Wereldwijd worden christenen in meer landen vervolgd en lastiggevallen dan mensen van welk ander geloof ook. Priesters worden vermoord, gelovigen worden ontvoerd, christelijke vrouwen worden verkracht en gedwongen hun geloof te verloochenen, kerken worden ontheiligd en gemeenschappen worden gedwongen te vluchten.
Leer over de situatie van christenen en over hoe u hulp en hoop kunt bieden. Ontvang nieuws en getuigenissen, blijf op de hoogte en doorbreek de stilte over christenvervolging!

Christenen worden wereldwijd in steeds meer landen vervolgd. Vooral waar zij een minderheid vormen, hebben zij te maken met discriminatie en geweld. In landen als Nigeria, Pakistan, Noord-Korea, China en in het Midden-Oosten is het voor christenen niet altijd mogelijk - of zelfs levensbedreigend - om hun geloof in het openbaar te belijden. Gewapende groepen, waaronder jihadisten, maar ook overheden maken het hen lastig om erediensten te houden of voor hun geloof uit te komen. In dit dossier brengen we u actuele berichten en verhalen over de discriminatie, onderdrukking en vervolging die zij ervaren.












In het rapport Vervolgd en vergeten? over christenen die worden onderdrukt vanwege hun geloof, presenteert Kerk in Nood de bevindingen van zijn voortdurende onderzoek naar patronen van haat en discriminatie.
Met de donaties van particulieren wereldwijd steunt Kerk in Nood (ACN) christenen die in pastorale nood zijn of vervolgd worden. Specifiek voor deze laatste groep zijn de projecten die zich richten op noodhulp, wederopbouw, traumazorg en preventie. Hieronder vindt u enkele voorbeelden. Geef ook en steun christenen die in tijden van vervolging uw steun het meest nodig hebben!


De moslimgemeenschap van Mozambique heeft de aanhoudende jihadistische aanvallen in het noorden van het land scherp veroordeeld. Bij recente aanvallen richten de aanvallers zich steeds vaker op christenen en christelijke locaties.
De verklaring volgde kort nadat jihadisten een bekende katholieke kerk en parochiecomplex hadden verwoest in Meza, in de provincie Cabo Delgado. De jihadisten in Cabo Delgado, die trouw zweren aan de Islamitische Staat, brandden de kerk volledig af en vernietigden belangrijke infrastructuur.
In een officiële verklaring nam de moslimgemeenschap duidelijk afstand van het geweld. “De islamitische gemeenschap van Mozambique spreekt haar diepe bezorgdheid uit over de recente aanvallen in de provincie Cabo Delgado”, staat in de verklaring. De gemeenschap verwees daarbij specifiek naar de vernieling van infrastructuur en gebedshuizen in Meza.
Daarnaast veroordeelde zij “krachtig en ondubbelzinnig alle gewelddaden tegen burgers, evenals de vernietiging van religieuze ruimtes, ongeacht hun geloofsovertuiging.” Ook sprak de gemeenschap haar solidariteit uit met de katholieke gemeenschap en alle getroffen families. “Geloof mag nooit worden gebruikt om geweld, angst of verdeeldheid te rechtvaardigen”, vervolgt de verklaring.
De boodschap werd gestuurd naar bisschop António Juliasse van Pemba. Hij publiceerde de verklaring op de sociale media van het bisdom. De bisschop noemde de steunbetuiging “een teken van hoop en een symbool van menselijke broederschap”. “Ik wil onze moslimbroeders bedanken voor hun boodschap”, verklaarde bisschop Juliasse.
Volgens hem helpt de verklaring om onderscheid te maken tussen de islam als godsdienst en degenen die haar proberen te radicaliseren. Hij waarschuwde voor groepen die de religie misbruiken om haat, dood en vernietiging te verspreiden. Mozambique telt een christelijke meerderheid, al vormen moslims de grootste religieuze groep in het noorden van het land.
Het conflict in de provincie Cabo Delgado begon in november 2017. Sindsdien kwamen minstens 6.300 mensen om het leven. Daarnaast sloegen meer dan één miljoen mensen op de vlucht. Het geweld treft verschillende religieuze groepen en gemeenschappen.
Binnen die bredere geweldsgolf zijn volgens bisschop Juliasse minstens 300 katholieken doelgericht vermoord. Onder de slachtoffers bevinden zich catechisten, pastorale medewerkers, leken en de Italiaanse religieuze zuster Maria de Coppi. Bovendien vernielden de opstandelingen minstens 118 kerken en kapellen.
