fbpx

“Plagen van Egypte niets vergeleken met wat Venezuela doormaakt”

maandag, 27 juli 2020
Nieuws
De politiek-economische crisis raakt de bevolking in Venezuela hard. Naast extreme armoede begint ook het coronavirus nu om zich heen te slaan. Kerk in Nood sprak erover met de bisschop van San Carlos, mgr. Polito Rodríguez Méndez.

Volgens de laatste studie van het onafhankelijke platform voor statistische studies ENCOVI zijn de niveaus van armoede en ongelijkheid in Venezuela onvoorstelbaar voor de Latijns-Amerikaanse context. Het land loopt qua economische ontwikkeling aanzienlijk achter op zijn Zuid-Amerikaanse buurlanden en benadert eerder de situatie van sommige landen op het Afrikaanse continent. Zelfs Tsjaad en de Democratische Republiek Congo scoren beter.

Volgens de door ENCOVI verzamelde gegevens leeft 96% van de huishoudens in Venezuela momenteel in armoede en 79% zelfs in extreme armoede, wat betekent dat het ontvangen inkomen onvoldoende is om de boodschappenmand te vullen. Zelfs met inbegrip van andere variabelen die verband houden met werkgelegenheid, onderwijs, huisvesting en openbare diensten, wordt geschat dat 65% van de huishoudens in armoede leeft. Daar komt nog bij dat de corona-crisis nog in de kinderschoenen staat. Volgens officiële bronnen zijn er 10.428 positieve gevallen en 100 doden. Maar de impact op de ellendige economie van het land is groot: 70% van de huishoudens ziet de stijging van voedselprijzen als het grootste probleem.

Monseigneur Polito Rodríguez Méndez, bisschop van het bisdom San Carlos in de staat Cojedes, in de centrale vlakte van Venezuela, beschrijft de huidige situatie van het land in een exclusief interview met de internationale stichting Kerk in Nood (ACN):

“Venezuela is een tijd van hongersnood ingegaan. Elke dag wordt het erger. De economie is verlamd, er is geen industrie en er is geen werk in de landbouw. Het bruto binnenlands product ligt onder nul. Het meest getroffen zijn de armsten, die niets te eten hebben en geen kans hebben om een fatsoenlijk leven te leiden. We hebben hulp uit het buitenland nodig om hen minstens één keer per week iets te eten te geven”, zei de prelaat, die net vier jaar aan het roer staat van zijn bisdom, dat zo’n 250 kilometer ten zuidwesten van de hoofdstad Caracas ligt.

“Alles is gedollariseerd; een gezin verdient zo’n drie of vier dollar per maand. Een eierdoos kost al twee dollar en een kilo kaas drie dollar. Vroeger waren de mensen arm, nu kunnen ze niet meer rondkomen. De staat Cojedes staat bekend om zijn mango’s. Veel mensen hebben nu mango’s voor ontbijt, lunch en diner. Elders weet ik niet wat ze kunnen doen. We zitten al meer dan twee maanden in quarantaine en alles is erg duur geworden. We kunnen zo niet doorgaan.”

Volgens de bisschop begint de coronaviruspandemie nog maar net zijn tol te eisen van het land. Het ergste moet nog komen en dat baart hem grote zorgen. “Vorige week stierf een priester in Maracaibo. Aangezien er geen tekenen zijn van de oorzaak, weten we niet waaraan. Maar de symptomen zijn die van het coronavirus. Kerken zijn al vier maanden gesloten en priesters hebben niets te eten. De bisschop daar verricht wonderen.”

Een ander ernstig probleem dat hij in zijn gesprek met Kerk in Nood noemt, is dat veel mensen overleefden dankzij geld dat werd overgemaakt door de ongeveer vijf miljoen Venezolanen die buiten het land werken. Door de pandemie zijn ook velen van hen hun banen kwijtgeraakt. De overboekingen zijn met 25% gedaald. “Laatst ontmoette ik een seminarist die aan het huilen was. Zijn ouders waren ontslagen. Ze hebben niets om van te leven en ze kunnen hun zoon niets sturen. We leven op Gods voorzienigheid,” vertelt bisschop Rodriguez.

Men vreest dat de duizenden Venezolaanse migranten die in Colombia, Peru, Chili en Argentinië hun banen zijn kwijtgeraakt, zullen proberen thuis te komen, waaronder mensen met het coronavirus. Om deze reden zijn de grensgebieden van Zulia, Apure en Táchira gesloten. “Veel migranten proberen terug te komen via illegale routes. Sommigen lopen 22 dagen over bergpaden. Er zijn weliswaar vooruitgeschoven posten, zogenaamde “sentinel centres”, opgezet voor degenen die zijn teruggekeerd. Maar velen denken dat deze niet veilig zijn door overbevolking, gebrek aan toiletten en slechte hygiëne. Volgens hen zijn deze centra niet geschikt en en dus duiken ze onder. Dit alles begint ernstige gevolgen te hebben.”

Naast dit alles hebben grote delen van de staten Cojedes, Portuguesa en Barinas de laatste weken te maken gehad met een wormenplaag die bananenbomen en weilanden voor het vee hebben weggevaagd. “De plagen van Egypte zijn niets vergeleken met waaronder wij hier lijden”, aldus de bisschop. “De situatie is zeer deprimerend en het aantal zelfmoorden is gestegen. We moeten de moeilijkheden overwinnen om geestelijke hulp te kunnen bieden; dit is van fundamenteel belang. Onze zender zendt de Mis op zondag daarom uit en we zetten ons pastorale werk op sociale media voort. We mogen de moed niet verliezen.”

Hij geeft toe dat als hij bidt, hij “ruzie maakt met God”, maar voegt eraan toe: “Bovenal vraag ik hem om genade. Alleen kunnen we het niet doen. Onze kracht komt van Hem. God houdt van zijn volk, Hij laat ons niet alleen en ook de Kerk laat het volk niet alleen. De rest van de planeet bevindt zich nu in een crisis, terwijl wij er al tientallen jaren onder lijden. Als Kerk hebben we de afgelopen jaren veel mensen kunnen helpen. Ondanks individuele beperkingen laten we de mensen niet alleen in de vreselijke situatie waarin we ons bevinden. En dan heb ik het niet alleen over de kwestie van de humanitaire hulp, maar ook over wat we kunnen doen om mensen toe te rusten en om corruptie, apathie, het gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel te bestrijden. Ook dit alles verarmt de bevolking,” merkte de prelaat op tijdens zijn gesprek met Kerk in Nood.

Bisschop Rodríguez Méndez heeft weinig hoop dat bepaalde politieke krachten in het land een antwoord bieden. “We moeten internationale steun zoeken. Alleen kunnen we dit niet. Er zijn geen voorraden, geen gemotiveerd personeel, geen voedsel. Het land valt uit elkaar. We willen geen interventies, zeker geen gewapende. Maar we moeten de internationale gemeenschap wel om humanitaire en medische hulp vragen, want als we dat niet doen, hebben we geen ander alternatief: of het coronavirus of de honger zal ons doden.”