fbpx

“Katholieke minderheid ‘stille getuigen’ in Georgië”

maandag, 06 december 2021
Nieuws
Marco Mencaglia is afdelingshoofd voor Georgië bij Kerk in Nood (ACN). In een interview met Kira von Bock-Iwaniuk sprak hij na een recent bezoek over de uitdagende situatie van de katholieke Kerk in het land.
ACN-20211201-120324 Georgië

ACN: Wat was uw eerste indruk van Georgië?

Mencaglia: Vanwege de pandemie is het lang onzeker gebleven of het bezoek van Kerk in Nood überhaupt doorgang kon vinden. Begin september waren de infectiecijfers in Georgië extreem hoog. Toen de cijfers eindelijk waren gedaald, konden we de reis maken, maar helaas moesten belangrijke kerkelijke evenementen worden uitgesteld vanwege gezondheidsmaatregelen.

Hoewel Georgië een land is met een sterk en diepgeworteld gevoel van identiteit, is het nog steeds open en gastvrij voor bezoekers. Historisch gezien is Georgië altijd het kruispunt geweest tussen Oost en West voor volkeren en culturen, en het land lijkt zijn internationale roeping niet verloren te hebben. De praktijk van het geloof is zeker een deel van deze cultuur – een deel dat heeft weten te overleven ondanks de lange jaren van Sovjet-overheersing. Tijdens onze reizen hebben wij veel verhalen gehoord over het geloof en over hoe dat jarenlang in het geheim op het platteland heeft kunnen gedijen, zelfs zonder de officiële aanwezigheid van de Kerk.

Wat is uw oordeel over de huidige politieke situatie van het land? Voelt u nog steeds de gevolgen van de oorlog met Rusland?

Georgië is een land met vier miljoen inwoners en het deelt een lange grens met Rusland. Na de oorlog in 2008 heeft het officieel alle diplomatieke betrekkingen met Rusland verbroken. Het land verkeert in een permanente spanningssituatie: enerzijds staat het onder zware economische en politieke druk van zijn machtige buurland, anderzijds heeft het belang bij een verdergaande Europese integratie. De huidige regering, die voor het eerst werd verkozen in 2012, wordt scherp bekritiseerd door de oppositie voor haar meer verzoenende houding tegenover Moskou.

Tijdens ons bezoek aan Tbilisi braken er spanningen en protesten uit na de arrestatie van ex-president Saakasjvili, maar gelukkig bleven die vreedzaam. De ex-president is pro-westers en werd gearresteerd voor misdaden die hij tijdens zijn ambtstermijn had begaan. Bij zijn terugkeer in het land werd hij in de gevangenis gezet. De demonstraties, die tot nu toe vreedzaam zijn verlopen, roepen op tot vrijlating van de ex-president en tot nieuwe verkiezingen.

De katholieke Kerk in Georgië vertegenwoordigt slechts ongeveer 1% van de bevolking. Wat zijn volgens u haar overlevingskansen?

De katholieke Kerk in Georgië leeft onder uiterst moeilijke omstandigheden. De meerderheid van de bevolking (ongeveer 85%) behoort tot de orthodoxe Kerk. Voor veel orthodoxen overlapt de religieuze identiteit met de nationale identiteit. Algemeen wordt aangenomen dat een goede Georgiër orthodox moet zijn, een omstandigheid die het voor katholieken de facto moeilijk maakt om hun geloof te beleven. In tegenstelling tot veel andere orthodoxe Kerken erkent de Georgisch-orthodoxe Kerk geen katholieke doopsels en huwelijken. Daarom worden veel stellen met een gemengd geloof gedwongen een denominatie te kiezen en worden de katholieke echtgenoten door hun nieuwe families vaak onder zware druk gezet om zich te bekeren.

Een aantal katholieke kerken die in de Sovjettijd door de orthodoxe kerk werden gebruikt, zijn nooit teruggegeven en er zijn nooit pogingen ondernomen om hierover een dialoog tot stand te brengen.

