fbpx
Featured Image

Vruchten van de missie van de apostel Thomas: missionarissen uit India in Afrika

De Karmelieten uit de provincie Manjummel in India zijn hier een voorbeeld van. In antwoord op een verzoek van de plaatselijke bisschop van Chipata werden in 2014 vier broeders naar Zambia gestuurd om het werk van de missie te beginnen. Een jaar later konden de religieuzen hun eigen klooster betrekken en in december 2020 ontving een door de orde gesticht seminarie zijn eerste studenten. Een jonge lokale man uit Chamilala is er al begonnen aan zijn priesterlijke vorming. “Zo begint het proces van inplanting van de Orde van de Ongeschoeide Karmelieten diep in Zambia”, luidt de blijde boodschap in een officiële verklaring van het klooster. Kerk in Nood (ACN) heeft de missionarissen in India vanaf het allereerste begin gesteund.

De pastorale activiteiten die worden uitgevoerd in de regio, die een van de armste van het land is, variëren van regelmatige zondagse diensten en catecheselessen tot ter plaatse ontwikkelde geloofsvormingsprogramma’s. In de afgelopen twee jaar zijn ongeveer 500 doopsels gevierd; deze werden gedeeltelijk mogelijk gemaakt door evangelisatie van deur tot deur.

Medische en onderwijsvoorzieningen maken ook deel uit van de diensten die worden verleend door de parochies die door de Karmelieten worden geleid. Zoals op de meeste plaatsen in de wereld, ligt de nadruk momenteel op de bestrijding van de corona-pandemie. Veel ziekten worden echter veroorzaakt door een gebrek aan toegang tot schoon drinkwater. Als reactie hierop hebben de parochies zelf waterputten gebouwd, die de inwoners van de dorpen van water voorzien.

Zoals broeder Jacob Paxy Aumkal aan Kerk in Nood uitlegde, vormt de gebrekkige infrastructuur ook een grote uitdaging. “In het regenseizoen zijn de wegen onbegaanbaar door de kleverige modder. Wekenlang zijn we dan afgesneden van de rest van het land.” ACN probeert ook op dit gebied te helpen, bijvoorbeeld door vierwielaangedreven voertuigen te doneren die de priesters kunnen gebruiken om hun vijf missieposten te bereiken, zodat ze de mensen die daar wonen kunnen bijstaan en ondersteunen. “We zijn vol dankbaarheid als we denken aan al die mensen die zoveel hebben gedaan om ons missiewerk te steunen”, schreef broeder Jacob Paxy. Hij legde uit dat, aangezien de broeders geen bron van inkomsten hebben, de door Kerk in Nood toegekende Misintenties het enige middel van bestaan zijn voor onze missionarissen.

Broeder Jacob Paxy dient momenteel alleen in de afgelegen missiepost in Chamilala. Hij werkt tot 19 uur per dag – en toch is hij vol vertrouwen. “We zijn dankbaar dat God ons nodig had in deze missie, om te prediken tot de armen en hun pijn te verzachten. Wij nodigen u allen uit om deel te nemen aan deze missie, hetzij direct, hetzij indirect door actieve fysieke of geestelijke deelname. Zij die in staat zijn om economisch bij te dragen aan de ontwikkeling van deze missie en de verwezenlijking van haar projecten worden van harte aangemoedigd om dit te doen. Wij verzekeren u dat God u zal belonen voor elke hulp die u aan deze missie van God geeft.”

Wilt u het werk van de lokale Kerk in Chipata, Zambia, steunen? Doneer dan online of maak uw gift over onder vermelding van Zambia. Uw gift gaat naar dit project of soortgelijke projecten in de regio.

 

 

Featured Image

10 jaar oorlog: de balans van uw hulp in Syrië

In het laatste verslag van Kerk in Nood ter gelegenheid van de tiende verjaardag van het begin van het conflict, meldde Kerk in Nood dat zij tussen 2011 en 2021 in totaal 41,8 miljoen euro aan Syrië heeft toegekend. Het grootste deel van dit budget, meer dan 33 miljoen euro, was bestemd voor humanitaire hulpprojecten op het gebied van levensonderhoud, medische hulp, voedsel, kleding, gezondheidspakketten, huisvesting en onderwijs. In coördinatie met plaatselijke kerken van verschillende tradities bereikten een totaal van 418 initiatieven de inwoners van de steden die het zwaarst door de oorlog getroffen zijn, zoals Aleppo, Homs, Damascus, Marmarita en Tartus. Dit zijn de plaatsen waar de meerderheid van de christenen in Syrië geconcentreerd is.

