Donderdag 13 juli 2017
Nieuws bericht

De bisschop van het Malinese bisdom Kayes, Mgr. Jonas Dembélé, vertelt tijdens een bezoek van Kerk in Nood over de situatie van de christenen in het land.

Een militaire staatsgreep sortte Mali in maart 2012 in een ware chaos. Toen islamistische jihadisten en rebellengroeperingen het volledige land dreigden te overspoelen, greep Frankrijk militair in. In 2015 ondertekende de Malinese regering in Bamako een vredesverdrag met een deel van de gewapende rebellengroeperingen. Terwijl het zuiden van het land als relatief veilig geldt, blijft de toestand in het noorden gespannen.

De bisschop van het bisdom Kayes, Jonas Dembélé, vertelt tijdens een bezoek van Kerk in Nood over de situatie van de christenen in het land. Daarbij benadrukt hij hoezeer hij wenst dat de vrede terugkeert naar het land, waar de situatie ondanks lichte verbeteringen nog altijd bijzonder onzeker is. 

Hoe hebben de christenen in Mali gereageerd op het nieuws van de benoeming van de nieuwe kardinaal?

De benoeming werd door de Malinese bevolking op vreugde en enthousiasme onthaald. En niet alleen door de christenen! Ook de moslims hebben uitdrukking gegeven aan hun vreugde. Een regeringsvertegenwoordiger heeft de kardinaal telefonisch gelukgewenst met zijn benoeming. Wij christenen in Mali zijn de paus dankbaar voor de waardering die daaruit voor onze Kerk spreekt, die hoewel ze in de minderheid is in Mali toch gehoor vindt.

Hoe stabiel is volgens u de situatie in Mali na de recente aanslagen in Bamako en in Timboektoe?

De vrede in Mali is nog altijd heel onzeker, maar de gebeurtenissen die het land dooreenschudden, zijn pas in 2011 begonnen en hebben geen invloed op het dagelijks leven van de bevolking. Er zijn wel sporadische aanslagen geweest, maar daardoor wordt het leven van alledag niet verlamd. In mijn bisdom, Kayes, in het westen van het land, gaat het leven zijn gewone gang en de priesters worden niet bedreigd. Bij ons is er nog altijd een dialoog aan de gang tussen moslims en christenen. Dat is in de rest van het land trouwens niet anders, behalve dan in Kidal, Gao en Timboektoe, waar de priesters niet meer vrij naartoe kunnen reizen. Afgezien daarvan kunnen wij ons missiewerk overal elders in het land gewoon verder zetten.

In Mopti kunnen de christenen hun geloof dus niet meer vrij beleven?

Neen, in Mopti was het leven in 2013 al vrij complex voor de christenen. Tegenwoordig vallen de islamisten zelfs moslims aan. In Gao daarentegen slagen de gelovigen er wel in om vieringen te houden. Dat moet echter zonder priesters gebeuren, aan wie de toegang tot de stad wordt ontzegd.

In twee of drie dorpen aan de grens met Burkina Faso werden christelijke gemeenschappen gehinderd om bijeen te komen voor misvieringen, doordat het hen onmogelijk werd gemaakt om de klokken te luiden en ze gedwongen werden om kerkgebouwen te sluiten.

Hoe zijn de relaties tussen de Kerk en de Malinese regering?

De Kerk onderhoudt net als in het verleden nog altijd goede betrekkingen met de regering. Ze heeft zich altijd sterk geëngageerd in scholen en in de gezondheidszorg en zich ingezet voor duurzame ontwikkeling. Dit werd door de bevolking zeer positief onthaald, aangezien wij ons voor de volledige bevolking van Mali inzetten, zonder uitzonderingen. Daarnaast heeft de regering ook altijd een samenwerking met de Kerk en de Bisschoppenconferentie gezocht.

Mali is dan wel een seculiere republiek, maar toch streven bepaalde groepen blijkbaar naar de oprichting van een islamitische staat.

Dat klopt. Er wordt steeds nadrukkelijker op gewezen dat de moslims in Mali de meerderheid vormen. En aangezien wij in een democratie leven, willen enkelen dat ook uitbuiten, volgens het motto, wij zijn in de meerderheid, waarom zouden wij een laïcistische staat blijven als 95 % van de Malinese bevolking toch moslim is? Mali heeft echter al lang geleden besloten om staat en godsdienst gescheiden te houden. Die beslissing was niet het werk van de christenen of van de aanhangers van de traditionele religies. Hoewel ze moslim zijn, weten zelfs de Malinese intellectuelen dat het laïcisme in de wereld van tegenwoordig een vreedzamer samenleven bevordert. De politici laten er zich echter soms toe verleiden om zich al te zeer door de belangen van bepaalde groepen te laten leiden omdat ze bij de verkiezingen aangewezen zijn op hun stemmen. Dat is een allesbehalve gemakkelijke situatie.

Zijn de relaties tussen de Kerk en de moslims in Mali traditioneel goed?

Mali was een schoolvoorbeeld van een goed functionerende dialoog tussen christenen en moslims voor heel West-Afrika. Dat kwam door de toemalige tolerante vorm van de Malinese islam. Die toestand blijft weliswaar nog altijd bestaan, maar toch zien we dat er zich sinds 2008 een geleidelijke arabisering van de islam voordoet, waardoor de globale situatie wordt bemoeilijkt. In de regel bestaan de families in de dorpen zowel uit christenen als moslims en uit volgelingen van de traditionele godsdiensten. Spijtig genoeg stellen wij tegenwoordig een toename vast van de invloed van bepaalde intolerante groeperingen.

Hoe ziet u de toekomst van Mali? Hoe kan vrede worden bewerkstelligd?

Er is reden tot hoop. Wij proberen de mensen bewust te maken van het feit dat wij alleen vrede tot stand kunnen brengen als we daarmee in onze eigen familie beginnen. Pas dan kunnen we onze inspanningen in onze wijken, onze dorpen en onze regio verder zetten, alvorens de vrede zich over het hele land kan uitbreiden. Wij roepen de politici op om zich in eerste instantie op het welzijn van Mali toe te leggen en om het algemeen welzijn na te streven veeleer dan de individuele belangen van groepen die geen vreedzame bedoelingen hebben. Er zijn individuele personen van goede wil die zich met de steun van de internationale gemeenschap en van de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten ECOWAS (Economic Community of West African States) al in die richting engageren. Er kunnen dus zeker tekenen van beterschap worden waargenomen, maar het einde van de crisis moet niet voor het einde van het jaar worden verwacht.

In 2016 heeft Kerk in Nood in Mali projecten met een bedrag van 225.000 euro ondersteund. 

Doneer