Kerk in Nood (ACN) blijft de Kerk in Mozambique ondersteunen tijdens de crisis. De organisatie financiert onder meer humanitaire hulp, psychosociale begeleiding en de heropbouw van infrastructuur. Ook hielp de organisatie leiders samen te brengen voor dialoog en vrede.
Ook het Vaticaan blijft zich betrokken tonen bij de situatie in Cabo Delgado en roept herhaaldelijk op tot vrede. In december 2025 bezocht kardinaal Pietro Parolin, staatssecretaris van de Heilige Stoel, de regio. Daar luisterde hij persoonlijk naar getuigenissen van slachtoffers.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


Een historische kerk in Meza, in de regio Cabo Delgado in het noorden van Mozambique, is op 30 april verwoest door jihadistische opstandelingen.
Bij de aanval op de parochie van St. Louis de Montfort vielen geen slachtoffers onder de missionarissen. Wel veroorzaakte de aanval grote paniek onder de christelijke bevolking.
Volgens bronnen ter plaatse, die informatie doorgaven aan Kerk in Nood (ACN), begon de aanval rond 16.00 uur. Gewapende militanten drongen de parochie van St. Louis de Montfort in Minhoene binnen en vernielden alles wat zij tegenkwamen. De aanvallers staken de kerk, de kantoren en de woning van de missionarissen in brand. Ook vernielden zij de kleuterschool.
“Het was een tafereel van terreur. Woningen en infrastructuur werden vernietigd en de historische parochie ligt in puin,” schreef bisschop António Juliasse van Pemba in een bericht aan Kerk in Nood (ACN). Volgens de bisschop namen de militanten burgers gevangen. Zij dwongen hen vervolgens om haatdragende toespraken aan te horen.
De parochie van St. Louis de Montfort werd opgericht in 1946. De kerk groeide uit tot een belangrijk symbool van de katholieke aanwezigheid in het overwegend islamitische noorden van Mozambique.
Kameroense missionarissen bedienen momenteel de gemeenschap. Zij waren gelukkig niet aanwezig toen de terroristen arriveerden. “De missionarissen zijn veilig, maar de gemeenschap verkeert nog altijd in shock nadat de aanvallers vertrokken,” aldus bisschop Juliasse.
Bisschop António Juliasse vraagt de wereldkerk om steun voor de getroffen christenen. “Wij vragen aandacht en solidariteit voor de slachtoffers van Meza. Al negen jaar zien wij hoe opstandelingen kapellen en kerken in brand steken in het bisdom Pemba,” verklaarde hij. “Toch zal het geloof van Gods volk nooit verbranden. Iedere dag wordt het opnieuw opgebouwd.”
Ook aartsbisschop Inácio Saure van Nampula reageerde op de aanval. Hij is tevens voorzitter van de bisschoppenconferentie van Mozambique. Volgens hem gaan de aanvallen op christenen en gebedshuizen “volledig in tegen onze cultuur van vreedzaam samenleven tussen mensen van verschillende geloven”.
Hij riep bovendien op tot vrede en waarschuwde tegen islamofobie. “Laat de verwoesting en het doden stoppen. Laat ook het aanzetten tot haat tegen christenen stoppen. Tegelijk mogen wij geen ruimte geven aan islamofobie, want moslims zijn niet onze vijanden maar onze geliefde broeders.”
De opstand in Cabo Delgado richtte zich aanvankelijk vooral op militaire en staatsdoelen. De afgelopen jaren vallen terroristen echter steeds vaker bewust christenen aan. De extremisten zeggen trouw te zijn aan Islamitische Staat.
Sinds november 2017 heeft het conflict in de provincie Cabo Delgado minstens 6.300 doden geëist. Daarnaast sloegen meer dan een miljoen mensen op de vlucht en nog eens 50.000 na een recente aanslag. Het geweld treft verschillende religieuze groepen en gemeenschappen.
Binnen deze bredere geweldsgolf werden volgens bisschop Juliasse minstens 300 katholieken vermoord bij gerichte aanvallen op christenen. Onder de slachtoffers bevinden zich catechisten, pastorale medewerkers, gelovigen en de Italiaanse religieuze zuster Maria de Coppi. Daarnaast vernielden de opstandelingen minstens 118 kerken en kapellen. De verwoeste parochie in Meza is het nieuwste slachtoffer van dit geweld.
