fbpx

Vijf miljoen euro voor wederopbouw Beiroet

vrijdag, 16 oktober 2020
Nieuws
Kerk in Nood (ACN) verhoogt het budget voor hulp aan mensen die getroffen zijn door de enorme explosie in Beiroet op 4 augustus van dit jaar naar een totaal van 5 miljoen euro. De hulp heeft vooral betrekking op het herstel en de wederopbouw van kerkelijke gebouwen in de directe omgeving van de explosie om zo de vitale infrastructuur van de verschillende christelijke gemeenschappen te herstellen.

Een van de projecten waarvoor de stichting steun heeft toegezegd, is de iconische Maronitische kathedraal van Sint Joris in het centrum van Beiroet, een krachtig symbool van de historische katholieke aanwezigheid in de Libanese hoofdstad. Deze werd aanzienlijk beschadigd door de ontploffing. Ook zal de stichting de wederopbouw van de Grieks-Melkitische kerk van Saint Saviour, gebouwd in 1890, steunen.

Kloosters
Ook de wederopbouw van verschillende kloosters van religieuze zusters, waaronder die in het ziekenhuis van de Zusters van de Heilige Rozenkrans en het centrale moederhuis van de congregatie van de Heilige Harten van Jezus en Maria, krijgt financiële steun van Kerk in Nood. “De eerste prioriteit voor de stichting is om de nodige fondsen te verschaffen om noodzakelijke noodherstelwerkzaamheden nog voor de komst van de winter te voltooien. Dit om grotere schade, bijvoorbeeld door de winterregens, te voorkomen en tegelijkertijd om deze gebouwen bruikbaar te maken”, legt Thomas Heine-Geldern, de uitvoerend voorzitter van Kerk in Nood internationaal, uit.

Noodhulp
Direct na de tragedie heeft Kerk in Nood voor 250.000 euro aan noodhulp geboden ter ondersteuning van 5880 gezinnen die door de klap dakloos waren geworden. Nu richt de katholieke instelling haar aandacht op het herstel en de wederopbouw van de vitale infrastructuur van de verschillende christelijke gemeenschappen en riten in het land. Deze steun zal worden verleend in nauwe samenwerking met de plaatselijke kerken en andere katholieke hulporganisaties.

Op 4 augustus 2020 explodeerde meer dan 2500 ton ammoniumnitraat, opgeslagen in de haven van de stad Beiroet. Door de impact van een van de grootste niet-nucleaire explosies ooit vielen minstens 200 doden, raakten 6500 mensen gewond en werden zo’n 90.000 huizen beschadigd. De gemeenschappen die het dichtst bij de explosie waren en dus het zwaarst werden getroffen, waren vooral die in de christelijke voorsteden. Door de coronapandemie en de economische crisis, veroorzaakt door de groeiende overheidsschuld en de ineenstorting van het Libanese pond, kampte het land al enige tijd ook daarvoor al met grote problemen.