fbpx

Hulp voor vluchtelingen

vrijdag, 18 december 2015
Persoonlijk verhaal
“Pastoor, ga! U móet gaan. Weet u hoe lang het duurt voordat één van ons priester zou worden? Weet u wat een priester voor ons betekent? Ga! We hebben u levend nodig.”

“Pastoor, ga! U móet gaan. Weet u hoe lang het duurt voordat één van ons priester zou worden? Weet u wat een priester voor ons betekent? Ga! We hebben u levend nodig.” Met die woorden werd pastoor Angelo door zijn parochianen in Zuid-Soedan naar veiliger oorden gestuurd. Van daaruit brengt hij bezoeken aan hen in bossen en vluchtelingenkampen.

9.000 vluchtelingen in de kerk
Een maand lang herbergde pastoor Angelo in Malakal ruim 9.000 vluchtelingen. Tot ook zijn kerk door de oplaaiende stammenstrijd te onveilig werd. Zijn parochianen beletten hem te blijven. “Tijdens onze vlucht dacht ik: dit is het einde. Eén priester van het bisdom was al vermoord. De anderen waren veilig. Ik legde mijn leven toen in handen van God.”

Gevlucht en verscholen
Veel parochianen vonden hun weg naar de vluchtelingenkampen, anderen houden zich nog verscholen in de bossen. De priester zoekt hen op waar hij kan. “Het is een kruis dat ik niet altijd bij hen kan zijn. Maar de catechisten en andere leken zorgen goed voor hen en hun geestelijk leven. In de kampen zijn actieve gebedsgroepen. De kinderen bereiden zich zelfs voor op hun eerste communie en vormsel.”

Maar de Kerk groeit
Het verhaal van de priester laat zien hoe veerkrachtig de Kerk in Zuid-Soedan is. Ze is in staat gebleken het geloof te bewaken en te laten groeien. En dat ondanks twintig jaar burgeroorlog, rebellengroepen die kindsoldaten rekruteren en nu weer een oplaaiende stammenstrijd.