Kerk in Nood blijft de Kerk in Mozambique ondersteunen tijdens de crisis. De organisatie helpt onder meer met humanitaire steun, psychosociale begeleiding en de heropbouw van infrastructuur.
Ook het Vaticaan blijft betrokken bij de situatie in Cabo Delgado. Vanuit Rome klinken voortdurend oproepen tot vrede. In december 2025 bezocht kardinaal Pietro Parolin, staatssecretaris van de Heilige Stoel, de regio. Daar luisterde hij persoonlijk naar getuigenissen van slachtoffers.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


Naar aanleiding van debat heeft de Tweede Kamer een reeks moties aangenomen die raken aan de wereldwijde vervolging van christenen. De uitkomst laat een duidelijke lijn zien: er is brede politieke bereidheid om meer te doen voor godsdienstvrijheid en de bescherming van kwetsbare christelijke minderheden. Tegelijkertijd zal de werkelijke impact afhangen van de concrete uitvoering door het kabinet.
Een belangrijk signaal is de aangenomen motie van Ceder en Ceulemans om in kaart te brengen welke maatregelen mogelijk zijn tegen landen waar de doodstraf staat op godslastering of afvalligheid. In landen als Pakistan en Iran worden dergelijke wetten nog altijd gebruikt tegen religieuze minderheden, waaronder christenen. Door deze landen expliciet in beeld te brengen, ontstaat ruimte voor gerichtere diplomatieke druk.
Daarnaast sprak de Kamer zich unaniem uit voor meer aandacht voor het bestraffen van daders van geweld tegen christenen. Straffeloosheid is in veel landen een van de grootste obstakels voor verbetering van hun positie. Wanneer geweld zonder consequenties blijft, voedt dat een klimaat waarin vervolging kan voortduren.
Ook de rol van de Nederlandse speciaal gezant voor godsdienstvrijheid moet ambitieuzer worden ingevuld. Dit kan bijdragen aan een meer structurele en zichtbare inzet van Nederland op dit thema, zowel bilateraal als in internationaal verband.
Verder riep de Kamer op om gedwongen (kind)huwelijken nadrukkelijker aan te kaarten in diplomatieke contacten. Hoewel dit breder is dan christenvervolging, raakt het in de praktijk ook christelijke minderheden, die in sommige regio’s extra kwetsbaar zijn voor deze vormen van dwang.
De motie om best practices uit te wisselen met de Verenigde Staten onderstreept het belang van internationale samenwerking. Landen die zich actief inzetten voor godsdienstvrijheid kunnen van elkaar leren hoe zij effectiever druk kunnen uitoefenen en slachtoffers beter kunnen beschermen.
Bijzonder relevant voor vervolgde christenen is de unaniem aangenomen motie die oproept om bij autoriteiten in Syrië, Irak en Koerdische gebieden aan te dringen op bescherming van christenen met een islamitische achtergrond. Juist deze groep – bekeerlingen – loopt vaak het grootste risico op vervolging, zowel vanuit de samenleving als vanuit familiekring.
In het verlengde daarvan wil de Kamer dat Nederland zich in EU-verband inzet voor het verankeren van godsdienstvrijheid, inclusief het recht om van geloof te veranderen, in een toekomstige Syrische grondwet. Dit raakt aan een kern van godsdienstvrijheid: de vrijheid om te geloven, maar ook om van overtuiging te veranderen.
Ook binnen Nederland is er aandacht voor deze problematiek. Een aangenomen motie vraagt om onderzoek naar bedreiging en intimidatie van mensen die hun geloof verlaten of zich bekeren. Daarmee erkent de Kamer dat druk op geloofskeuzes niet alleen een internationaal vraagstuk is.
De aangenomen moties laten zien dat er in de Tweede Kamer een breed besef is van de ernst van christenvervolging en de noodzaak om daar actiever tegen op te treden. Met name de focus op straffeloosheid, bescherming van bekeerlingen en het aanpakken van wetten rond blasfemie en afvalligheid kan, mits goed uitgevoerd, daadwerkelijk verschil maken.
Tegelijkertijd blijven veel maatregelen afhankelijk van diplomatieke inzet. Dat betekent dat resultaten niet vanzelfsprekend zijn. Eerdere ervaringen laten zien dat toezeggingen van landen niet altijd leiden tot daadwerkelijke verbetering van de situatie ter plaatse.
