fbpx

Katholieken in Mongolië: gestage groei op moeilijk terrein

dinsdag, 14 juli 2015
Nieuws
Ondanks alle moeilijkheden groeit de katholieke kerk in Mongolië. Daar had de Apostolische Administrateur van Oelan-Bator, bisschop Wenceslao Selga Padilla, bij een...

Ondanks alle moeilijkheden groeit de katholieke kerk in Mongolië. Daar had de Apostolische Administrateur van Oelan-Bator, bisschop Wenceslao Selga Padilla, bij een bezoek van Kerk in Nood op gewezen. Bisschop Wenceslao, die oorspronkelijk uit de Filippijnen komt, leidt de Apostolische Prefectuur sinds haar oprichting in 2002. Na de ineenstorting van de Sovjet-Unie en de onafhankelijkheid van Mongolië onderhield het centraal-aziatische land in 1992 met het Vaticaan diplomatieke betrekkingen.

Na de politieke wending volgde een nieuw begin. De interesse in het katholieke geloof groeide. De post-communistische, democratisch gekozen regering nodigde de katholieke kerk uit, in het land te komen. Wenceslao Selga Padilla kwam en met hem twee priesters van de congregatie van het Onbevlekt Hart van Maria (CICM). "We zijn met niks begonnen. De eerste heilige missen hebben we in een hotel gelezen en zijn daarna appartementen gaan huren en hebben via internationale organisaties en ambassades de eerste contacten met de gelovigen gelegd", aldus bisschop Wenceslao.

De levensvoorwaarden zijn in Mongolië uitzonderlijk: het land is ongeveer zo groot als Alaska, heeft maar 2,8 miljoen inwoners; in de winter zakken de temperaturen tot minus 30 graden celsius, in de zomer stijgen ze tot plus 30 graden celsius. Rond 55 procent van de bevolking is aanhanger van het boeddhisme, het aantal christenen ligt om en nabij de 2 procent; de meerderheid is aanhanger van de protestantse kerk. Het aantal katholieken is verwaarloosbaar klein, maar groeit langzaam maar zeker. Volgens de woorden van bisschop Wenceslao zijn er tegenwoordig 49 kloosterlingen, 20 priesters en 2 ordebroeders te vinden.

Tegenwoordig beschikt de Katholieke Kerk over vier parochies als ook scholen en sociale voorzieningen die uitdrukkelijk door de staat gewenst zijn. Toen het Vaticaan in 2002 de Apostolische Prefectuur van Oelan-Bator oprichtte, leefden er in Mongolië maar 114 katholieken. Eind augustus 2003 werd in de hoofdstad de Sint-Pieter en Paulus kathedraal ingewijd. Het gebouw doet denken aan een joert, de traditionele tent van de nomadische volkeren in centraal-azië.

Het heersende geloof in Mongolië is boeddhisme. Zoals alle religieuze overtuigingen werd het in de sovjet-tijd massaal bestreden. Met de ineenstorting van het communisme keerde het tij. Tegenwoordig zien velen het boeddhisme als deel van de nationale identiteit. Andere religies, waaronder het christendom word daarentegen als vreemd bevonden. Christelijke geloofsverkondiging is daarom ook alleen binnen het kerkelijk terrein geoorloofd. Jongeren onder de 16 jaar mogen alleen met schriftelijk instemmen van de ouders aan de catechese deelnemen, priesters mogen in het openbaar niet herkenbaar zijn.

De interesse in de Katholieke Kerk is desondanks niet afgenomen ook al ziet bisschop Wenceslao onder de katholieken een zekere fluctuatie: ,"In Mongolië is een verandering gaande. De mensen krijgen een vaste woonplaats en leven steeds minder als nomaden. Dan is er ook nog een groeiend materialisme, menigeen keert zich van het geloof af." Voor de bisschop is dat echter geen rede, de pastorale initiatieven, die ook door Kerk in Nood ondersteund worden, te verwaarlozen "in tegendeel: "De mensen staan sinds het einde van het communistisch bewind in principe open voor het geloof." En hij vult aan: "Zeker er hangt veel van de inzet van de missionarissen af maar de evangelisatie heeft veel facetten. Wat we ook doen, sociaal werk, opvoeding, humanitaire hulp, alles heeft zijn impact op de maatschappij."

Bron en fotos: Kerk in Nood

vertaling: N. Richtering Blenken