Als reactie op deze vijandige houding heeft de Katholieke Kerk gekozen voor een niet-confronterende aanpak en tracht zij de dialoog en het wederzijds begrip zo veel mogelijk te bevorderen. Dialoog kan echter alleen worden bevorderd indien men in de gemeenschappen een levendige aanwezigheid kan handhaven en niet slechts een symbolische. Tijdens onze reizen zijn wij getuige geweest van een opmerkelijke missionaire geest onder de religieuzen en leken – zowel Georgiërs als niet-Georgiërs – die zich trouw inzetten ondanks de vele moeilijkheden, onbevredigende ervaringen en af en toe een gevoel van volledig isolement. In dit opzicht was de wijding van een jonge Georgische man tot priester tijdens het bezoek van Kerk in Nood een teken van hoop voor de kleine kudde van de Georgische kerk. De nieuwe priester, pater Beqa, is de zesde Georgische priester die sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie is gewijd.

Welke rol neemt de katholieke Kerk in ten aanzien van de werkloosheid in het land, die op somige plaatsen tot 60% kan oplopen, en de armoede die u heeft waargenomen?

De Georgische katholieke Kerk vertegenwoordigt slechts een kleine minderheid. Toch heeft haar aanwezigheid een belangrijk verschil gemaakt, vooral op sociaal gebied, sinds de eerste jaren na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. Verschillende projecten op het gebied van gezondheidszorg, onderwijs en noodhulp worden door missionarissen uitgevoerd. De katholieke Kerk is praktisch vanaf nul begonnen in een moeilijke omgeving die weinig mogelijkheden bood en met een beperkt aantal mensen. De vruchten van bijna 30 jaar dienstbaarheid op deze gebieden zijn duidelijk zichtbaar en wij hebben ze tijdens ons bezoek leren waarderen: de vele verschillende activiteiten die door de Caritas-organisatie worden uitgevoerd, de gezondheidszorg die door de broeders en zusters Camillianen in Tbilisi en Gori wordt geboden, de katholieke universiteit in Tbilisi, het centrum voor gezinshulp in Kutaisi, en “Talita Kum”, een centrum voor kinderen met een handicap in Akhaltsikhe – om maar een paar voorbeelden te noemen.

Tot slot van dit interview: heeft een ontmoeting tijdens uw reis een bijzonder blijvende indruk achtergelaten?

Ik zou verschillende voorbeelden kunnen geven van de missionaire geest die een voortdurende bron van inspiratie is voor de kleine Kerken in Georgië en Armenië, die ondanks de vele moeilijkheden actief en levendig zijn gebleven. Het eerste voorbeeld is Mgr. Pasotto, die als missionaris begon en nu al meer dan 20 jaar bisschop is van de in Tbilisi gevestigde Latijns-Katholieke Kerk van de Kaukasus. Maar ook de kleine gemeenschap van contemplatieve Benedictijner zusters die ons onderdak hebben geboden in het klooster te Rabati in Zuid-Georgië. Deze religieuze zusters kwamen uit Italië zonder enige voorkennis van de Georgische cultuur of taal. Al jaren vervullen zij een missie die hen voortdurend voor uitdagingen stelt en hen beloont met kleine dagelijkse vreugden. Meer nog dan hun woorden, was hun vertrouwen in God zeer inspirerend, net als hun vastberadenheid en hun zorg voor anderen in een omgeving die zeker zeer vreemd voor hen is. Tijdens onze reizen ontmoeten we vaak deze ‘stille getuigen’ – die ongezien hun waardevolle werk doen – en die, durf ik te stellen, absoluut essentieel zijn voor het leven van de Kerk.

Hoe kan Kerk in Nood helpen?

Het doel van Kerk in Nood is om de katholieke Kerk in Georgië te ondersteunen door te voorzien in de dagelijkse behoeften van de missie om haar voortdurende aanwezigheid en dienstbaarheid te garanderen. We moeten ons realiseren dat deze missie erg moeilijk, zo niet onmogelijk, zou zijn zonder internationale hulp.

Foto © Ismael Martínez Sánchez / ACN