fbpx

Massagraven in Christelijk dorp Sadad, Syrië

dinsdag, 14 juli 2015
Nieuws
Gruwelijke bijzonderheden zijn bekend geworden over de wreedheden gepleegd in een Christelijk dorp in Syrië. 1500 families werden er gevangen genomen, 45 mensen gedood onder wie twee jongeren, hun moeder en drie...

Dood en verderf in een Christelijk dorp.

Gruwelijke bijzonderheden zijn bekend geworden over de wreedheden gepleegd in een Christelijk dorp in Syrië. 1500 families werden er gevangen genomen, 45 mensen gedood onder wie twee jongeren, hun moeder en drie grootouders. Hun lijken werden in een put gegooid.

Inwoners van Sadad bij Homs, die de overwegend Syrisch Orthodoxe stad ontvluchtten toen rebellen zich hier vorige maand van meester maakten, zijn bij hun terugkeer tot de ontdekking gekomen wat een gruwelijkheden daar zijn gepleegd in wat nu wordt gezien als de ernstigste Christenvervolging sinds het begin van de burgeroorlog in Syrië.
Berichten van kerkleiders aan Kerk in Nood, maken melding van wat er is gebeurd in deze oude Christelijke stad die reeds in de Bijbel (Ezechiël) wordt genoemd, kwetsbare mensen die niet in staat waren te vluchtten, onder wie bejaarden, vrouwen en kinderen, werden gemarteld en gewurgd. Volgens kerkelijke bronnen werden 30 lijken gevonden in twee afzonderlijke massagraven.

In een put werden de stoffelijke resten gevonden van zes leden van één familie onder wie Matanikos El Sheikh (85), zijn vrouw, Habsah (75), hun dochter, Njala (45) en kleinzonen Ranim (18) een eerste jaars universiteitsstudent en zijn 16-jarige broer, een middelbare school leerling. Berichten melden dat zij op 26 oktober in een put werden gegooid samen met de grootmoeder aan vaderszijde van de twee jongens, de 90 jaar oude Mariam. De begrafenis vond op 4 november plaats. De gemeenschap in de stad, die een meer dan 4000 jaar oude geschiedenis heeft, rouwt over het verlies van deze medemensen die door Kerkelijke leiders worden omschreven als ‘martelaren’.

De wreedheden vonden plaats tijdens de week waarin Sadad door de rebellen groeperingen Al-Nusra Front en Daash, bezet werd gehouden. De rebellen gebruikten 1500 families als ‘menselijke schilden’ in een poging de opmars van regeringstroepen die de stad wilden heroveren, te stoppen. De tragedie in Sadad begon op 21 oktober, toen rebellen de stad binnenvielen en overgingen tot wat aartsbisschop Selwanos Boutros Alnemeh, de Syriaakse Orhodoxe Metropoliet van Homs en Hama, bestempelde als de ‘ernstigste en grootste massamoord op Christenen, sinds het begin van het conflict in Syrië in maart 2011. (Fides "31/10/13).

Meer dan 2500 families vluchtten met niet meer dan de kleren die zij droegen bij zich, naar hun geloofsgenoten in Homs op 60 km afstand. Enkele vluchtelingen liepen 8 km voordat zij dekking vonden. Degenen die geen heenkomen uit Sadad hadden kunnen vinden, werden door de rebellen snel bijeengedreven als onderdeel van een poging om een tegenoffensief te keren van troepen die trouw zijn aan de Syrische president Bashar Al Assad. In de daarop volgende dagen werden minstens 30 gevangenen gewond, terwijl tien nog werden vermist.

Berichten van aartsbisschop Alnemeh en andere Kerkleiders maakten melding van uitgebreide plunderingen en vernielingen in winkels, huizen en overheidsgebouwen evenals in het staatsziekenhuis, de kliniek, het postkantoor en scholen. Jongelui werden om hun christendom bespot en uitgescholden en obscene woorden werden op kerkelijke voorwerpen geschreven. Sadad, waar Aramees, de taal van Jezus Christus wordt gesproken, telt veertien kerken, waarvan er een, de Syriaakse Orthodoxe Kerk van de Heilige Theodoor, door de rebellen werd bezet en ontheiligd. In een interview met Kerk in Nood op 4 november, omschreef de Melkitisch Grieks Katholieke patriarch Gregorios III van Damascus, de wreedheden in Sadad als ‘beestachtig’. Sprekend over de moord op de familie die in een put werd gegooid, zei patriarch Gregorios: "Hoe kan iemand zulke onmenselijke en beestachtige dingen doen tegen een bejaard echtpaar en hun familie?"

Met een nieuwe oproep om een einde te maken aan het sturen van wapens naar Syrië en vooral naar extremistische rebellen, zei patriarch Gregorios dat de wreedheden al hebben geleid tot een nieuwe golf van Christelijke vluchtelingen uit Syrië. Naar zijn zeggen, zagen de gelovigen tot nu toe Sadad als een plaats die veilig was, vergeleken met soortgelijke enclaves als Homs waar Christen gemeenschappen onder vuur waren komen te liggen. Hij omschreef de wreedheden als "een symptoom van het toenemend fundamentalisme en extremisme" in het land en voegde er aan toe: "Wat in Sadad is gebeurd wakkert de angst aan die de Christenen aanzet het land te verlaten." "Naar ik van de pastoor [van Sadad] en de [plaatselijke] bisschop heb begrepen, is een aantal mensen het land al aan het verlaten."

Bron: Kerk in Nood

Foto: Voice of the Persecuted