fbpx

"Wij voelen pijn van de Fransen. Voelen zij de onze?"

woensdag, 16 december 2015
Nieuws
“Wij hebben altijd geweten, dat IS een gevaar is voor de hele wereld. Maar Europa nam deze dreiging niet serieus“, zo verklaart Aartsbisschop Issam John Darwish tegenover Kerk in Nood.

"Wij voelen hier in Libanon de pijn van het Franse volk. Maar de Fransen en de hele wereld moeten ook ons lijden aanvoelen“, zo verklaarde de Aartsbisschop met in gedachten de terreurdaad van IS in de Libanese hoofdstad Beiroet. Die vond plaats de dag voor de aanslag in Parijs. Bij de aanslag werden meer dan veertig mensen vermoord en raakten honderden mensen gewond.

De Aartsbisschop hoopt dat de aanslagen in Parijs een verandering in het denkpatroon teweegbrengen. "Europa moet eindelijk de ogen openen en haar politiek in het conflict in Syrië veranderen“, zo stelt de in Syrië geboren Darwish. "De tijd is gekomen om Islamitische Staat (IS) samen met de Syrische regering te bestrijden. Daarna kan men kijken hoe het verder moet met Syrië. Men moet nu eerst en vooral de krachten bundelen tegen deze gemeenschappelijke vijand. Ik ben er zeker dat dit gaat gebeuren. Het zou in ieder geval goed zijn voor Syrië."

Moeite met christelijke meerderheid
De Aartsbisschop looft de militaire inzet van Rusland in Syrië. "Het is goed dat de Russen de terroristen bestrijden. Het toont aan dat het de Russische regering ernst is om Syrië te verdedigen. Maar dat maakt IS zeker nog agressiever.“ Als een van de oorzaken voor de aanslagen in Parijs verwijst Darwish naar de ideologie van de jihadisten. "De fundamentalisten kunnen het niet verdragen dat Moslims door een christelijke meerderheid geregeerd worden, zoals in Frankrijk het geval is. Zij geloven dat het andersom hoort en dat moslims de hele wereld moeten regeren." Omdat veel Franse moslims vroeger in Syrië aan de kant van de jihadisten vochten, gelooft de Aartsbisschop dat Frankrijk nog altijd gevaar loopt. „De jonge mannen vechten in Syrië. Daar worden zij gehersenspoeld. Zij komen daarna weer terug naar Europa en kunnen niet meer leven zonder strijd. Dat is zeer gevaarlijk."

Teruggekeerde vluchtelingen 
De Aartsbisschop is ook bezorgd over de grote stroom vluchtelingen van het Midden-Oosten naar Europa. "Europa moet goed controleren wie men toelaat. IS strijders kunnen zich makkelijk tussen de vluchtelingen mengen. Dat vormt dan een veiligheidsprobleem voor Europa. Ik geloof dat het een foute inschatting van de Europese regeringen is om zo veel vluchtelingen op te nemen. Veel mensen willen noodzakelijkerwijs de streek verlaten, ook veel Christenen. Het zou echter beter zijn de mensen hier, in de streek zelf, te helpen. Wij hebben ze hier nodig. Bovendien is de overtocht zeer gevaarlijk." Volgens de Aartsbisschop zijn er zowel in de buurlanden als in Syrië zelf veilige streken. "In Homs of in Latakia, maar ook in de buurt van de Libanese grens vindt men veilige gebieden. Talrijke Syrische families die bij ons hun toevlucht zochten zijn alweer teruggekeerd."

Het bij de Syrische grens gelegen Melkitische Aartsbisdom Zahle ondersteunt met de hulp van Kerk in Nood 800 christelijke vluchtelingen families uit Syrië. "Ik probeer de vluchtelingen over te halen om hier in het Midden-Oosten te blijven. Met meer steun zou dit beter lukken", betoogt Darwish. Hij bedankt Kerk in Nood daarom nadrukkelijk voor de gewaardeerde hulp. "Zonder de vrijgevigheid van weldoeners zouden wij niet kunnen doen, wat wij nu voor mekaar krijgen."

Kerk in Nood ondersteunt al tientallen jaren het werk van de Katholieke Kerk in Libanon. Door het groeiend aantal vluchtelingen is de financiele hulp ook gestegen. In 2014 ging bijna 1 milljoen euro naar 45 projecten in het land. Daarvan betrof meer dan de helft de steun aan vluchtelingen.