Een druppel melk
Een van de belangrijkste projecten die de organisatie sinds 2017 steunt, is de campagne “Een druppel melk” in Aleppo. Daarbij wordt poedermelk uitgedeeld aan meer dan 3.000 kinderen uit christelijke gezinnen die in nood verkeren of door de oorlog ontheemd zijn geraakt. Het programma begeleidt hen vanaf hun geboorte tot hun tiende jaar. Soortgelijke projecten komen sinds 2015 ook ten goede aan kinderen in Tartus en sinds 2018 in Homs.

Studiebeurzen
Een ander door Kerk in Nood gesteund initiatief bestaat uit studiebeurzen voor christelijke school- en universiteitsstudenten in Aleppo en Damascus. Een derde van de scholen is gesloten als gevolg van de oorlog, maar veel gezinnen konden het zich toch niet veroorloven hun kinderen naar de scholen te sturen die wel functioneren. Dankzij studiebeurzen konden in het academisch jaar 2019-2020 in Aleppo alleen al 7.340 studenten verder met hun studie. In Damascus werden met de steun van de Zusters van Goddelijke Liefde van Besançon 2020-2021 studiebeurzen aan 550 universiteitsstudenten verstrekt van de plaatselijke Grieks-Melkitische Kerk.

Corona
Syrië is niet gespaard gebleven voor de gezondheidscrisis als gevolg van de coronapandemie. In 2020 heeft Kerk in Nood daarom meer dan 576.000 euro uitgetrokken om met de hulp van plaatselijke kerken 23.050 christelijke gezinnen te helpen die in grote nood verkeren door de precaire economische situatie die door de quarantaine is ontstaan. Met Kerstmis 2020 hebben de weldoeners van Kerk in Nood bovendien 200.000 euro geschonken om met de hulp van de Congregatie van Jezus en Maria winterjassen te verstrekken aan 25.000 kinderen in verschillende steden over het hele land.

Wederopbouw
Bovendien heeft ACN bijna vier miljoen euro geïnvesteerd in 156 projecten voor de wederopbouw van kerken, kloosters, scholen en pastorale centra, en 1,5 miljoen euro voor de wederopbouw van 1.077 particuliere huizen die door de gevechten en bombardementen verwoest zijn. Deze projecten hebben bijvoorbeeld gezinnen in Homs, Aleppo, Maaloula en de Vallei der Christenen geholpen om naar hun huizen terug te keren. Kerken die dankzij weldoeners van Kerk in Nood herbouwd zijn, zijn onder andere de kathedraal van Onze Lieve Vrouw van de Vrede in Homs en de kathedraal van Sint-Elijah in Aleppo.

Pastorale hulp
Wat de pastorale hulp betreft, heeft ACN meer dan twee miljoen euro uitgetrokken voor 182 projecten. De meest in het oog springende zijn de zomerkampen, die bedoeld zijn als een tijd van genezing, geloofsopvoeding en onderwijs voor jongeren of gezinnen die het trauma van de oorlog hebben opgelopen. Hiertoe behoort ook de gebedsactie “Troost mijn volk”, die christelijke gezinnen begeleidt die in de oorlog dierbaren hebben verloren. De icoon van Mater Dolorosa, Troosteres der Syriërs, gezegend door paus Franciscus, heeft parochies bezocht in 34 bisdommen.

Andere projecten van Kerk in Nood om het werk van de Kerk in Syrië tijdens de oorlog te steunen, betroffen onder meer Misintenties voor priesters (€874.000 en steun bij de aanschaf van religieuze boeken (€48.000), opleidingskosten (€356.000), transport (€181.000) en katholieke media (€13.000).

Ook in de nabije toekomst geeft Kerk in Nood hoge prioriteit aan de situatie van Christenen in Syrië. Wilt u hen steunen in deze moeilijke tijden? Doneer dan online of maak uw gift over onder vermelding van Syrië.

