fbpx

“We verstopten ons in de broodoven”

dinsdag, 19 april 2016
Persoonlijk verhaal
Moeder María del Carmen Reinoso verzekert dat ze elke dag bidden voor de weldoeners van Kerk in Nood: “Dankzij hen leven we nog.”

Kogels fluiten om de oren
Het Evangelie van barmhartigheid beleven te midden van kogels die om de oren fluiten; het is voorwaar niet gemakkelijk. De zusters Clarissen van het Santa Claraklooster in Malanje, Angola, hebben tijdens de burgeroorlog die heel wat in hun land heeft vernietigd, al een aantal gevechten overleefd. Daarvoor moesten ze niet eens hun klooster verlaten, de kogelgaten in de muren getuigen ervan. “Het is een wonder dat we nog leven, maar gelukkig heeft niet één schot ons geraakt.” De burgeroorlog in dit zuidelijk Afrikaanse land was één van de langste en meest bloedige op het continent en de vroege jaren ’90 waren ook de meest gewelddadige. In een bepaalde periode, toen het klooster werd aangevallen, moesten de zusters zich zelfs in de broodoven, waar ze normaal het brood bakten, verschuilen tegen een regen van kogels waarvan de muren vandaag nog steeds de merktekens dragen.

Moeder María del Carmen Reinoso, die oorspronkelijk uit Spanje komt, legt aan Kerk in Nood uit hoe het hier was toen ze voor het eerst in deze streek van Angola aankwamen. Het Astudillo-klooster in Palencia, Spanje waar ze toen woonden, lag op 6000 km. In het begin van de jaren tachtig vroegen de bisschoppen van Angola aan de Arme Klaren om naar Malanje te komen en er een slotklooster te stichten. Hij beloofde dat ze in korte tijd veel roepingen zouden hebben en dat werd bewaarheid. Na veel inspanningen en een leven in “grote armoe” stichtten ze in 1982 het klooster. Het was de vrucht van de missionaire geest van een tiental vrijwilligers die Astudillo wilden verlaten om in Malanje te komen wonen. “Zodra we hier aankwamen, meldden zich ook de eerste roepingen; zoveel dat we geen kamers genoeg hadden”, verklaart Moeder María del Carmen met een glimlach. “Daarom vroegen we Kerk in Nood om steun voor de bouw van een noviciaat.”

Nog meer kloosters
Na het succes van die eerste onderneming op deze vruchtbare geestelijke voedingsbodem, stichtten de Clarissen een tweede klooster in de hoofdstad van Angola, Luanda en nog een klooster in Xai-Xai in Mozambique. Dat was een vreugdevolle verrassing voor de Spaanse zusters die in eigen land geconfronteerd worden met een tekort aan roepingen. “In Spanje waren ze met te weinig en in Angola waren ze met zovelen, en daarom zijn enkele van onze zusters van hier naar La Laguna op Tenerife en naar Astudillo in de provincie Palencia in Spanje gezonden”, Legt Moeder María del Carmen uit aan Rafael d’Aqui, het hoofd van de Afrika III afdeling bij Kerk in Nood internationaal waaronder Angola toebehoort. Dat zei ze vanuit de patio van het klooster in Malanje.
Kerk in Nood helpt de zusters Clarissen van Aartsbisdom Malanje al sinds 1987 met verschillende projecten. Ze zijn door Moeder María zorgvuldig gerapporteerd in aantal kleine dossiers waarin ze alles heeft neergepend, samen met wat ze van ons ontvangen heeft – zoals de bouw van het klooster zelf, de uitbreiding van de kapel en de restauratie nadien toen ze tijdens de oorlog doorzeefd werd met kogels; het zijn maar enkele van projecten die Kerk in Nood heeft gesteund en blijft steunen. Sinds 2002 alleen al heeft onze liefdadigheidsorganisatie ongeveer voor 77.000 euro steun gegeven aan de zusters.
Moeder María del Carmen vertelt ons hoe dankbaar ze is voor al de steun die Kerk in Nood gegeven heeft. “We kunnen hier leven, dankzij de weldoeners van Kerk in Nood”, zegt ze, eraan toevoegend: “Onze gebeden zijn het enige dat we in ruil kunnen teruggeven en dus bidden we elke dag de rozenkrans en geven we misintenties.”

Barmhartigheid geven en ontvangen
Zoals steeds, keert de rust na de storm terug. Zo is het ook na de jaren van oorlog en gevaar die ze hebben meegemaakt; vandaag genieten de zusters van een welverdiende periode van vrede en vreugde. Momenteel wonen er 19 geprofeste zusters en vijf novicen in het klooster. Naast de spirituele dienst, eigen aan het contemplatieve kloosterleven, maken de zusters ook babykleding en religieuze voorwerpen die ze verkopen om een aanvullend inkomen te verwerven voor het klooster. De kloosterkapel, die met de hulp van Kerk in Nood werd gerestaureerd, is één van de plekken die de gelovigen tijdens het Bijzonder Jubeljaar van Barmhartigheid kunnen bezoeken. Het is hier dat het bisdom één van de Heilige Deuren heeft geopend. De Arme Klaren in Angola zijn een levend voorbeeld van de barmhartige liefde en tijdens dit Jaar van Barmhartigheid is hun zending en charisma van een bijzondere betekenis.