Daarom is het van groot belang dat de Nederlandse inzet niet alleen ambitieus is op papier, maar ook consequent en volhardend wordt uitgevoerd. Alleen dan kunnen deze moties bijdragen aan echte verandering voor christenen die wereldwijd onder druk staan vanwege hun geloof.
De Kamer heeft met deze stemmingen een duidelijke richting gegeven. Voor organisaties die zich inzetten voor vervolgde christenen is dit een bemoedigend signaal. Tegelijkertijd onderstreept het de noodzaak om de uitvoering van dit beleid nauwgezet te blijven volgen en waar nodig aan te sporen.
Want achter elke motie gaan concrete mensen schuil – mannen, vrouwen en kinderen – die dagelijks de gevolgen ondervinden van geloofsvervolging. Voor hen maakt het verschil of woorden worden omgezet in daden.
Tijdens het debat op 1 april overhandigde kamerlid Chris Stoffer (SGP) het rapport van Kerk in Nood over godsdienstvrijheid over aan minister van Buitenlandse Zaken Berendse (CDA). De katholieke hulporganisatie behartigt de belangen van vervolgde christenen door informatie en het aanbieden van haar wereldwijde netwerk.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


De bisschop van Wukari vertelt ACN over het lijden van zijn volk. In enkele weken werden 7 pastorieën aangevallen. Hij zegt dat de federale regering van Nigeria meer moet doen om het geweld te stoppen: “De straffeloosheid is ontmoedigend en meer dan 90.000 mensen zijn ontheemd.”
Het bisdom Wukari, in de staat Taraba, in de Middle Belt van Nigeria, kampt met een ernstige veiligheidscrisis die wordt veroorzaakt door gewapende groeperingen die voornamelijk bestaan uit leden van de Fulani-bevolkingsgroep.
“De afgelopen weken zijn meer dan zeven pastorieën aangevallen en vernield, een aantal dat de twee eerder geregistreerde aanvallen ver overstijgt. Dat wijst op een zorgwekkende escalatie van het geweld”, legt bisschop Mark Nzukwein van het bisdom Wukari uit in een interview met Kerk in Nood (ACN). “Er zijn geen gewonden gevallen, omdat de pastorieën en de omliggende gebieden van tevoren waren geëvacueerd vanwege de dreigementen.”
Volgens de bisschop lijken de aanvallen verband te houden met vreedzame demonstraties. Priesters, religieuzen en leken gingen op 12 februari 2026 de straat op in het bisdom. Aanleiding vormden de moorden op 80 gelovigen en aanvallen op meer dan 200 gemeenschappen in de voorgaande weken, waaronder kerken en gebedsplaatsen.
“De demonstratie was een teken van solidariteit en een protest tegen het gebrek aan veiligheid. Ons bisdom wordt geteisterd door geweld van etnische Fulani-milities die de bevolking aanvallen, wat een grote tragedie veroorzaakt in heel Taraba”, aldus de bisschop.
De huidige situatie in het bisdom blijft uiterst alarmerend. Er is veel angst en onrust onder de lokale bevolking. “De lokale veiligheidstroepen doen wat ze kunnen, maar het aantal bandieten is enorm. We weten dat ze zich hergroeperen, dus hebben we de bevolking gewaarschuwd voor verdere aanvallen. Het leger is overweldigd. De gewapende Fulani-aanvallers zijn veel talrijker”, vertelde hij aan Kerk in Nood.
De bisschop hekelt ook het gebrek aan gerechtigheid: “We weten niet wie ze zijn, waar ze vandaan komen of wie hen steunt, maar de federale regering moet optreden. Er zijn geen arrestaties, geen verantwoording. De straffeloosheid is ontmoedigend.”
Bisschop Mark Nzukwein beschrijft de voortdurende, verlammende angst die de bevolking in haar greep houdt: “Ze spelen met mensenlevens. Je bent nergens veilig. Je weet niet wat er het volgende moment zal gebeuren. Het enige dat je kan beschermen is gebed. Het is een grote tragedie dat we ons niet veilig voelen in ons eigen land.”
Het geweld heeft een massale vluchtbeweging veroorzaakt. Momenteel zijn meer dan 90.000 gelovigen ontheemd. “Mijn volk beleeft een exodus. Ik zie ze voortdurend met hun bezittingen van de ene plaats naar de andere trekken,” klaagt de bisschop.