 

Featured Image

Dankzij uw gift blijven Karmelietessen in Zomba bidden

De plaatselijke katholieke gelovigen zijn verheugd over de aanwezigheid van de zusters en steunen hen ook graag, voor zover dat binnen hun mogelijkheden ligt. Maar ze zijn erg arm. Het droge seizoen duurt hier acht maanden per jaar. Het zijn dan ook vaak de zusters zelf die het weinige dat ze hebben, delen met de armen die bij hen aankloppen. En dat doen ze graag.

Bescheiden inkomsten
De zusters zijn er tot nu toe in geslaagd om hun bescheiden inkomen vooral te verdienen met het bakken van hosties voor het bisdom. Aanvankelijk waren er weinig klanten, maar de vraag is sindsdien gestaag toegenomen en inmiddels doen zij niet alleen bestellingen uit hun eigen bisdom, maar ook uit naburige bisdommen in het land. Maar er was één probleem. Zij hadden geen voertuig om de zware zakken meel die zij nodig hadden te vervoeren. Soms konden zij iemand vinden om hen te helpen met het vervoer, maar alleen als noodoplossing. Voorheen bezaten zij een zeer oud voertuig, dat in de loop der jaren echter steeds onbetrouwbaarder en duurder werd in reparatie en onderhoud en niet langer geschikt was voor zijn doel.

Vervoer ingrediënten noodzakelijk
Dankzij de hulp van onze gulle weldoeners kon Kerk in Nood (ACN) een bijdrage leveren van 25.570 euro. Daarmee konden ze een gloednieuw voertuig kopen, waarmee ze nu het meel en alle andere materialen die ze nodig hebben kunnen vervoeren. Gezien de toestand van de wegen in Malawi, net als in veel andere delen van Afrika, was het natuurlijk van essentieel belang om een robuust en stevig voertuig te hebben dat het terrein aankan, omdat het anders snel verslijt en onbruikbaar wordt.

De zusters zijn zeer dankbaar voor uw hulp. Zij schrijven: “Wij zijn zeer gelukkig met deze auto. Moge God u zegenen en u een miljoen maal belonen! Hij die alle harten kan lezen, kan zien hoe dankbaar wij zijn!”

De zusters in Zomba kunnen doorgaan met hun werk en hun gebed. Wilt u projecten steunen van andere contemplatieve congregaties in de regio? Doneer dan online of maak uw gift over onder vermelding van code: 135-06-29. 

Featured Image

“Boot nodig voor pastoraal werk in Amazonegebied”

De territoriale prelatuur van Itacoatiara ligt in de staat Amazonas in het noorden van Brazilië en beslaat een oppervlakte van meer dan 22.000 vierkante mijl (58.000 km²) – groter dan sommige van de kleinere Europese landen zoals Nederland of Zwitserland. In deze regio zijn de rivieren de centrale verkeersaders. Er zijn maar weinig wegen en vliegen – het enige andere alternatief – is erg duur.

De weinige priesters kunnen de afgelegen gemeenschappen vaak slechts één of twee keer per jaar bezoeken. Terwijl de priesters zich concentreren op het toedienen van de sacramenten, zijn het de leken-missionarissen die begeleiding en ondersteuning aan de bevolking bieden door catechese en andere vormen van religieus onderwijs te geven.

De parochie van Christus de Koning (Cristo Rei) is gevestigd in de stad Itacoatiara en heeft maar liefst 48 buitenposten. Vijf daarvan bevinden zich op eilanden in de Amazone. Dertig buitenposten liggen aan de oevers van de Rio Arari, een zijrivier van de Amazone. De overgrote meerderheid van deze gemeenschappen heeft een eigen kapel, waar bijvoorbeeld catechese en voorbereiding op de sacramenten, basisgezondheidsvoorlichting en vele andere zaken worden geboden. De tocht in een klein bootje op de rivieren is lang. In het geval van de meest afgelegen gemeenschap wel 10 uur.

De parochie heeft slechts één motorboot, met een motor van 70 pk, die tot 7 personen kan vervoeren. De tweedehands boot is in de loop der jaren steeds onbetrouwbaarder geworden. Hij is eigenlijk in elkaar gezet door twee kleinere boten te combineren en is niet volledig stabiel in het water. Bij hoog water vormen de grote, omgevallen bomen die stroomafwaarts drijven een reëel gevaar. Als ze de boot raken, kan deze zinken. Ook zijn de kosten van de brandstof een zware last.

