Pater Lucas Perozzi is al 22 jaar missionaris in Oekraïne. Hij komt oorspronkelijk uit Brazilië en is onlangs verhuisd van Kiev naar het kleine stadje Bila Tserkva, ongeveer 100 kilometer van hoofdstad Kiev. Hij was gewend aan het luchtalarm in de grote stad, maar zijn eerste nacht op zijn nieuwe post was er een om nooit te vergeten. Een interview over de kwetsbaarheid van het leven.
Geen luchtverdediging
“Op mijn eerste dag was er een raketaanval, een grote. Het grote verschil met Kiev was dat in de hoofdstad de meeste raketten werden onderschept. Omdat Bila Tserkva niet over dezelfde luchtverdedigingssystemen beschikt, raakten ze allemaal hun doelwit. Een gebouw van vier verdiepingen stortte in, twee mensen kwamen om het leven en acht raakten gewond, en verschillende andere huizen raakten beschadigd”, legt hij uit.
Net als in andere delen van Oekraïne is de oorlog in ieders gedachten en is de dood een constante metgezel. “Elke dag horen we dat er soldaten zijn omgekomen in de oorlog, en elke dag is er wel een begrafenis in de buurt. We worden elke dag geconfronteerd met de dood”, zegt pater Lucas.
Kou in huis
Nu de temperaturen in Oekraïne snel dalen, zijn luchtaanvallen vaak gericht op energiesystemen. “We hebben elke dag stroomuitval. Soms vieren we de mis bij kaarslicht of met een zaklamp op batterijen, als die is opgeladen. De elektriciteit wordt om 4 uur 's ochtends uitgeschakeld en pas rond 5 uur 's middags weer ingeschakeld”, vertelt hij aan Kerk in Nood (ACN).
“Soms hebben we elektriciteit, soms niet; soms hebben we water, soms niet; soms hebben we voedsel, soms lijden we honger”, geeft de priester toe. “De prijzen stijgen en de mensen weten niet wat ze moeten doen. Het is een wonder dat de mensen überhaupt kunnen leven, vooral de vluchtelingen uit het oosten die hier nu wonen. Ik weet niet hoe ze überhaupt overleven.”
Huur betalen
Pater Lucas bedient de kleine katholieke gemeenschap in Bila Tserkva. De gemeenschap komt samen in een prachtige katholieke kerk die ten tijde van de Sovjet-Unie in beslag werd genomen en nooit is teruggegeven. “Nu moeten we huur betalen om te mogen bidden in de kerk die van ons is gestolen. En elk jaar moeten we een overeenkomst met het Ministerie van Cultuur verlengen”, legt pater Lucas uit.
De vorige pastoor begon met de hulp van ACN een nieuw huis te bouwen om de gemeenschap te dienen, maar dat is nog niet af. “Het zal kapellen hebben, ruimtes voor jongerenpastoraat en ook een revalidatiecentrum voor oorlogsveteranen”, zegt de priester.
Ik bid voor mijn parochianen
Te midden van al deze zorgen en moeilijkheden, geeft pater Lucas toe dat hij en zijn gemeenschap maar één wens hebben. “Zelfs als de oorlog eindigt, zullen er problemen blijven bestaan, zullen we te maken krijgen met economische tegenspoed en anarchie in de nasleep van het conflict. Maar het enige wat ik echt wens, is dat God verschijnt in het leven van elke persoon naar wie ik ben gezonden. Ik bid elke dag voor hen, voor mijn parochianen, dat God voor elk van hen geboren mag worden, want ons leven hier is erg kwetsbaar.”
Eerder dankte pater Lucas Perozzi de weldoeners van Kerk in Nood (ACN) voor hun hulp en vertelde hij waarom hij zich juist blijft inzetten voor de verkondiging van het Evangelie.




