fbpx

“De dag van zijn martelaarschap”

maandag, 29 januari 2018
Nieuws
Marian Nabil Habib noemt de sterfdag van haar vader “de dag van zijn martelaarschap.” Nabil Habib (48) was 1 van de 29 personen die op 11 december 2016 omkwamen bij een zelfmoordaanslag door Islamitische Staat.

Het doelwit van de aanslag waren kerkgangers in de Koptische Kerk van St. Petrus en St. Paulus in Caïro. Marian, die nu 15 jaar is, vertelt haar verhaal aan Kerk in Nood. “De dag is als een scheiding in mijn leven en in het leven van mijn familie. Ik was altijd al bang dat ik één van mijn familieleden zou verliezen. Het bleek mijn vader te zijn, die een goede vriend voor mij was. Ik zal de details van die dag nooit vergeten.” Het gezin woont in een appartement op het terrein van de Koptisch-Orthodoxe kathedraal St. Marcus, waar de El-Botroseyakerk is gevestigd. Marian: “Mijn vader werkte als bewaker bij de kerk. Twee dagen voor de aanslag vierde ik mijn verjaardag en zat ik nog te dollen en grappen met mijn vader. De dag voor de aanslag leek mijn vader zich niet normaal te gedragen. Hij kwam elke keer terug naar ons appartement om mijn jongere broertje, Fadi die twee jaar is, in de gaten te houden. Die zaterdagavond was de zelfmoordterrorist naar de kerk gekomen en had hij pa dingen gevraagd over religieuze boeken. Hij zei dat hij meer wilde weten over het Christendom; een diaken luisterde het gesprek af en zei tegen de jongeman dat hij de volgende morgen om 10.00 uur terug moest komen. Op zondagmorgen, zodra mijn vader de jongeman zag, herkende hij hem. Deze haastte zich snel naar de banken waar de vrouwen zaten en zag er verward uit. Mijn vader zocht per telefoon contact met mijn oom om hem te vertellen over de man, maar hij beëindigde het gesprek om de man te achtervolgen. Vervolgens blies de zelfmoordterrorist zichzelf op.”

Een glimlach voor hij stierf
“Slechts enkele minuten voor de explosie had mijn vader me gevraagd om naar ons appartement te gaan om een kop thee voor hem klaar te maken. Toen ik de explosie hoorde, dacht ik dat de ketel was ontploft. Maar al gauw was er dikke rook en vielen de stenen van de keukenmuren. Ik rende naar buiten en zag mensen in alle richtingen rennen en hysterisch schreeuwen. Het was een toneel van totale vernietiging. Maar ik wist nog steeds niet wat er gebeurd was. Ik vroeg naar mijn vader, maar niemand wist waar hij was. Ik zocht voortdurend naar hem en toen, bij de ingang van de kerk, vond ik mijn vader die op de grond lag, hevig bloedend aan zijn hoofd. Ik trok mijn jack uit zodat zijn hoofd erop kon rusten. Hij had wonden over zijn hele lichaam; zijn hand zag er verbrijzeld uit; mijn haar werd nat van zijn bloed. Hij leefde nog, keek mij in de ogen en zei tegen me dat ik voor mijn jongere zusje en broertje moest zorgen, en hij gaf me de sleutel van het hek van de kerk en van ons appartement. Ik zal me altijd zijn glimlach herinneren vlak voordat hij stierf.”

Wees niet bang
Marian is nog steeds bezig het verlies een plaats geven. “Voordat dit alles gebeurde, had ik me al lange tijd zorgen gemaakt dat ik iets kostbaars zou verliezen. Mijn vader verliezen, bracht me meer dan een maand lang in een toestand van shock en ik kreeg bezoek van een psychiater. Tenslotte was het Gods genade en Zijn troost die me hielpen te herstellen. Ik voel veel bemoediging van God en ik kreeg ook steun van de Kerk, van mijn vrienden, en van de mensen om ons heen; er is ook veel belangstelling geweest van mensen uit andere landen en van internationale groepen die ons tot op de dag van vandaag bezoeken. Ik ben niet bang, maar verlang nog steeds naar mijn vader en – net als mijn kleine broertje – heb ik zijn knuffels nodig; wij missen hem heel erg. Ik wil mijn land en de plaats waar mijn vader zijn hele leven diende en leefde niet verlaten. Al mijn herinneringen aan mijn vader zijn hier. Ondanks de pijn is mijn leven ten goede veranderd. Ik voel me sterker en ik geef meer om mijn studie dan ooit tevoren. De toekomst maakt me niet langer bang. Ik ben lid geworden van het kerkkoor, dat geeft me innerlijke rust, omdat het één van de dingen is die mij dichter bij God brengen. Mijn boodschap aan allen die lijden en die misschien mijn woorden lezen: wees niet bang. God is groot. Ik vraag iedereen om te bidden voor alle mensen die te maken hebben met geweld en haat; we moeten bidden om vrede in de wereld.” Als ze verder in de toekomst kijkt, zegt Marian dat ze uiteindelijk medicijnen wil studeren, “omdat dat de droom van mijn vader was.”

Kerk in Nood heeft de Kerk in Egypte in 2017 ondersteund bij 47 projecten voor een bedrag van meer dan € 420.000. In het bijzonder heeft Kerk in Nood geholpen met zomercursussen, programma’s voor de jeugd en de vorming van seminaristen en priesters.