Met uw hulp kan de parochie een boot met een aluminium romp aanschaffen, die veel steviger is en ook 9 passagiers kan vervoeren. Deze zal veiliger en betrouwbaarder zijn en het pastorale werk aanzienlijk vergemakkelijken. Helpt u mee? Doneer dan via deze website of maak uw gift over onder vermelding van code: 212-01-29. Uw gift gaat naar dit project of soortgelijke projecten in de regio.

Featured Image

Een ‘reizende zuster’ in de Indiase jungle

Ze wordt niet afgeschrikt door de slechte wegen die ze vaak moet nemen in de jungle tijdens haar werk voor de missiepost in Chhaygaon in Guwahati, een aartsbisdom in het arme noordoosten van India. Haar hulp is dringend nodig. In de dorpen, waarvan er veel in de jungle liggen, zijn vaak geen medische voorzieningen, is er geen elektriciteit en bijna niemand kan lezen en schrijven. Er is sprake van echte armoede, slechte hygiëne, en er zijn talloze problemen binnen de families. Veel echtparen trouwen veel te jong. Hun kinderen worden aan hun lot overgelaten, terwijl de ouders met moeite de kost verdienen op het veld. De gewassen op hun kleine velden worden regelmatig gedecimeerd door olifanten of andere wilde dieren.

Zuster Shobka zorgt voor de zieken, steunt de gezinnen en doet haar best om de ouders te overtuigen hun kinderen naar school te sturen. Zelf leidt ze een kleine dorpsschool voor ongeveer 100 kinderen. Onderwijs lijkt de enige manier te zijn om het leven van deze mensen te verbeteren. Soms moet deze ‘reizende zuster’ echter ook de autoriteiten aansporen om actie te ondernemen. Zo heeft ze met hulp van de overheid verlichting op zonne-energie kunnen realiseren in een dorp dat ‘s nachts vaak door olifanten werd overvallen. Sindsdien zijn de olifanten weggebleven. Volgend jaar zal ook de slechte weg verbeterd worden, een grote vooruitgang in het onderontwikkelde en grotendeels vergeten gebied.

Dankzij uw steun konden we haar congregatie, de Dochters van de Goddelijke Voorzienigheid, aan een eigen brommer voor haar helpen. Zonder vervoer was het werk van deze ‘reizende zuster’ bijna onmogelijk geweest. “Dankzij de brommer kan zuster Shobka Rani het aantal van haar bezoeken aan de dorpen verdubbelen”, vertelt haar overste ons gelukkig. Ze schrijft: “We zijn zeer dankbaar voor uw genereuze hulp en we beloven u en al uw weldoeners onze gebeden. Bid ook voor ons, dat we altijd met grote ijver het Koninkrijk van God mogen blijven verkondigen, zowel in onze woorden als in onze daden.”

Kerk in Nood steunt religieuzen op veel plaatsen in India met transport, zodat zij meer mensen kunnen helpen. Wilt u hen helpen? Doneer dan online via deze website of maak uw gift over onder vermelding van vervoer religieuzen.

Featured Image

Wit-Rusland: auto voor Dominicanessen in Baranovitsji

Tegenwoordig zijn 18 van de zusters uit Wit-Rusland afkomstig. En nog meer jonge Wit-Russische vrouwen willen in de orde intreden. In Wit-Rusland zijn de Dominicanessen vandaag de dag op vier plaatsen actief.

In de katholieke parochie van de 170.000 inwoners tellende stad Baranovitsji doen de zusters van alles: ze verrichten kosterdiensten, geven catechese, werken met kinderen en jongeren en zorgen voor zieke en bejaarde mensen. Aan de catechese nemen ongeveer 100 kinderen en jongeren deel. Daarnaast bereiden de zusters volwassenen voor op het ontvangen van de sacramenten. Ze vervoeren bejaarden en zieken naar de kerk of brengen de communie naar de zieken, ze troosten hen en staan hen bij. In de Kerstperiode organiseren de dominicanessen de verdeling van Kerstpakketten met kleren, levensmiddelen en geneesmiddelen voor behoeftige mensen.

