“Wereld wil niet zien wat in Mozambique gebeurt”

vrijdag, 24 juli 2020
Nieuws
Ondanks rapporten dat islamitische terroristen in Mozambique pubers rekruteren en meisjes tot slaven maken, heeft de internationale gemeenschap geen aandacht voor wat er gebeurt in de regio Cabo Delgado. Dat verklaart de Portugees Paulo Rangel, lid van het Europees Parlement, tegenover Kerk in Nood.
Internally displaced persons, have left their homes and are on the run after the devastated attacks by Daesh in Cabo Delgado Province, in northern Mozambique.Photos of Father Alberto Tchindemba, Provincial of the Spiritan Missionaries, responsible for the Archdiocese for the pastoral work of welcoming these people. June 2020 PLEASE NOTE THESE PICTURES ARE NOT RELATED TO ANY ACN PROJECT

“De wereld ziet niet, of wil niet zien, wat er in de provincie Cabo Delgado in het hoge noorden gebeurt.” Dat is de mening van Paulo Rangel, lid van het Europees Parlement en vice-voorzitter van de Europese Volkspartij, over de huidige situatie in het noordoosten van Mozambique, waar gewelddadige aanvallen door gewapende groeperingen al honderden doden hebben veroorzaakt en meer dan 200.000 mensen dakloos hebben gemaakt. “Dit zou een absolute prioriteit moeten zijn voor de internationale gemeenschap. In plaats daarvan lijkt het nauwelijks te zijn opgevallen.”

Beter laat dan nooit
“Het wordt al laat om in actie te komen, maar toch is het beter om dat nu te doen dan later. Sinds 2017 worden we geconfronteerd met deze steeds terugkerende en verergerde situatie, maar de internationale gemeenschap is absoluut nergens te bekennen”. In gesprek met Kerk in Nood noemt Rangel de situatie ‘een kruitvat’ en riep hij op tot hulp voor de mensen die door het geweld zijn getroffen, met name de ontwortelde en ontheemde mensen. “Dit zijn mensen die alles hebben verloren door de aanvallen van deze gewapende groepen, die beweren te behoren tot de zogenaamde Islamitische Staat.”

Paniekreactie
Omdat ze hebben gezien wat er in de dorpen gebeurt in Cabo Delgado, vluchten veel mensen naar de steden, waar ze denken dat de aanvallen minder waarschijnlijk zijn. Rangel: “Tegelijkertijd is deze ontwrichting van de bevolking niet alleen een direct gevolg van de aanvallen op de dorpen en de kleinere steden, maar een gerechtvaardigde paniekreactie. Als gevolg daarvan vluchten mensen voor hun eigen bescherming, zelfs voordat ze worden aangevallen.”

Rangel benadrukt dat het niet om een religieuze oorlog gaat. “Zowel Christenen als Moslims zijn het slachtoffer van de haat van deze extremistische groeperingen.” Hij benadrukt het standpunt van bisschop Luiz Fernando Lisboa, de bisschop van Pemba, in diens verklaringen over dit onderwerp. “De bisschop van Pemba is absoluut duidelijk geweest in al zijn profetische interventies en in alle oproepen die hij heeft gedaan. Hij is de grote apostel van deze zaak geweest en heeft duidelijk gemaakt dat de Moslims ook veel lijden. Ook de moslimleiders zelf zijn uiterst bezorgd.”

Dwang door geweld
Paulo Rangel beschrijft tegenover Kerk in Nood de sfeer van angst en extreem geweld die de regio in zijn greep heeft. “We weten dat er jonge meisjes zijn ontvoerd en tot slavernij zijn gedwongen door sommige van deze opstandelingen, deze terroristen. En we weten dat er jongens, pubers, worden gerekruteerd, sommigen nog maar 14, 15, 16 jaar. Het is duidelijk dat deze jonge jongens onder dwang staan. Als ze weigeren zich bij de groep aan te sluiten, kunnen ze gedood worden.”

Omdat de brute verwoesting in deze regio zoveel slachtoffer maakt, is de steun van de internationale gemeenschap volgens de Europarlementariër dringend nodig. “We hebben het hier over een van de armste regio’s ter wereld. De mensen leefden al in extreme armoede en worden nu geconfronteerd met ernstige moeilijkheden, met de dreiging van de dood, het verlies van hun huizen.”