Veel ontheemden weigeren naar vluchtelingenkampen te gaan, uit angst dat ze daar vergeten zullen worden of een gemakkelijk doelwit vormen. “Ze willen niet naar de kampen omdat ze daar vergeten worden, alsof ze daar geparkeerd en achtergelaten zijn. Nu het regenseizoen nadert, zullen de omstandigheden nog slechter worden. Ze zijn ook bang om in de kampen aangevallen te worden omdat ze daar een gemakkelijker en groter doelwit vormen. Velen geven er de voorkeur aan bij familieleden te verblijven”, legt hij uit.
“De humanitaire crisis verslechtert door voedseltekorten en de verstoring van het onderwijs. “De toekomst van jonge mensen wordt verwoest, en dit voedt een vicieuze cirkel. Duizenden jonge mensen zonder onderwijs kunnen zo gemakkelijk worden gerekruteerd voor criminele activiteiten. Maar wie geeft er om deze levens? Wie kan het iets schelen als ze sterven?” vraagt de bisschop.
Ondanks het lijden vindt bisschop Nzukwein hoop in het geloof van zijn volk: “Als ik ze zie bidden, als ik de Mis met hen vier, word ik vervuld van hoop. Maar we dragen een zeer zware last. Ons volk ondergaat een lijdensweg.”
Het geloof blijft de enige steun van de gemeenschap. “Met Gods hulp blijven we ons kruis dragen. We maken deel uit van het martelaarschap van de 21e eeuw. We zijn bereid het kruis op te nemen als dat is wat God wil.”
Alsof het geweld nog niet genoeg was, verloor het bisdom onlangs zijn kathedraal. Deze werd op 4 maart 2026 verwoest door brand, veroorzaakt door een stroomstoot. Hoewel er pogingen werden ondernomen om de brand te blussen, werd het gebouw tot as gereduceerd.
“Menselijk gezien lijkt het alsof ons alles wordt afgenomen,” zegt de bisschop. Hij benadrukt echter de solidariteit van zijn volk: “Zelfs de allerarmsten komen naar me toe en zeggen: ‘Ik zal het weinige dat ik heb geven.’ Ook protestantse en islamitische vrienden bieden hulp aan. Geloof zit niet in stenen, het zit in mensen.”
Kijkend naar de liturgische tijd voegt bisschop Nzukwein toe: “De Goede Week is voor ons geen historische gebeurtenis. Het is het leven zelf. Het is belichaamd in mijn volk. We worden op de proef gesteld, en dat is een voorrecht. We zien de wereld versnipperen, en een van die plaatsen is mijn bisdom.”
De bisschop deelde ook een krachtig beeld dat het lijden van zijn gemeenschap symboliseert: “Een priester plaatste een kruis in een van de verlaten pastorieën als symbool van ons lijden. Maar ook die pastorie werd vernield, en men probeerde zelfs het kruis in brand te steken.”
Kerk in Nood (ACN) ondersteunt het bisdom Wukari met pastorale en noodhulp om de lokale Kerk bij te staan te midden van deze ernstige crisis.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


In het noordoosten van Nigeria keren duizenden katholieken terug naar de Kerk – ondanks meer dan 15 jaar van geweld, terreur en vervolging. Wat begon als een periode van angst en massale vlucht, groeit nu uit tot een krachtig getuigenis van hoop en geloof. Volgens bisschoppen uit het zwaar getroffen bisdom Maiduguri komen gelovigen terug “met duizenden, niet met honderden”.
Het bisdom Maiduguri, gelegen in de deelstaat Borno, is de bakermat van de jihadistische groepering Boko Haram. Sinds 2009 voerde deze extremistische beweging een bloedige opstand uit. Naar schatting werden 20.000 mensen gedood en meer dan twee miljoen mensen verdreven.
Meer dan 90.000 katholieken sloegen op de vlucht. Meer dan 1.000 gelovigen kwamen om het leven. Kerken, parochies, woningen en klinieken werden verwoest. Toch is het beeld vandaag opmerkelijk anders. Volgens bisschop Oliver Doeme is het aantal katholieken in het bisdom nu zelfs hoger dan vóór de Boko Haram-crisis: “Het aantal huwelijken neemt toe. Het aantal kinderen dat de Eerste Heilige Communie ontvangt is sterk gestegen. Het aantal dopen loopt op tot 1.000. Het verschil zit in duizenden, niet in honderden.”