De drie zusters in Baranovitsji beschikken over een kleine auto die ondertussen al tien jaar oud is. De reparaties verslinden echter steeds meer geld. De zusters zijn dringend op een voertuig aangewezen. Behalve de bezoeken in het kader van de pastorale zorg, moeten ze zich voor bezinningsdagen en voortgezette opleidingsevenementen immers ook naar Pinsk verplaatsen, waar de zetel van het bisdom gevestigd is. De afstand bedraagt 180 kilometer. Daarnaast moeten ze ook naar het opleidingscentrum van hun ordegemeenschap in Minsk rijden (190 km verwijderd) en naar de vier andere huizen van hun orde in Wit-Rusland, waarvan er sommige tot 300 kilometer van hun eigen thuis verwijderd zijn.

Aangezien de zusters de financiële middelen voor een nieuwe auto niet zelf kunnen bijeenbrengen, hebben ze zich vol vertrouwen tot u gewend. We zouden hen met 10.000 euro willen ondersteunen om een andere auto te kopen. De zusters bedanken alle weldoeners bij voorbaat en nemen hen in hun gebeden op! Helpt u hen mee? Doneer dan via deze webpagina of maak uw gift over onder vermelding van 439-05-29 Wit-Rusland. Uw gift wordt gebruikt voor dit project of soortgelijke projecten in de regio.

Featured Image

Priesters en religieuzen tegen Corona

De coronavirus-pandemie raakt arme mensen extra hard. Zonder sociaal vangnet moeten veel mensen wereldwijd kiezen tussen honger en het risico op besmetting. Een duivels dilemma. Daarnaast maken de omstandigheden waarin zij leven en werken het risico op besmetting groter. Zo werken in Pakistan veel mensen zonder beschermingsmiddelen als sanitair werkers en leven veel mensen in sloppenwijken met meerdere gezinnen in een huis.

Dankzij uw steun kunnen priesters en religieuzen hun parochianen en anderen steunen in deze uitzonderlijke tijd waarin het coronavirus levens eist. Met voedsel, voorlichting over het virus en medische zorg. Maar ook geestelijke weerbaarheid is belangrijk, vooral voor mensen die eenzaam zijn. Priester, religieuzen en leken zoeken de mensen op om hen van veilige afstand te troosten, te bemoedigen en weer hoop te geven. Met uw hulp kan Kerk in Nood priesters en religieuzen steunen zodat zij hun werk kunnen blijven doen.

Helpt u hen mee? Doneer dan veilig online via deze website of maak uw gift over onder vermelding van ‘Corona.’ Uw gift gaat naar de vele priesters en religieuzen die Kerk in Nood om hulp hebben gevraagd in deze moeilijke omstandigheden. 

Featured Image

Uitdagingen van een pastoor in een uithoek van Guatemala

Het bisdom Quiché in het noordwesten van Guatemala werd zwaar getroffen door de burgeroorlog die vooral in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw door het land woedde. Tot op de dag van vandaag zijn de mensen nog steeds diep getekend door deze gebeurtenissen.  Er leven veel inheemse volkeren in deze bergachtige gebieden. Voor de burgeroorlog was de overgrote meerderheid van hen katholiek, maar de wrede vervolging door de regering liet diepe sporen na. Vandaag de dag is amper 40% van de bevolking katholiek, terwijl de protestantse kerken zich snel verspreiden. Het is van vitaal belang om het volk een solide pastoraal bereik te geven, zodat het zich geworteld blijft voelen in de Kerk.

De parochie van Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe in de stad Chel werd pas in 2018 opgericht. Het is een van de armste en meest geïsoleerde parochies van het bisdom en de wegen zijn uiterst slecht. Pastoor Francisco Vázquez Gómez is hier een jonge priester en bedienaar van ongeveer 30.000 mensen, verspreid over meer dan 24 verschillende dorpen. Daarvan leven sommigen op meer dan 170 kilometer van het parochiecentrum. Op dit moment heeft hij alleen nog maar een oude auto die de verraderlijke omstandigheden van de wegen gewoon niet meer aankan en dringend aan vervanging toe is.

Helpt u mee, zodat pastoor Vázquez Gómez zijn werk kan voortzetten? Doneer dan veilig en gemakkelijk via onze website of maak uw gift over onder vermelding van code: 219-01-29. Uw gift gaat naar dit project of soortgelijke projecten in de regio.

