fbpx

Hebreeuwstalige Katholieken – Deel 2: gemeenschap

dinsdag, 14 juli 2015
Nieuws
U bent de Patriarchale Vicaris van het Hebreeuwstalige Katholieke Vicariaat in Israël. Kunt u ons vertellen wat dit vicariaat is en wat de visie is van deze Katholieke gemeenschap? In 1955 werd in Israël...

U bent de Patriarchale Vicaris van het Hebreeuwstalige Katholieke Vicariaat in Israël. Kunt u ons vertellen wat dit vicariaat is en wat de visie is van deze Katholieke gemeenschap?

In 1955 werd in Israël een religieuze vereniging opgericht met de naam Het Werk van H. James. Het doel ervan was zorg te dragen voor de duizenden Katholieken die hun weg naar Israël hadden gevonden. Zij waren meestal leden van Joodse families die meekwamen met de grote immigratiegolven uit vooral Europa "meestal Katholieke vrouwen getrouwd met Joodse mannen. Soms waren hun kinderen gedoopt en hadden ze behoefte aan pastorale zorg. Deze mensen werden al gauw een essentieel onderdeel van de Joodse Hebreeuwstalige Israëlitische samenleving en konden daarom per definitie niet terecht in de grotendeels Arabischtalige kerk. Deze gemeenschap werd met de jaren kleiner "het is een enorme uitdaging om Katholiek te zijn in een Joodse Hebreeuwstalige Israëlitische samenleving. De gemeenschap werd vooral kleiner door assimilatie en doordat we onze jongeren, praktiserende Katholieken, niet bij ons konden houden. Zij gingen door assimilatie geleidelijk op in de seculiere maatschappij. Maar er kwamen nog meer enorme immigratiegolven. Russischtalige mensen, maar ook hele grote groepen buitenlandse arbeidskrachten, vluchtelingen en tegenwoordig zelfs Arabische Christenen. Deze mensen trekken om economische redenen naar Joodse steden. Daar worden hun kinderen geïntegreerd in Hebreeuwstalige scholen en zij spreken dus op de eerste plaats Hebreeuws. Het is steeds noodzakelijker geworden om deze Hebreeuwstalige aanwezigheid te ontwikkelen. Hoewel onze sacramentele gemeenschappen erg klein zijn, is onze catechetische uitdaging enorm "om te garanderen dat de Katholieke identiteit wordt voortgezet en om een geloofservaring aan te bieden aan Katholieke kinderen die een essentieel onderdeel zijn van de Hebreeuwstalige Joodse gemeenschap.

 

Het Hebreeuws is natuurlijk een herkenbaar kenmerk van de Joodse traditie. Hoe reageren Joden op uw werk? Krijgt u hierbij niet te maken met vijandigheid?

Ik denk dat door de eigenheid van een Katholieke gemeenschap of welke soort van in het Hebreeuws biddende Christelijke gemeenschap dan ook, de eerste reactie niet vijandigheid is maar een schok "een schok om te horen dat de Mis in het Hebreeuws wordt opgedragen en een schok om Christenen in het Hebreeuws over hun geloof te horen praten. We hebben een actieve website en ook daarop is het Hebreeuws de primaire taal waarmee we met elkaar en met de samenleving communiceren. Dus de eerste reactie is een schok "dit is onze taal en jullie spreken het. Soms kan het veranderen in vijandigheid. We proberen dit te begrijpen vanuit een diepgaande identificatie met de pijn van het Joodse volk tegen de achtergrond van eeuwenlange Christelijk-Joodse vijandigheid en leed. We proberen dus om niet reactief te zijn maar om ermee om te gaan met begrip en geduld en liefde voor het Joodse volk. We willen dus door blijven gaan met ons leven en we staan erop dat we een essentieel onderdeel zijn van de samenleving. We dragen de Mis op in het Hebreeuws. We discussiëren in het Hebreeuws. We publiceren onze catecheseboeken in het Hebreeuws en Godzijdank hebben we de vrijheid om dat te doen.

 

Hebben jullie ook Joodse leden?

