fbpx

Plotseling stonden er twee duizend mensen voor onze deur

dinsdag, 14 juli 2015
Nieuws
Onlangs heeft paus Franciscus gezegd dat de Kerk een "veldhospitaal" moet zijn. In Centraal Afrika is dit nu dagelijkse praktijk. Duizenden mannen, vrouwen en kinderen hebben hun toevlucht gezocht in de kerken en...

Onlangs heeft paus Franciscus gezegd dat de Kerk een "veldhospitaal" moet zijn. In Centraal Afrika is dit nu dagelijkse praktijk. Duizenden mannen, vrouwen en kinderen hebben hun toevlucht gezocht in de kerken en kloosters van het land. Het Karmelklooster in de hoofdstad Bangui is een vluchtelingenkamp geworden. Normaal gesproken is dit klooster en plaats van stilte. Nu horen we er dag en nacht honderden kinderstemmen.

"De Fransen zijn er! Eindelijk"! Gevechtsvliegtuigen doorkruisen de wolken in de hemel boven het Karmelklooster. Spontaan wordt er geklapt. Pater Federico Trinchero, de 35-jarige prior, heeft tranen in zijn ogen. Misschien komt er hulp… Een paar uur eerder was er paniek uitgebroken in de buurt van het klooster. Schoten klonken, vrouwen pakten hun kinderen op en zetten het op een lopen. Meer dan twee duizend mensen zochten beschutting in het klooster.

"Vrijdagmorgen stond de H. Mis in het teken van de vele mensen die de laatste dagen zijn omgekomen. Ik was net met het ontbijt bezig toen ik naar de voordeur werd geroepen. Daar stond een menigte mensen voor me. Ze waren naar ons gevlucht. We hebben hen met open armen ontvangen", vertelt de Italiaanse prior. Maar de monniken stonden wel voor een immens probleem: "Ik heb het aantal geteld, zo onopgemerkt mogelijk, om niemand het gevoel te geven dat er geen plaats zou zijn. Maar het was zonneklaar dat we al die mensen niet langer dan één dag te eten zouden kunnen geven. We konden het klooster niet uit om eten te kopen omdat het buiten de muren te gevaarlijk is. We hebben allerlei mensen opgebeld, de aartsbisschop, de nuntiatuur, de Franse ambassade om hulp te vragen, maar bij hen was de toestand niet beter."

Joessoef, een bevriende moslim, die een kippenfokkerij in de buurt heeft, bood de paters twee duizend eieren aan die hij niet naar de markt had kunnen brengen. "We hebben er omeletten voor de kleintjes van gemaakt", zegt pater Trinchero tevreden. Later heeft Joessoef ons nog een zak rijst gebracht en een blik olie. "We hebben de kinderen in rijen gezet en zich de handen laten wassen voordat ze hun omelet kregen. Wij hebben hier nu 800 kinderen van onder de twaalf jaar en veel zwangere vrouwen."

Gruweldaden

De jonge prior heeft de mensen die in paniek waren gevlucht, niet durven vragen wat er precies was gebeurd. "Ik trek een lachend gezicht om niet te hoeven huilen", bekent hij. Nog maar enkele dagen eerder, had de aartsbisschop van Bangui, aartsbisschop Dieudonné Nzapalainga zich in zijn adventsboodschap heel duidelijk uitgelaten over de misdaden van de Séléka rebellen die nu al een jaar angst en verderf zaaien in het land. Hij heeft zich gekeerd tegen ontvoeringen, de massa-executies en de plunderingen. In de woonwijken schoten ze zelfs met antitankwapens. Hij gaf aan dat sommige plaatsen bezaaid lagen met lijken in staat van ontbinding, ten prooi aan gieren en wilde dieren. Verder zijn mensen gefolterd, "beestachtig vastgebonden" en zo in de rivier gegooid om "er een wrede dood te vinden, zonder ook maar een kans het er levend vanaf te brengen".

Honderdduizenden Afrikanen zijn op de vlucht. Toen de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties afgelopen week akkoord is gegaan met een versterking van de Franse troepen in Centraal Afrika, hebben de mensen weer hoop gekregen dat deze nachtmerrie eindelijk ten einde komt.Intussen verloopt het dagelijks leven in het klooster in Bangui volstrekt anders dan normaal. We hebben de ochtendmis buiten in de open lucht gevierd om de 350 kinderen die op de grond voor het altaar lagen te slapen niet wakker te maken", zegt een geëmotioneerde pater Trinchero. De kloosterlingen zijn dag en nacht in de weer. "Vanmorgen om vijf uur kwam ik broeder Léonce, uit Rwanda, tegen. Hij stond de gang te vegen. Ik zei hem dat hij naar bed moest, maar hij antwoordde dat hij zelf in een vluchtelingenkamp in Congo is geboren, toen zijn familie voor de genocide in Rwanda op de vlucht was. Ik ben ontzettend trots op onze broeders. Broeder Cédric is arts en zorgt voor de zieken. Broeder Mathieu doet de keuken met even veel hart als een echte moeder. De anderen helpen met het uitdelen van eten en aandragen van water. Ze letten ook op de hygiëne, maken lijsten van de vluchtelingen en doen wat er verder nodig is. Ze zetten zich allemaal volledig in!"

Voor sommige vluchtelingen, loopt het goed af. "Een vader kwam bij ons met een baby. ‘s Avonds hebben we zijn vrouw gevonden. En de kleine Fatou heeft zondag eindelijk ook haar ouders gevonden", zegt pater Rinchero tevreden.
De paters zingen de woorden van de psalm: "Hij zal rechten doen aan de ongelukkigen onder het volk. Hij zal de kinderen van de arme redden" (Psalm 72, 4). De kreten van de kleine kinderen mengen zich met de zang van de paters Karmelieten. De Franse gevechtsvliegtuigen vliegen ronkend over de stad. "God redt", zo heet een klein jongetje dat alleen maar angst heeft gekend. Zal er nu eindelijk vrede komen?

Bron en foto: Kerk in Nood