fbpx

Jeltsin en de door Kerk in Nood gesmokkelde radiozender

dinsdag, 31 augustus 2021
Nieuws
Op 19 augustus was het 30 jaar geleden dat het Sovjetleger en de communistische elite een staatsgreep pleegden. De beelden gingen de hele wereld rond: tanks die door de binnenstad van Moskou rolden en positie innamen voor het parlementsgebouw. Het Sovjet-nieuwsagentschap TASS meldde dat de president van de Sovjet-Unie, Michail Gorbatsjov, wegens ziekte uit zijn ambt was ontheven. Het zelfbenoemde Staatscomité riep de noodtoestand uit. Het was maandag 19 augustus 1991, de dag van de staatsgreep tegen Gorbatsjov.
T-80UD tanks during the 1991 coup d'etat attempt in Moscow, Russia

Terwijl dit het begin van het einde van Gorbatsjovs politieke carrière betekende, was de carrière van een ander nog maar net begonnen: Boris Jeltsin, op dat moment president van de Russische Federatie. Hij werd al snel de spreker en leider van het verzet tegen de communistische hardliners die de staatsgreep hadden geënsceneerd, aangezien er onder het volk een zeer sterk verlangen naar hervorming en democratie bestond. Jeltsin werd steeds invloedrijker.

Een radio komt ‘tevoorschijn’
Terugkijkend op die tijd, springt één moment in het bijzonder in het oog: Jeltsin klom bovenop een tank voor het parlementsgebouw om het volk toe te spreken zonder gebruik te maken van een microfoon. Na zijn toespraak keerde hij terug naar het parlement en zei tegen de andere leden: “Wat ik nu nodig heb is een radio.” Hij wilde zoveel mogelijk mensen bereiken. Een ‘spreekbuis’ voor de democratische beweging was nodig, en snel. De media waren echter in handen van de militairen en de communistische hardliners.

Op dat moment gaf het netwerk dat Kerk in Nood (ACN) tijdens de Koude Oorlog in de Sovjet-Unie had opgebouwd, de tegenstanders van de staatsgreep een beslissend voordeel. Iedereen was stomverbaasd toen het Russische parlementslid Viktor Aksiutsjik aankondigde dat hij over de nodige apparatuur beschikte om een radio op te zetten. De parlementariër was bestuurslid van het station Radio Blagovest – in het Engels “Good News radio”. Er bestonden al enige tijd plannen om met steun van Kerk in Nood en een in Nederland gevestigde stichting een gezamenlijke omroep voor de katholieke en orthodoxe kerken in de Sovjet-Unie op te richten. Het Sovjetministerie van Communicatie had echter geweigerd een zendvergunning te verlenen.

Niet afgeschrikt gingen de partijen door met hun plannen om een christelijk radiostation op Russische bodem op te zetten. In augustus 1991 was de benodigde technische apparatuur al lang onderweg naar Moskou. Geruime tijd hadden de projectpartners en medewerkers van Kerk in Nood de zendapparatuur, onderdeel voor onderdeel, per schip naar Sint-Petersburg gesmokkeld en vandaar verder naar Moskou. Daar werden de onderdelen vervolgens weer in elkaar gezet. De zender stond al klaar in Moskou en hoefde alleen nog maar uit een opslagplaats te worden gehaald.

Parlement binnengesmokkeld
Een vrachtwagen van de cateringdienst van het parlement werd naar het pakhuis gestuurd, waar de zender op het voertuig werd geladen. Om ervoor te zorgen dat de communistische hardliners de zendapparatuur niet zouden ontdekken, werd deze verstopt onder sla, tomaten en ander voedsel. Nadat de koerier was teruggekeerd, installeerden technici de zender in het parlementsgebouw en verschafte de luchtmacht toegang tot een antenne.

Dankzij Kerk in Nood had Boris Jeltsin nu de spreekbuis die hij nodig had om het volk op te roepen zich te verzetten tegen de communistische staatsgreep. Zijn oproep werd gehoord door de bevolking van Moskou: duizenden verzamelden zich vreedzaam in de straten van Moskou. Zelfs een aantal militaire eenheden stapten over naar de kant van Jeltsin. Tegen de avond van 21 augustus was de staatsgreep voorbij. Jeltsin toonde snel zijn dankbaarheid door in september 1991 het gezamenlijke katholieke en orthodoxe station “Radio Blagovest” een zendvergunning te verlenen. Het station is vandaag de dag nog steeds in bedrijf.

De moderne media worden steeds belangrijker, niet alleen voor de verkondiging van het Evangelie, maar ook voor de uitvoering van het sociale werk van de universele Kerk. Sinds het begin van de jaren zestig helpt Kerk in Nood daarom met de financiering van radio- en televisiestations in de vorm van technische middelen, audio- en videoproducties en het opzetten van religieuze nieuwsagentschappen. Radiostations spelen immers een belangrijke rol bij de vorming van de publieke opinie over politieke kwesties; dit is met name het geval in Azië, Oost-Europa en Latijns-Amerika. In landen waar de media gecensureerd worden door de politieke leiding of gecontroleerd worden door ondoorzichtige economische structuren, zijn kerkelijke stations vaak van cruciaal belang voor het behoud van democratie en vrijheid.

© Foto: Almog