fbpx

“Waar kunnen we heen? Dit is ons thuis!”

donderdag, 25 februari 2016
Nieuws
Israëls muur in de Cremisan Vallei: de christenen van Beit Jala hebben steeds minder hoop.

Door Oliver Maksan

Van het beetje hoop dat de Christenen van Beit Jala, een stad in de buurt van Bethlehem, nog hadden, is nu bijna niets meer over. De laatste bezwaarschriften, ingediend door hun advocaten, zijn door het Israëlisch Hooggerechtshof afgewezen. Het doel was om, voordat met het bouwen van de muur zou worden begonnen, van het Israëlische leger te horen te krijgen waar in de Cremisan Vallei, die bij Beit Jala hoort, de muur precies gaat lopen. Op deze manier hoopten de eisers, christelijke gezinnen en leden van katholieke gemeenschappen, te voorkomen dat het Israëlisch leger een situatie op de grond in het landbouwgebied creëert waartegen geen beroep meer mogelijk is.

Bouw van de muur begint
De rechters wijzen in hun vonnis wel op de mogelijkheid van beroep, maar doordat het laatste verzoekschrift is afgewezen, heeft het leger nu de gelegenheid om het werk voort te zetten. Het is het laatste stuk dat het gat in de muur tussen Israël en Palestina moet sluiten. In een interview met Kerk in Nood legt hulpbisschop William Shomali uit wat deze uitspraak tot gevolg heeft. “Deze afwijzing heeft het vertrouwen van de mensen in de rechtspraak verder doen afnemen en het zal sommigen doen besluiten hun huis te verkopen en te vertrekken. De mensen zijn erg ontgoocheld en terneergeslagen.”

Mogelijk geen toegang voor eigenaren
De belofte dat eigenaren volledig toegang tot hun grond zullen hebben is onvoldoende. Het houdt in dat eigenaren hun land kunnen gebruiken om druiven en olijven te verbouwen, maar niet om er een huis op te bouwen. De toegang zou in de toekomst zelfs helemaal verboden kunnen worden, omdat het land achter de muur bij Jeruzalem zal horen. Om daar binnen te kunnen gaan, is een vergunning nodig en een vergunning kan worden geweigerd”, aldus de bisschop.

Internationale aandacht
Het juridisch geschil tussen de christelijke landeigenaren en het Israëlisch leger sleept al sinds 2006. De ontwikkelingen worden op de voet gevolgd door de media en door diplomaten die vanuit de hele wereld gedetacheerd zijn in Israël. Zelfs Paus Franciscus heeft nog een bemiddelingspoging gedaan. Maar de kleine successen gedurende het afgelopen jaar hebben uiteindelijk plaatsgemaakt voor een gevoel van desillusie. Het Israëlisch hooggerechtshof, als laatste en definitieve arbiter, heeft bepaald dat het leger mag bouwen – op Palestijnse grond. Op die manier zullen 58 christelijke families hun land bij de muur vroeger of later verliezen of er slechts beperkt toegang toe hebben.

Terrorisme
Israël rechtvaardigt de geplande route door veiligheidsredenen aan te dragen en de strijd tegen terrorisme, en spreekt over een tijdelijke maatregel. De Palestijnen zien de bouw van de muur als door de staat georganiseerde landdiefstal. Zij spreken van de “annexatie muur.” Het is een feit dat de scheidsmuur, die slingert over een lengte van meer dan 700 kilometers tussen Israël en de Palestijnse gebieden, voor 80 procent is gebouwd op Palestijnse en niet op de Israëlische grond.