Dinsdag 7 augustus 2018
Nieuws bericht

Vier jaar na de opmars van de Islamitische Staat (IS) door de christelijke dorpen van de Vlakte van Nineve in het noorden van Irak klaagt de Syrisch-Orthodoxe aartsbisschop Timotheus Musa Al Shamani het gebrek aan veiligheid aan.

“Zonder veiligheid en werk zal geen enkele Christen in Irak blijven“, zei de bisschop van het bisdom van de heilige Matti onlangs in een interview met Kerk in Nood. Al Shamani richtte een oproep tot de internationale gemeenschap om haar verantwoordelijkheid te nemen. “Er zou een internationale vredesmacht in de Vlakte van Nineve moeten worden gelegerd. We willen een garantie dat onze vrijheid en onze veiligheid worden verzekerd.“

De Verenigde Staten dragen daarbij een bijzondere verantwoordelijkheid om de veiligheid van de Christenen te waarborgen, aldus de aartsbisschop. “Alle politici gehoorzamen immers aan Amerika“, verklaarde hij. Al Shamani uitte kritiek op de aankondiging van de huidige regering van de Verenigde Staten om de hulpfondsen in de toekomst rechtstreeks aan de door de Islamitische Staat vervolgde Christenen toe te kennen en dit niet langer via de organisaties van de Verenigde Naties te laten verlopen. “Wij horen vele toespraken van president Trump. Wat wij echter willen zien, zijn concrete acties“, aldus de aartsbisschop.

De aartsbisschop heeft op dit moment echter schrik voor een terugkeer van radicale islamitische groeperingen. “Wij vermoeden dat er zich in de toekomst opnieuw een groepering zal vormen die vergelijkbaar is met de Islamitische Staat, onder welke naam dan ook.“

Op 6 augustus 2014 hadden de jihadisten het christelijke hart van Irak nabij Mosul veroverd. Ongeveer 120.000 Christenen moesten daarbij op de vlucht slaan. Velen van hen brachten verscheidene jaren als binnenlandse vluchtelingen in Irak door of vluchtten naar het buitenland. Sinds 2016 zijn de Iraakse regeringstroepen en hun bondgenoten er stap voor stap in geslaagd de gebieden terug te veroveren die de Islamitische Staat bezet hield. Ondertussen zijn tienduizenden Christenen naar hun zwaar beschadigde thuisdorpen teruggekeerd. Kerk in Nood levert een zeer aanzienlijke bijdrage aan de wederopbouw. Aartsbisschop Al Shamani bedankte Kerk in Nood uitdrukkelijk voor de ondersteuning gedurende al die jaren dat de Christenen uit hun thuisland waren verdreven. “Zonder de hulp van kerkelijke organisaties als Kerk in Nood zouden wij Christenen hier niet hebben kunnen overleven.“

Ook Bashir Warda, de Chaldeeuws-katholieke aartsbisschop van Erbil, benadrukte de ondersteuning door Kerk in Nood. Zijn bisdom had een groot deel van de christelijke binnenlandse vluchtelingen opgevangen. Met het oog op de wederopbouwwerkzaamheden in de Vlakte van Nineve wees de aartsbisschop met nadruk op het belang van een snelle vooruitgang van de werkzaamheden. “Deze zomerperiode is van essentieel belang voor ons. Wij moeten alle vereiste inspanningen leveren om die dorpen opnieuw op te bouwen. De Iraakse regering heeft ons al laten weten dat ze geen geld ter beschikking kan stellen en dat ze ons niet zal helpen.“

Wat de financiële toezeggingen van de regering van de Verenigde Staten betreft, toonde de aartsbisschop zich echter optimistisch. Tot op heden werden weliswaar nog geen financiële middelen ter beschikking gesteld, aldus Warda. “Ik ben er echter vast van overtuigd dat de Verenigde Staten willen helpen. Het is de eerste keer dat een Amerikaanse regering toegeeft dat de mensen hier wegens hun geloof worden vervolgd”, aldus de aartsbisschop.

Aartsbisschop Warda benadrukte tevens de rol van de Christenen voor de samenlevingen in het Midden-Oosten. “Het hele Midden-Oosten wordt door geweld, corruptie en politieke omwentelingen geteisterd. De volledige regio is bezoedeld door de zonde. Het is Jezus die deze zonden vergeeft en die de wonden geneest. Wie behalve de Christenen kan Jezus aan die verscheurde en corrupte regio geven? Daarom zijn wij niet alleen Christenen, maar tegelijk ook apostelen van vergeving en liefde.“

Kerk in Nood heeft voor de wederopbouw van de door de Islamitische Staat bezette christelijke dorpen meer dan 6,9 miljoen euro ter beschikking gesteld. Tot op heden (situatie in juli 2018) is 45 procent van de verdreven gezinnen naar huis teruggekeerd en kon 35 procent van alle beschadigde of vernielde huizen opnieuw bewoonbaar worden gemaakt. Ook door IS beschadigde kerken werden gerestaureerd. Daarmee zet Kerk in Nood haar hulpinspanningen voor de vervolgde christenen van Irak voort die sinds het begin van de christelijke vluchtelingencrisis in Irak in 2014 werden aangevat. Voor de christelijke binnenlandse vluchtelingen stelde Kerk in Nood in het kader van een van de grootste individuele hulpacties van haar geschiedenis ook geldelijke middelen ter beschikking voor huisvesting en scholing en voor voedselhulp en medische verzorging. In totaal heeft Kerk in Nood de Christenen in Irak sinds 2011 al met 35,7 miljoen euro ondersteund.

tekst: Oliver Maksan

Doneer