fbpx

Huis voor Zusters van de Goede Herder in Quetta (Pakistan)

Project
Sinds 1948 woedt er in de Pakistaanse provincie Beloetschistan een bloedige strijd tussen de Pakistaanse regering en de rebellen, die strijden voor de autonomie van hun provincie. Spoorwegen en gaspijpleidingen worden opgeblazen...

Sinds 1948 woedt er in de Pakistaanse provincie Beloetschistan een bloedige strijd tussen de Pakistaanse regering en de rebellen, die strijden voor de autonomie van hun provincie. Spoorwegen en gaspijpleidingen worden opgeblazen, en vanaf de bergen worden raketten afgeschoten. De rebellen willen dat Beloetschistan zelfstandig wordt. Naar het schijnt wordt deze eis ondersteund door de Afghaanse Taliban. Moorden en ontvoeringen zijn aan de orde van de dag en in het grensgebied gaat het om regelrechte etnische zuiveringen. De provincie strekt zich uit over bijna de helft van het totale Pakistaanse nationale grondgebied.

Het Apostolische vicariaat Quetta, dat de hele provincie Beloetschistan omvat, is met 347.188 km² bijna even groot als Duitsland. Maar de regio is ook het minst dichtbevolkte gebied van het land. Er leven maar net 8 miljoen mensen en 30.000 van hen zijn katholiek. De helft van de katholieken woont in Quetta, de hoofdstad van de provincie, die 900.000 inwoners telt. De overigen wonen verspreid over het hele gebied.

Overal in Quetta zijn controleposten, en in sommige stadswijken kun je alleen komen met een bijzondere vergunning die je dagen van tevoren moet aanvragen. Zelfs de bisschop kan niet overal naartoe gaan en hij wordt steeds gecontroleerd. De kathedraal, die aan Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans is gewijd, ligt in een kazernewijk, en daarom heb je daar een vergunning voor nodig. Veel gelovigen kunnen dus niet naar de Eucharistievieringen komen. Zelfs bisschop Victor Gnanapragasam heeft een vergunning nodig als hij naar de kathedraal wil. Elke keer moet hij eerst de autoriteiten opbellen om om toestemming vragen. Hij wordt ook steeds opnieuw door de veiligheidsagenten bij de controleposten aangehouden en gecontroleerd.

Ondanks de veiligheidsmaatregelen is in Beloetschistan niemand veilig. Allen zijn angstig. En toch doet de Kerk hier alles wat in haar mogelijkheden ligt. Het geloof is zeer levend en de mensen laten zich niet afschrikken om de H. Mis mee te vieren en bij te dragen aan het kerkelijk leven. "De gelovigen zijn heel sterk met de Kerk verbonden en helpen waar en wanneer mogelijk. En dat terwijl zij zelf arm zijn", zo zegt Pater Dr. Andrzej Halemba verheugd, de verantwoordelijke voor de projecten van "Kerk in Nood" in Azië, die de katholieken in Quetta onlangs heeft bezocht.

In juni 2006 zijn op verzoek van de bisschop drie zusters van de Goede Herder naar Quetta gekomen om zich daar te ontfermen over meisjes en vrouwen die in de Pakistaanse samenleving worden verwaarloosd. Priesters en mannelijke catecheten kunnen zich in Pakistan niet om vrouwen bekommeren, want mannen en vrouwen blijven altijd gescheiden van elkaar en buiten het gezin mogen zij geen contact met elkaar hebben. Dus is de aanwezigheid van zusters noodzakelijk, zodat vrouwen en jonge meisjes überhaupt pastoraal kunnen worden begeleid. Juist in deze gespannen situatie waarin mensen elke dag bang zijn hun leven te verliezen, is deze zorg van het allergrootste belang.

Voorlopig worden de zusters provisorisch in een lemen huis ondergebracht, dat al 60 jaar oud is en waaraan voortdurend reparatiewerkzaamheden moeten worden verricht om het bewoonbaar te houden. Dat kost veel geld en ondertussen is het al niet meer mogelijk het huis in stand te houden. Bisschop Gnanapragasam vraagt daarom "Kerk in Nood" om steun. Wij hebben 23.000 euro beloofd.

Projectcode: 328-05-19

Elke gift die wij ontvangen zal aan de beschreven of gelijksoortige projecten besteed worden om de pastorale activiteiten van Kerk in Nood mogelijk te maken.