Featured Image

Rusland: “Uren rijden naar uithoek parochie”

De drie priesters in de parochie van het Onbevlekt Hart van Maria worden bijgestaan door vier religieuzen van de Missiezusters, Dienaressen van de Heilige Geest. Ze dienen een dynamische parochie: er wordt iedere dag een Heilige Mis gevierd, komen er parochianen naar Eucharistische Aanbidding en er wordt godsdienstles gegeven aan volwassenen, jonge mensen en aan kinderen van verschillende leeftijdsgroepen.

Veel activiteiten
Ook de zogenaamde “Vakantiedagen met God” zijn populair; gezinnen met kinderen, volwassenen en jongeren uit de parochie ontvluchten de stad om in de natuur lichamelijk en geestelijk nieuwe kracht op te doen en hun geloofsleven te verdiepen. Ook namen gelovigen uit Kemerovo vorig jaar deel aan de bijeenkomsten voor Katholieke gezinnen die overal in Rusland werden gehouden. De jongeren uit Kemerovo voerden tijdens dit evenement een toneelstukje op ter ere van de honderdste verjaardag van de verschijningen in Fatima.

Samenwerking met Orthodoxe Kerk
Kemerovo is bovendien een voorbeeld van vruchtbare vriendschappelijke betrekkingen tussen de Russisch-Orthodoxe en Katholieke gemeenschappen. Vorig jaar nog reisden bisschop Aristarch van de Orthodoxe kerk en samen met de Katholieke pater Andrzej Legiec en enkele Orthodoxe priesters naar Polen om een langdurige samenwerking te regelen tussen het Orthodoxe seminarie in de regio Kuzbass en het Katholieke seminarie van Rzeszów.

Een immense parochie
De priesters zijn niet uitsluitend werkzaam in de stad Kemerovo zelf maar ook in de streek rondom de stad. Vijf van de tien steden die zij regelmatig aandoen te bereiken, liggen op 190 tot 290 kilometer van Kemerovo. Dat betekent dat de priesters uren moeten rijden om alle uithoeken van hun parochie te bereiken. Om hun pastorale opdracht goed te kunnen uitvoeren hebben de priesters wel een auto nodig. Wij willen hen helpen met een gift van € 12.000.

Helpt u mee? Doneer dan online via deze website of maak uw gift over onder vermelding van code 427-01-29. Uw gift gaat naar dit project of soortgelijke projecten in de regio.

 

Featured Image

Bisschop Tunesië: “Mijn priesters zijn te jong”

De oude stad Carthage, in het tijdperk van de Feniciërs – waar het moderne Tunis tegenwoordig staat – was de stad die na Rome het grootste aantal martelaren van de Kerk zag. Nu, in de 21e eeuw, is het een “zeer fragiele” Kerk geworden, aldus aartsbisschop Ilario Antoniazzi van Tunis. Hij sprak in een interview met Maria Lozano, tijdens een bezoek aan het internationale kantoor van Kerk in Nood.

Door: Maria Lozano

M. Hoe is de situatie in Tunesië vandaag, acht jaar na de zogenaamde “Arabische Lente”?
P: De “Arabische Lente” heeft hoge verwachtingen gewekt van grotere vrijheid en welvaart. Maar het ontbrak een leider die de mensen kon vertellen hoe dit te bereiken. Dat is waarom veel mensen ontgoocheld zijn geraakt. Mensen willen tegenwoordig banen en veiligheid om hen een gevoel van meer vrede en sereniteit te geven, omdat voor veel mensen de toekomst onzeker lijkt. Wat de situatie van de Kerk betreft, is de waarheid dat we niet kunnen klagen. We kunnen doen wat we willen binnen de Kerk en gaan waar we maar willen zonder toestemming te vragen. We zijn vrij, en dat is een goede zaak.

