sokoto in 2022, waarvoor zij gerechtigheid blijven eisen, en merken op dat op de sharia gebaseerde groepen die de moraal handhaven, zoals de Hisbah, zowel christenen als moslims hebben lastiggevallen: “Wij eisen opnieuw gerechtigheid voor haar, aangezien straffeloosheid in dergelijke gevallen de rechtsstaat ondermijnt en de rechten van alle burgers in gevaar brengt.”
De bisschoppen benadrukken dat Nigerianen niet in een wedstrijd over lijden moeten vervallen, maar samen moeten opkomen voor het leven: “In plaats van ons te verliezen in verdeeldheid zaaiende discussies over wie meer verliezen heeft geleden, moeten we samen opkomen voor de heiligheid van elk menselijk leven en de kwetsbaren beschermen... Vrede is niet de verantwoordelijkheid van een selecte groep. Het is de plicht van iedereen.”
Kerk in Nood (ACN) sluit zich aan bij deze oproep en dringt er bij de internationale gemeenschap op aan om niet onverschillig te blijven tegenover deze tragedie. De bescherming van christelijke en andere gemeenschappen, maar ook het waarborgen van godsdienstvrijheid zijn essentieel voor de stabiliteit en de toekomst van Nigeria.
In Nigeria zijn op dezelfde dag een priester en zo'n 25 scholieren ontvoerd. Gewapende mannen vielen op maandag 17 november de gemeenschap van Kushe Gugdu aan, waarbij één dode viel. Vervolgens ontvoerden zij pastoor Bobbo Paschal uit zijn woning. Dezelfde ochtend werden in de staat Kebbi zo'n 25 meisjes van school ontvoerd. Onder hen veel christenen. Het aartsbisdom Kaduna heeft Kerk in Nood (ACN) gevraagd om gebed.
De aanval in Kushe Gugdu en ontvoering vonden plaats in de vroege uren van maandag 17 november. Gewapende mannen vielen de woning van de pastoor van de St. Stephen-parochie aan. Daarbij hebben zij de broer van een andere priester, Anthony Yero, vermoord en meerdere personen ontvoerd.
De ontvoering van ongeveer 25 leerlingen van de Government Girls' Comprehensive Secondary School in Maga, in de noordwestelijke staat Kebbi in Nigeria, heeft de gemeenschap diep geschokt. Een lokale bron die door Kerk in Nood (ACN) werd geraadpleegd, legt uit dat de aanval de inwoners overrompelde, op een moment dat het geweld in het gebied leek af te nemen. "Net toen we dachten dat er een beetje rust was gekomen in de moorden en ontvoeringen, kwam het nieuws van de ontvoering van ongeveer vijfentwintig meisjes – we weten het exacte aantal nog niet. Het is een schok, waardoor de gemeenschap in rouw is gedompeld."
"De bandieten bestormden omstreeks 3 uur 's nachts de school en konden urenlang, zonder enige weerstand te ondervinden, hun gang gaan. De vicedirecteur van de school, Mallam Hassan Yakubu Makuku, werd gedood toen hij tevergeefs probeerde zijn leerlingen te beschermen", aldus de bron van Kerk in Nood (ACN).
De gemeenschap is overweldigd door angst en onzekerheid en roept de regering op om onmiddellijk actie te ondernemen: "Alle families in het gebied zijn verenigd in gebed en doen een beroep op de regering om al het mogelijke te doen om de kinderen te redden."
De bron legt ook uit dat het district Danko-Wasagu, waar de school is gevestigd, een van de meest religieus diverse enclaves in Kebbi is. Verschillende gemeenschappen in het gebied zijn overwegend christelijk, waardoor het een zeldzame zone met een christelijke meerderheid is in het door moslims gedomineerde noordwesten. Om deze reden zijn veel van de ontvoerde leerlingen christenen, net als de vermoorde vice-directeur.
Hoewel geen enkele groep de verantwoordelijkheid voor de aanval heeft opgeëist, waarschuwt de bron voor de toenemende professionalisering van criminele bendes die in het noordwesten actief zijn. Uit vroege getuigenissen blijkt dat de aanvallers technisch geavanceerde, moderne wapens bij zich hadden – een teken van de toenemende verfijning van de georganiseerde misdaad in de regio.