Van de immigranten zijn sommigen ook Joods. Het is belangrijk om op te merken dat we niet erop uitgaan om mensen te bekeren. Daardoor hebben we niet veel Joodse leden die door ons werk tot Christus zijn gekomen. Vaker zijn het Joodse mensen die Christus ergens anders hebben ontmoet en zich in onze gemeenschap thuis voelen. We hebben heel erg weinig bekeringen en iedere bekering staat op zichzelf en vormt een uniek verhaal in het leven van onze gemeenschap. We proberen om onze Katholieken "van Joodse origine of niet "in staat te stellen om hun geloof zodanig te beleven waardoor ze kunnen worden opgenomen in de samenleving waarin we leven. We letten daarom op het taalgebruik, de feesten en de culturele gewoonten van de Joodse tradities die het leven in de Hebreeuwstalige Israëlitische samenleving bepalen.

 

Leven de bekeerlingen in het verborgene?

In Israël bestaat religieuze vrijheid. Mensen kunnen hier religieuze keuzes maken. Maar er kan natuurlijk wel sprake zijn van sociale druk vanuit familie. Bekering wordt niet lichtvaardig opgevat of vriendelijk ontvangen binnen de Joodse gemeenschap, vermoedelijk evenmin als binnen andere gemeenschappen. De druk waarmee toekomstige bekeerlingen te maken kunnen krijgen, komt dus niet vanuit de staat of bepaalde wetten maar vanuit geschokte families. Er zijn inderdaad gezinnen of individuen die tot op zekere hoogte in het verborgene leven, maar er zijn ook anderen die ervoor uitkomen.

 

Wat zou er met iemand kunnen gebeuren als hij ontdekt wordt? Zou hij door zijn familie worden afgewezen?

Dat zou kunnen gebeuren. Maar dit is allemaal heel erg afhankelijk van het specifieke geval. Er zijn mensen die heel erg bang zijn voor de reacties van hun familie. En sommige mensen zijn in feite afgewezen door hun familie. Wat mijn geval betreft, ik ben niet de enige. Ik leef in een heel vredige en accepterende familie die zelfs iemand als mij heeft geaccepteerd.

 

Uw werk heeft een specifiek charisma. Zou u zeggen dat uw rol is voorbestemd?

Ik worstel nog steeds met dat plan. Want tijdens de eerste negen jaar van mijn priesterschap was ik op het seminarie professor op het gebied van de H. Schrift en dacht ik dat dat het plan was. Ik hou ervan om les te geven over de Schrift en dat blijkt ook uit de manier waarop ik in de gemeenschap sta. Ik weet niet, ik laat het liever aan God over, ook wat de toekomst moge zijn van deze specifieke missie.

 

Heeft u vanuit de samenleving institutionele ondersteuning voor uw werk?

We hebben geen scholen en eerlijk gezegd zijn we er nog niet over uit of we scholen zouden moeten hebben. We willen niet in een getto leven of al te veel instituties oprichten die ons zouden afscheiden van de gewone samenleving. We hebben het over een klein aantal mensen in een rijke samenleving met heel erg goede instituties als scholen en ziekenhuizen. Daardoor hoeven we dus ook niet onze eigen instituties op te richten. Maar de uitdaging voor ons in dit specifieke vicariaat is natuurlijk om het geloof van generatie op generatie over te dragen. Hoe kunnen we dat doen terwijl we zijn geïntegreerd in een samenleving met een heel sterke hang naar secularisatie? We geloven dat we er heel erg hard voor zullen moeten werken om onze kinderen het geloof te kunnen laten beleven. Dat kan waarschijnlijk alleen worden bereikt door oases te creëren van vreugde en vrede. Dit baseer ik natuurlijk op mijn eigen ervaring: Ik werd aangetrokken door de Kerk als een plaats van vreugde. Kunnen we van onze gemeenschappen plaatsen van vreugde maken? Een vorm van gemeenschapsleven waarop ik erg trots ben, is het zomerkamp voor kinderen. Daar komen allerlei kinderen bij elkaar met verschillende achtergronden: Russisch, Filippijns, Afrikaans en ook Arabische kinderen die in Hebreeuwstalige gebieden leven. Deze kinderen komen allemaal bij elkaar en ontdekken dat ze twee heel belangrijke dingen met elkaar gemeenschappelijk hebben: ze spreken dezelfde taal "het Hebreeuws "en ze zijn Katholiek. Wat we daar proberen te creëren, is een echte vreugdevolle ervaring die ze het uithoudingsvermogen kan geven voor hun zoektocht naar een echt gelovig leven.

 

Hoe ziet u uw rol binnen de grotere Katholieke gemeenschap?