M: Wat bedoelt u als u zegt dat u vrij bent? Over welke aspecten heeft u het, gezien het feit dat het werkterrein van de Kerk zeer beperkt is?
We worden geleid door een modus vivendi, het akkoord ondertekend in 1964 tussen de Heilige Stoel en Tunesië tijdens het presidentschap van Habib Bourguiba. Daarvoor was het Franse leger uit Tunesië verdreven. De Kerk werd gezien als de “lange arm” van Frankrijk, de koloniale macht. Om deze reden werden bijna alle eigendommen van de Kerk in Tunesië geconfisqueerd. We hadden 125 kerken en vandaag hebben we er slechts vier. Dat heeft de Kerk in een fragiele staat achtergelaten, maar tegelijkertijd heeft het één ding voor ons gedaan: ons geloof werd sterker. Omdat we niet op de steun van buitenaf kunnen rekenen en niets hebben, zijn we genoodzaakt ons tot God te wenden en Hem aan te roepen voor alles wat we nodig hebben, Hem te vragen de kracht te geven om te werken in de situatie waarin we ons nu bevinden in Tunesië. Onze modus vivendi heeft bepaalde negatieve aspecten voor zover het de Kerk betreft, maar tegelijkertijd heeft ze haar gedwongen zich te concentreren op het essentiële, op het geestelijke.

M: Maar aangezien 99% van de bevolking moslim is, bevindt de Kerk zich in een zeer delicate situatie. Wat doet de Kerk in uw land?
P: We zijn gewoon missionarissen. De missionaris is iemand die getuigt van de aanwezigheid van Christus waar Hij niet bekend is. In Tunesië is Christus niet bekend. Alle Christenen zijn buitenlanders: studenten komen voor het grootste deel uit Sub-Sahara Afrika of zijn als ondernemer in Tunesië komen werken. We moeten hen ondersteunen en verwelkomen naar beste vermogen, iets dat niet gemakkelijk is, omdat er geen kerkklokken te horen zijn. Alle kerkactiviteiten moeten in de kerken plaatsvinden; er is niets aan de buitenkant te zien. Het is niet gemakkelijk om contact met hen te maken. Maar als we dat eenmaal hebben gedaan, spelen ze een actieve rol in de Kerk in Tunesië. Als resultaat tellen we tussen de 15.000 en 20.000 christenen.

Het is niet eenvoudig om statistieken te krijgen, omdat de studenten bijvoorbeeld vertrekken zodra ze klaar zijn met hun studie en andere studenten aankomen. Volgens onze eigen berekeningen verliezen we jaarlijks ongeveer een kwart van onze gelovigen, maar tegelijkertijd komt er een ander kwart bij. Dit betekent in feite dat elke vier jaar de katholieke gemeenschap die we dienen een compleet nieuwe is. Als gevolg hiervan is het niet eenvoudig om langdurige projecten binnen de Kerk of met de Kerk tot stand te brengen. Daarom is er geen stabiliteit, een extra moeilijkheid voor onze Kerk.

M. Maar Tunesië heeft Christelijke wortels! Moet dat niet worden gezien en gevoeld?
P: In Tunesië celebreerden ze de Mis in het Latijn nog voordat ze dat in Rome deden. Het Christendom arriveerde in Tunesië in de vroegste eeuwen van de Kerk. We hoeven alleen maar te denken aan Sint Cyprian, Sint Augustine of de martelaren die we in Tunesië hebben gehad. Na Rome was Carthago, met andere woorden Tunis, de stad die het grootste aantal martelaren aan de Kerk gaf. Het land had ongeveer 120 bisschoppen en de bisschop van Carthago werd beschouwd als de primaat van Afrika, met gezag over alle bisschoppen van Afrika. Natuurlijk hebben we vandaag geen 120 bisschoppen meer. Ik ben de enige bisschop in Tunesië, want beetje bij beetje heeft Tunesië het Christelijke geloof verlaten en tegenwoordig is de bevolking volledig Moslim.

M: We kunnen de toekomst natuurlijk niet zien, maar sommige mensen denken dat Europa in honderd of tweehonderd jaar misschien zelf het geloof heeft verloren en in een situatie vergelijkbaar met Noord-Afrika kan leven. Wat denkt u dat we kunnen doen om te voorkomen dat zo’n situatie zich voordoet?
P: Het is waar dat Europa in gevaar is. Niet omdat de moslims Mijn binnengevallen, maar omdat we niet voldoende belang hechten aan het geloof dat we hebben. Als we naar de moslims kijken en naar de manier waarop ze leven, gaat iedereen op de dag van het gebed naar de moskee. In onze landen zijn de kerken leeg. De Moslims hebben kinderen, maar de Christenen hebben steeds minder kinderen. Beetje bij beetje plegen we zelfmoord bij gebrek aan gelovigen, bij gebrek aan kinderen. Je hoeft alleen naar onze kerken in Europa te kijken; de meerderheid van degenen die daar bidden is 60 jaar of ouder. Waar zijn de jongeren?