Het rapport over godsdienstvrijheid van Kerk in Nood uit 2025 stelt dan ook dat in Nigeria sprake is van vervolging. Hoewel de achtergronden voor het geweld per regio verschillen, heeft een groot deel van het land te maken heeft met systematische en voortdurende schendingen van de godsdienstvrijheid.
De religieuze component is het duidelijkst zichtbaar in de aanvallen door gewapende extremistische organisaties. Zo zijn Boko Haram en Islamic State-West Africa Province (ISWAP) actief in het noordoosten. In de Middle Belt is het geweld geëscaleerd. Hoewel hier strijd om land voor landbouw en graasgronden voor vee meespelen, hebben Fulani doelgericht kerken verbrand en gelovigen vermoord.
Op 31 oktober 2025 heeft de regering van de Verenigde Staten bekendgemaakt dat Nigeria opnieuw is aangemerkt als een land dat bijzondere aandacht verdient (CPC) in het kader van de International Religious Freedom Act. Dit besluit volgt op toenemende meldingen van escalerend geweld en het voortdurende onvermogen van de Nigeriaanse regering om religieuze minderheden, met name christelijke gemeenschappen, te beschermen tegen gerichte aanvallen en vervolging.
De dreiging van president Trump om Amerikaanse troepen in te zetten, heeft in Nederland tot discussie geleid over de vraag of christenen er daadwerkelijk vervolgd worden. Katholiek Nieuwsblad schreef een artikel waarin Kerk in Nood reageerde en deze uitleg gaf.
Foto ter illustratie: deze is gerelateerd aan een aanval in Yelwata, in juni van dit jaar.

Vrouwen en kinderen in Yelewata, Nigeria hebben vorige week een weg geblokkeerd uit protest tegen het gebrek aan veiligheid. Op 11 augustus werd hun belegerde stad opnieuw het slachtoffer van een dodelijke aanval. In juni werden 271 christenen vermoord. Kerk in Nood (ACN) sprak met de lokale pastoor over het aanhoudende geweld.
Maandag 11 augustus rond 8 uur 's ochtends werden in Yelewata, in de staat Benue, drie mensen gedood. Drie anderen raakten ernstig gewond. De stad, die voor 98 procent uit christenen bestaat, is de afgelopen maanden het toneel geweest van de dodelijkste aanvallen door islamitische militanten. Daarbij zijn in de wijde regio duizenden op de vlucht geslagen en honderden mensen gedood. Achter de aanvallen zouden Fulani-herders zitten.
De laatste moorden komen bijna twee maanden nadat islamitische militanten een bloedbad aanrichtten in Yelewata. Volgens de laatste berichten van de kerk zijn bij de aanslagen in de nacht van 13 juni 271 mensen omgekomen. Zij werden met machetes doodgestoken, doodgeschoten en levend verbrand. De stad was vorige maand ook het doelwit toen jihadisten een vader, een tienerjongen en een tweejarig kind afslachtten.
In een exclusief interview met de katholieke liefdadigheidsorganisatie Kerk in Nood (ACN) gaf pater Ukuma Jonathan Angbianbee, pastoor van Yelewata, een verslag van de aanslag van maandag 11 augustus: "Het is verschrikkelijk, mensen zijn getraumatiseerd, het is iets vreselijks. Ze protesteren en weigeren de straat te verlaten. Automobilisten kunnen er niet door. Vrouwen en kinderen blokkeren de weg omdat ze zich niet veilig voelen, zelfs niet met de aanwezigheid van veiligheidstroepen. Niets lijkt te werken, de veiligheidstroepen bieden onvoldoende bescherming. Inmiddels zouden we resultaten moeten zien. Het incident van vandaag toont aan dat de veiligheid niet gewaarborgd is.”
Hij zei dat de aanval plaatsvond op het terrein dat na de aanval in juni was verlaten. Sommige mensen die niet zijn gevlucht, verbouwen nog steeds gewassen op de percelen. Pastoor Jonathan gelooft dat de aanval van maandag door Fulani-terroristen is gepleegd: “De Fulani komen met hun vee, nemen landbouwgrond in beslag en doden iedereen die zich verzet. Er komen geen andere mensen om ons aan te vallen, alleen de Fulani. Zij zijn degenen die alle problemen veroorzaken.”
