In 2016 heeft Kerk in Nood wederom een record aan giften ontvangen. Met 129.271.207 ontvingen we vijf miljoen euro meer dan het voorafgaande jaar.

In 2016 heeft Kerk in Nood wederom een record aan giften ontvangen. Met € 129.271.207 ontvingen we vijf miljoen euro meer dan het voorafgaande jaar. Daarmee konden 5.303 projecten gefinancierd worden in 148 landen. Omdat de hulpvraag onverminderd groot is, hebben we 2.109 ingediende aanvragen moeten afwijzen. Vanuit Nederland werd € 3,89 miljoen bijgedragen (t.o.v. € 3,59 miljoen in 2015). Kerk in Nood directeur Joris van Voorst tot Voorst: "Vanzelfsprekend zijn wij dankbaar voor deze groei. We kunnen meer mensen helpen, maar zien ook dat er in Nederland meer verbondenheid is met het lijden van Christenen elders in de wereld."

Groei van de Kerk in Afrika
Veel projecten zijn te vinden in Afrika. Het toenemend aantal verzoeken om hulp uit dit continent – thans 34% van alle aanvragen – weerspiegelt de groei van de Kerk in Afrika. De landen in de Sahel en het Noorden van Nigeria, Kenia en Tanzania verdienen hier bijzondere aandacht, omdat daar een agressieve vorm van Islam oprukt. In het Midden-Oosten, de bakermat van het Christendom, drukken noodhulp en steun om te overleven zwaar op de begroting. Deze steun verzekert het bestaan van Christenen in de regio. Irak en Syrië zijn de landen die de meeste steun in de wereld hebben verkregen, ten bedrage van respectievelijk € 9,7 en 6 miljoen. Dit is uiteraard te wijten aan de politieke situatie die er heerst. Sinds 2011 is ongeveer € 60 miljoen verstrekt in de crisisgebieden in het Nabije en Midden Oosten. Alleen al het afgelopen jaar bedroeg dit bedrag een totaal van € 18,2 miljoen. Het is te verwachten dat deze hulp in 2017 aanzienlijk toeneemt, vooral in de vorm van bijdragen aan wederopbouw, zodat Christenen kunnen terugkeren naar gebieden die zijn bevrijd uit de greep van Islamitische Staat (IS).

Net als in voorafgaande jaren is het grootste deel van de totale hulp gegaan naar steun aan bouwprojecten. Ze kwam overeen met 30% van het totale bedrag, gevolgd door noodhulp voor het Midden-Oosten en steun aan vorming en opleiding ten behoeve van de ongeveer 30.000 catechisten en pastorale werkers die op dit gebied actief zijn. Met name in Centraal en Oost-Europa heeft het budget voor (beroeps)opleiding dat van bouwprojecten ingehaald. Wereldwijd hebben we de bouw of wederopbouw van meer dan 1200 kapellen, kerken en kathedralen medegefinancierd, vooral in streken getroffen door natuurrampen. Een derde van de uitgevoerde projecten is in Afrika tot stand gekomen.

Steun aan priesters, seminaristen en religieuzen
Misintenties hebben één op de negen priesters (43.015 in totaal) steun geboden, met name in Afrika (daar waren het er 14.403) en in Azië (11.293). Ook is steun verleend aan 10.760 jonge seminaristen, d.w.z. één op elke elf priesterstudenten. De meesten van hen bereidden zich voor op het priesterschap in Afrika (4.667), in Latijns Amerika (2.900) en Oost-Europa (1 577). Steun voor levensonderhoud en/of opleiding is aan 11 080 zusters verleend, d.w.z. één zuster op 62 over de gehele wereld, terwijl dit in 2015 nog slechts één zuster op 67 gold. In het merendeel van de gevallen ging het om hulp bij levensonderhoud van contemplatieve ordezusters. Verder is de aanschaf gefinancierd van 375 auto’s, 149 motorfietsen, 239 fietsen en twee boten.

Nooit eerder heeft Kerk in Nood wereldwijd zoveel geld in één jaar ontvangen. Bijna twee-derde van het totaal (65%) komt uit individuele giften, iets meer dan een vijfde deel is te danken aan erfenissen. Voor het inzamelen van fondsen beschikt de stichting over nationale kantoren in totaal 23 landen. De administratieve kosten in 2016 bedroegen 6,4% van het budget (6,5% in 2015). De cijfers en statistieken zijn internationaal gecontroleerd en bevestigd door het accountantsbureau KPMG en in Nederland door WvG Accountants B.V.