M: Een andere factor is het tekort aan priesters. In Europa neemt ook de gemiddelde leeftijd van priesters toe. Hoe is de situatie in uw land?
P: Ik ben misschien de enige bisschop in de wereld die klaagt dat zijn priesters te jong zijn. Momenteel zijn er onder mijn priesters twee of drie die rond de 90 zijn. Maar van de overige is de oudste 45 jaar oud. We hebben niet genoeg oudere priesters die historische kennis hebben van Tunesië, van haar samenleving, van de Kerk en al het andere. Dat missen we. Hetzelfde geldt voor hun werk bij de ondersteuning van de religieuze zusters en andere priesters. Er is een behoefte aan een priester om een ​​zekere mate van religieuze en pastorale ervaring te hebben.

M. Is het waar dat in Tunesië alle religieuze zusters en alle priesters missionarissen zijn die van buiten komen?
P: Ja. Er zijn geen Tunesische priesters. De religieuze zusters en de priesters behoren tot verschillende congregaties en de meesten van hen komen hier voor een verblijf van 5 tot 10 jaar en keren dan terug naar hun thuisland. We missen een permanente aanwezigheid van onze priesters.

M: Caritas speelt hier een belangrijke rol, en niet alleen voor de christenen …
P: Caritas is niet gewoon een “beweging” binnen de Kerk of een deel van de Kerk. Caritas is voor ons de Kerk. Dit vertegenwoordigt een grote verantwoordelijkheid. Met behulp van Caritas kunnen we families bereiken, de maatschappij bereiken, waar geen enkele priester of religieus naartoe kan. Vandaar dat Caritas wordt gezien als de “missionaris” van de kerk. Het getuigt van Christus, van een Christus die houdt van mensen, die mensen helpt, door alle individuen die met Caritas werken. Wanneer iemand naar ons toe komt, vragen we hem nooit naar zijn religie, maar alleen naar zijn problemen. Of de persoon een Christen is of niet, is voor Caritas helemaal niet zo belangrijk. We hebben Christenen; degenen die bij ons komen zijn vooral Afrikanen, maar er zijn ook veel Tunesiërs. We werken in gebieden van Tunis die voor 100% moslim zijn en we zijn er om de vrouwen te helpen een vak te leren, zoals het maken van snoep en gebak, om een ​​zelfstandig leven te leiden. Als ze eenmaal op deze manier zijn opgeleid, kunnen ze hun brood verdienen en een waardiger leven leiden.

M. Wat zou u willen zeggen tegen de weldoeners van Kerk in Nood? Wat kunnen we doen voor Tunesië, om u te helpen in uw werk als bisschop?
P: We hebben een kwetsbare Kerk. Onze activiteiten zijn beperkt en fragiel vanwege ons gebrek aan bestaansmiddelen, omdat alles wat we ooit hebben gehad van ons is afgenomen. En ook omdat we voor alles wat we nodig hebbenm hulp van buitenaf moeten vragen. Kerk in Nood is uitermate belangrijk voor ons om ons in staat te stellen ons werk en ons apostolaat voort te zetten, vooral onder de mensen die onze getuigenis nodig hebben, gewoon door er te zijn, getuige te zijn van Christus, dus door ons eigen leven en niet alleen door woorden. Het betekent door ons gedrag te laten zien wie Christus is, een Christus die liefheeft, een Christus die vergeeft. Veel Tunesiërs zullen nooit een Bijbel bezitten, maar wij zijn het Evangelie dat ze kunnen lezen door de manier waarop we ons gedragen. De hulp die we krijgen van Kerk in Nood stelt ons in staat om door ons leven te getuigen van wie Christus is. Uiteindelijk is Hij het die de genade schenkt die de harten raakt, niet wij. Ik wil Kerk in Nood bedanken voor alle hulp die u ons geeft, omdat dit ons helpt op de been te blijven en ons helpt onze missie voort te zetten.

Webwinkel aanbieding

Solidariteitsbutton

Solidair met vervolgde Christenen

1,00

Doneer

Kerk in Nood steunt wereldwijd mensen via de Kerk. Maak een online gift over en steun ons.

Ontvang de nieuwsbrief