Op de vraag of hij dacht dat de aanvallen religieus gemotiveerd waren, antwoordde pater Jonathan: "Het is veelzijdig. Er is de economische situatie en we kunnen kijken naar de politieke situatie. Mensen van een bepaalde religie praten over het overnemen van het land. Als kerkelijk leider zie ik dat de Kerk hierdoor zwaar is getroffen – onze kerken worden aangevallen, de mensen zijn gevlucht, onze gemeenschap is gedecimeerd, enz. – en vanuit dat oogpunt kunnen we zeggen dat het religieus gemotiveerd is. De mensen begonnen langzaam terug te keren [naar Yelewata], maar door het gebrek aan veiligheid is het vertrouwen verdwenen."
Hij voegde eraan toe: “De mensen hebben niet helemaal opgegeven, maar wanneer dit soort situaties zich blijven voordoen, wordt het voor ons nog moeilijker om het Goede Nieuws te verkondigen, om echt te weten hoe we de Boodschap op de juiste manier kunnen overbrengen, om hen hoop te geven. Ze blijven erop vertrouwen en staan ervoor open dat God hen ondanks alles niet in de steek heeft gelaten. We roepen op tot gebed en vrede in Nigeria en vragen onze regering om meer te doen om een stabiele omgeving voor onze burgers te creëren, zodat de mensen kunnen overleven en zich kunnen ontplooien.”
Nigeria is één van de landen die geraakt worden door christenvervolging. Naast terroristische organisaties als Boko Haram, hebben ook etnische Fulani militanten en criminelen het gemunt op christenen. Meer weten? Klik hier voor meer informatie, films en ons rapport over de motieven, plaatsen en impact van christenvervolging wereldwijd. Helpen kan ook via onze actiepagina voor vervolgde christenen in Nigeria.

Militanten hebben vrijdagnacht (13 juni) in de Nigeriaanse deelstaat Benue tot 200 christenen afgeslacht. Ze richtten zich op ontheemde gezinnen, staken hun gebouwen in brand terwijl ze binnen lagen te slapen en doodden iedereen die probeerde te vluchten.
De ontheemde gezinnen bevonden zich in gebouwen die waren omgebouwd tot tijdelijke onderkomens op het marktplein in Yelewata, vlakbij Makurdi. Daar stormden de militanten binnen en riepen “Allahu Akhbar” ('God is groot'), voordat ze naar willekeur mensen doodden.
In een verslag uit eerste hand aan de katholieke hulporganisatie Kerk in Nood (ACN) vertelden lokale geestelijken dat de politie eerder die avond een aanval had afgeslagen. Aanvallers probeerden namelijk eerst de St. Joseph kerk in Yelewata te bestormen, waar tot 700 ontheemden lagen te slapen. Toen dat mislukte, gingen de militanten naar het marktplein van de stad. Daar gebruikten ze brandstof om de deuren van de verblijven van de ontheemden in brand te steken. Vervolgens openden ze het vuur op het gebouw waar meer dan 500 mensen lagen te slapen.
De eerste berichten bevestigden dat zeker 100 mensen zijn omgekomen tijdens de drie uur durende slachtpartij. Latere gegevens, verzameld door het comité voor Gerechtigheid, Ontwikkeling en Vrede van het bisdom Makurdi (FJDP), schatten het totaal op 200. Het dodental maakt het tot de ergste gruweldaad in een regio waar het aantal aanvallen plotseling is toegenomen. Er zijn steeds meer tekenen dat er een gecoördineerde aanval aan de gang is om de gehele christelijke gemeenschap te dwingen de regio te verlaten.
Ondertussen proberen kerkleiders grote aantallen mensen te helpen. Velen onder de aanwezigen bij de slachtpartij hadden hun toevlucht gezocht in Yelewata vanwege eerder aanvallen van de Fulani op hun gemeenschap, elders in de deelstaat Benue. Zij zijn nu de stad ontvlucht naar naburige steden en dorpen.
In een gesprek met Kerk in Nood (ACN) vanuit Yelewata, minder dan 12 uur na de gruweldaad, beschrijft de pastoor van de stad, Ukuma Jonathan Angbianbee, hoe hij en andere ontheemden ternauwernood aan de dood ontsnapten. Ze vielen op de grond van de pastorie van de kerk bij het geluid van geweervuur: “Toen we de schoten hoorden en de militanten zagen, vertrouwden we ons leven toe aan God. Vanmorgen dank ik God dat ik nog leef. Wat ik vervolgens zag was echt gruwelijk. Mensen werden afgeslacht. Overal lagen lijken verspreid.”