Het Whuabazhi Pelgrimsoord – mede mogelijk gemaakt door hulp van Kerk in Nood – ziet recordaantallen bezoekers. Bisschop John Bakeni: “Mensen keren genezen terug… Het is een krachtig centrum van geestelijke en sociale versterking, vooral voor jongeren.” Juist op een plaats waar terreur heerste, groeit nu nieuw kerkelijk leven.
Hoewel de situatie in Maiduguri iets is verbeterd, blijft christenvervolging in Nigeria een ernstig probleem. Dagelijks vinden ontvoeringen, moorden en aanvallen plaats in andere regio’s van het land. Bisschop Bakeni spreekt over “een wolk van angst en onzekerheid die boven ons land hangt.” Vorige maand kwam naar buiten dat Nigeriaanse priesters het afgelopen decennium het meest leden onder ontvoeringen en geweld van alle priesters wereldwijd.
Toch is het opmerkelijk: waar geweld toeneemt, groeit ook het geloof. “Wanneer de Kerk vervolgd wordt, wordt het geloof van de mensen levendiger. Ondanks schoten en bomaanslagen blijven zij naar de Mis gaan.” Dit is het mysterie van een geloof dat beproefd wordt – en sterker tevoorschijn komt.
Weldoeners van Kerk in Nood ondersteunen het bisdom Maiduguri al jarenlang met de wederopbouw van kerken en parochies, pastorale zorg voor ontheemden, hulp aan priesters en religieuzen en jeugd- en geloofsvormingsprojecten. Bisschop Bakeni is duidelijk: “Zonder Kerk in Nood zou het verhaal van Maiduguri er heel anders uitzien.” Dankzij de steun van weldoeners kunnen families hun leven weer opbouwen – en blijft de Kerk aanwezig waar zij het hardst nodig is.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


Het geweld in Nigeria neemt opnieuw dramatisch toe. De katholieke Kerk in het noorden van het land heeft de afgelopen dagen de publieke druk op de regering opgevoerd na een nieuwe golf van aanslagen in het noorden en midden van Nigeria. Daarbij zijn honderden mensen om het leven gekomen en zijn nog veel meer burgers ontvoerd. Kerkelijke leiders spreken van een nationaal falen om burgers te beschermen.
Op 3 februari werden meer dan 160 mensen afgeslacht in Woro, in de staat Kwara, in de zogenoemde Middle Belt van Nigeria. Volgens berichten in de media waren de slachtoffers overwegend moslims. Zij werden door jihadistische militanten vermoord omdat zij weigerden hun extremistische versie van de islam te omarmen. Deze aanval volgt op meerdere gewelddadige incidenten in de eerste weken van 2026, onder meer in de staten Niger, Katsina, Kaduna en Borno.
In afzonderlijke verklaringen hebben het Katholiek Secretariaat van Nigeria, verschillende kerkelijke provincies in het noorden en het bisdom Kontagora de regering opgeroepen om de veiligheidstroepen onmiddellijk te versterken en nieuwe militaire bases op te richten in de zwaarst getroffen gebieden.
Het Katholiek Secretariaat van Nigeria (CSN), de administratieve en uitvoerende tak van de Nigeriaanse Katholieke Bisschoppenconferentie, publiceerde op 7 februari een verklaring waarin het de “aanhoudende golf van moorden en ontvoeringen die onze natie blijft teisteren” krachtig veroordeelde.
“Het terugkerende bloedbad is een smet op het geweten van onze natie geworden. Hoe kan het gerechtvaardigd worden dat, buiten een oorlogssituatie, meer dan 160 onschuldige burgers zijn afgeslacht in één gecoördineerde aanval in Woro, in de staat Kwara?”, vragen de bisschoppen zich af.
“Hoe kunnen we de herhaalde moorden en ontvoeringen in Agwara en Tungan Gero in de staat Niger verklaren, de uitroeiing van hele boerengemeenschappen in Katsina en Kaduna, en het aanhoudende geweld in Borno? Dit is geen ‘instabiliteit’, maar een bloedbad dat mogelijk wordt gemaakt door stilzwijgen en een verraad aan het recht van elke Nigeriaan om in vrede te leven”, aldus het document dat naar Kerk in Nood (ACN) is gestuurd.