In een eerste rapport van de FJDP, nadat de medewerkers net de plaats van het bloedbad hadden bezocht, stond: “Het was een doorn in het oog - geen lust voor het oog. Sommige [lichamen] waren onherkenbaar verbrand - baby's, kinderen, moeders en vaders gewoon weggevaagd.” Pater Jonathan zei dat sommigen zo erg verbrand waren dat het moeilijk was om ze te identificeren.
De priester zei dat Yelewata duizenden ontheemden uit naburige dorpen had opgenomen - omdat het als relatief veilig werd beschouwd. De stad, gelegen aan de hoofdweg naar Abuja – is nu grotendeels verlaten. Velen zoeken hun toevlucht in het nabijgelegen Daudu en Abagena.
Pater Jonathan zei dat hij en anderen de aanvallers identificeerden als Fulanis en dat de aanval zorgvuldig was gecoördineerd,. “De militanten bereikten de stad vanuit meerdere zijden en maakten gebruik van de dekking van hevige regenval om hun aanval in te zetten. Er is geen twijfel mogelijk over wie de aanval heeft uitgevoerd. Het waren zeker Fulanis. Ze schreeuwden 'Alahu Akhbar'.”
Pater Jonathan en andere geestelijken in het bisdom Makurdi bekritiseerden de veiligheidsreactie op de aanval. Volgens hen was de politie die de militanten tegenhield om de kerk binnen te gaan, slecht uitgerust en niet in staat om de aanval op het nabijgelegen marktplein te voorkomen.
“De ochtend na de aanval was er veel politie en andere beveiliging, maar waar waren ze de vorige avond toen we ze nodig hadden?” Hij vervolde: “Dit is verreweg de ergste gruweldaad die we hebben gezien. Niets komt ook maar in de buurt.”
In zijn toespraak tijdens het Angelus op zondag 15 juni zei Paus Leo XIV dat hij bad voor degenen die “op brute wijze gedood” werden in “een verschrikkelijk bloedbad”, waarvan de meesten ontheemden waren “die onderdak kregen bij de lokale katholieke missie”. De paus zei dat hij bad voor “veiligheid, gerechtigheid en vrede” in Nigeria. Hij voegde eraan toe dat hij in het bijzonder dacht aan de “christelijke gemeenschappen op het platteland van de staat Benue, die onophoudelijk het slachtoffer zijn geworden van geweld”.
De aanval van vrijdagavond vormt een nieuw dieptepunt in de aanvallen in de regio Makurdi, waar meer dan 95 procent katholiek is. Meer dan 100 mensen werden gedood tijdens aanvallen die drie weken geleden begonnen. Daarbij zijn meer dan 5.000 mensen ontheemd raakten. Kerkleiders hebben herhaaldelijk opgeroepen tot internationale hulp. Vanwege de omvang en aard van de aanvallen stellen zij dat er een plan van militante jihadi's aan de gang is om land in beslag te nemen en de regio etnisch te zuiveren van haar christelijke aanwezigheid.
Nigeria is één van de landen die geraakt worden door christenvervolging. Naast terroristische organisaties als Boko Haram, hebben ook etnische Fulani militanten en criminelen het gemunt op christenen. Meer weten? Klik hier voor meer informatie, films en ons rapport over de motieven, plaatsen en impact van christenvervolging wereldwijd.
Foto: © Diocese of Makurdi
"Ik vraag dat God het werk van Kerk in Nood wil zegenen."
Kerk in Nood
Peperstraat 11-13
5211 KM 's Hertogenbosch
info@kerkinnood.nl
(073) 613 08 20
Telefoonnummer call centre (073) 220 40 94
NL27 ABNA 0503 0402 31
RSIN/ANBI 2865841; KVK 41080169
Contactformulier
Projectaanvragen
Privacybeleid
Stichting Kerk in Nood/Voorheen Oostpriesterhulp Nederland

COPYRIGHT © 2026 ACN NEDERLAND - KERK IN NOOD