De CSN roept de regering op de inspanningen te intensiveren om veiligheidstroepen in te zetten aan de frontlinies waar burgers worden belegerd. Ook vraagt zij om de sponsors en facilitators van terreur te identificeren en te vervolgen, ongeacht hun politieke, religieuze of sociale status. Daarnaast dringt het secretariaat aan op arrestatie en bestraffing van alle daders van geweld en op dringende hulp, psychosociale zorg en compensatie voor slachtoffers en hun families. Verwoeste gemeenschappen moeten worden bewaakt en herbouwd om hoop en waardigheid te herstellen. Ten slotte roept de CSN alle Nigerianen op om haat en geweld te verwerpen en standvastig in solidariteit met elkaar te blijven.
De kerkelijke provincies Kaduna, Abuja en Jos, die samen meer dan twintig bisdommen in het noorden van Nigeria omvatten, hebben eveneens een gezamenlijke oproep gedaan.
Zij wijzen erop dat ontvoeringen voor losgeld, moorden op onschuldige burgers, invasies van boerengemeenschappen en wijdverbreide ontheemding diepe angst en trauma veroorzaken. Landbouwgrond, bedoeld om in het levensonderhoud te voorzien, is in toenemende mate een gevaarlijke plek geworden. Veel boeren worden gedwongen hun middelen van bestaan op te geven, wat honger en armoede verder verergert.
“Een samenleving kan niet floreren als het menselijk leven voortdurend wordt bedreigd. Wij roepen daarom alle overheidsinstanties en veiligheidsdiensten op om hun inspanningen ter bescherming van levens en eigendommen te intensiveren, want vrede kan alleen bestaan als gerechtigheid wordt gehandhaafd.”
In 2026 vonden daarnaast andere ernstige veiligheidsincidenten plaats, waaronder een aanval in het dorp Kasuwan-Daji in de staat Niger. Daarbij kwamen ongeveer 30 mensen om en vele anderen werden ontvoerd. Gewapende bandieten hebben bovendien een nabijgelegen katholiek complex ontheiligd.
Bisschop Bulus Yohanna van Kontagora, wiens bisdom een aanzienlijk deel van de staat Niger beslaat, heeft in een eigen verklaring gevraagd om de oprichting van een volledig uitgeruste militaire basis in de regio. In november 2025 werden in zijn bisdom 320 mensen ontvoerd uit een katholieke school in Papiri. Hij roept de regering op voldoende veiligheidspersoneel en middelen beschikbaar te stellen en samen te werken met lokale belanghebbenden om de vrede te herstellen.
In dezelfde verklaring bedankt de bisschop de regering voor de samenwerking die heeft geleid tot de veilige terugkeer van alle kinderen en medewerkers die uit de St. Mary’s School in Papiri waren ontvoerd. Ook meldde de gouverneur van de staat Kaduna dat 183 christenen die bij drie verschillende incidenten waren ontvoerd, inmiddels zijn vrijgelaten of gered.
De ernst van het geweld in Nigeria was voor Paus Leo XIV aanleiding om tijdens het Angelusgebed in Rome het geweld te veroordelen. Hij sprak zijn gebedsvolle verbondenheid uit met alle slachtoffers van geweld en terrorisme en hoopte dat de autoriteiten vastberaden zullen blijven werken aan de bescherming van het leven van iedere burger.
Kerk in Nood (ACN) beschouwt Nigeria al lange tijd als een prioritair land en ondersteunt verschillende projecten om de lokale Kerk te versterken, vooral in het noorden van het land. De organisatie roept haar weldoeners en vrienden op om te blijven bidden voor Nigeria, opdat vrede en gerechtigheid mogen terugkeren.
[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]


[spacer height="10px"]
[spacer height="10px"]
[spacer height="0px"]
[spacer height="20px"]
"Ik vraag dat God het werk van Kerk in Nood wil zegenen."
Kerk in Nood
Peperstraat 11-13
5211 KM 's Hertogenbosch
info@kerkinnood.nl
(073) 613 08 20
Telefoonnummer call centre (073) 220 40 94
NL27 ABNA 0503 0402 31
RSIN/ANBI 2865841; KVK 41080169
Contactformulier
Projectaanvragen
Privacybeleid
Stichting Kerk in Nood/Voorheen Oostpriesterhulp Nederland


COPYRIGHT © 2026 ACN NEDERLAND - KERK IN NOOD