We moeten worden geïntegreerd in de lokale Kerk en dat is natuurlijk niet altijd even eenvoudig vanwege het politieke conflict in het land. Hebreeuws- en Arabischtalige mensen worden vaak verdeeld door politiek. De Kerk is geroepen om te getuigen van het feit dat in Christus geen grenzen bestaan. In Christus worden obstakels verwijderd en in Zijn lichaam zijn we één. Dit is voor mij persoonlijk een zeer belangrijk onderwerp. Toen ik hier aankwam, kende ik al Hebreeuws. Daarna begon ik Arabisch te leren. Vooral vanaf het moment dat ik priester werd "ik ben een professor op een Arabischtalige seminarie €“, ben ik geïntegreerd in het leven van de Arabischtalige Kerk. Ik denk dus ook dat we zijn geroepen om een alternatief te belichamen waarbij geen sprake is van een kloof tussen Arabieren en Joden. Ik denk dat we in de Kerk uitdrukking moeten geven aan de mogelijkheid dat we inderdaad één kunnen zijn in vrede omdat Hij onze vrede is. Zou Hij onze vrede niet zijn, dan geven we een slechte getuigenis.

 

U hebt verteld over uw rol binnen de Joodse omgeving. Hoe staat u in de Arabische omgeving "staat u tussen twee vuren?

Ik denk graag dat ik het vuur blus. We moeten eraan werken. Ik zou graag verwijzen naar wat er enige tijd geleden gebeurde bij de Bisschoppelijke Vergadering voor het Midden-Oosten. Ik vertelde mijn verhaal over onze kleine gemeenschap en daarna kwamen erg veel bisschoppen naar mij om te zeggen hoe blij ze waren om te weten dat deze heel kleine en onbekende gemeenschap bestond. Maar zoals gezegd is onze rol niet politiek van aard. Onze rol is om echt te getuigen van het feit dat onze kleine gemeenschap ook getuigenis geeft van de verrezen Heer in het land dat historisch gezien het Zijne was. Dat doen we in volledige samenwerking met onze Arabische broeders en zusters, ook al zijn we misschien verdeeld door politiek. Maar dat is niet het geval bij al onze Hebreeuwstalige leden van het vicariaat. Sommige van hen werken hard voor vrede en rechtvaardigheid in het land. Ik beschouw mezelf liever ook in die termen, echt aan het vechten voor rechtvaardigheid voor het Palestijnse volk. Maar ons hoofddoel bestaat in de verkondiging dat het in Jezus Christus mogelijk is omdat Hij onze vrede is en waardoor in Zijn lichaam niet langer sprake is van Jood of Arabier. We zijn één. Eén lichaam van Christus.

 

De laatste 20 jaar zijn tienduizenden immigranten aangekomen vanuit de voormalige Sovjet Unie. U vertelde eerder dat er wel veel Joden bij waren maar ook veel Christelijke gezinsleden. Hoe heeft dit uw werk beïnvloed?

We hebben natuurlijk veel nieuwe leden. Maar zoals u terecht opmerkt, is het merendeel van de tienduizenden Christenen die met de golf van bijna een miljoen nieuwe immigranten naar Israël kwamen, in feite Orthodox en dat heeft geleid tot vele kleine maar levendige Orthodoxe gemeenschappen. Er bestaan in heel Israël Byzantijnse gemeenschappen en zij blijven hun geloofsleven voortzetten, zij het vaak erg discreet en in zekere zin verborgen. Want veel van deze mensen zijn als Jood naar Israël gekomen en vervolgens eenmaal in Israël hun Christelijke geloof gaan uiten. Het is tegelijkertijd ook waar dat vele Russischtalige mensen die feitelijk Christen waren, in Israël niet hun draai vonden doordat hier evenmin instituties of structuren bestaan ter ondersteuning van Christelijk leven. Veel van deze mensen die eigenlijk Christen waren, zijn ofwel teruggekeerd naar hun land van herkomst ofwel verder getrokken naar andere Westerse landen. We hebben dus ook een groot aantal van die gezinnen verloren die voor iets anders dan Israël kozen.

 

Wat is uw boodschap aan Christenen en Joden?

Ik denk dat de eerste boodschap er één is van hoop. Laten we hopen dat zowel Joden als Katholieken na eeuwen van traumatische verhoudingen, nu een nieuw tijdperk zijn binnengetreden en dat dit ook de toekomst mag zijn van het Midden-Oosten. We moeten hard werken "zowel biddend als arbeidend "voor verzoening. En we hebben de steun nodig van de wereld. De wereld moet ons aanmoedigen en ook helpen om manieren te vinden voor een nieuw tijdperk in het Midden-Oosten, een tijdperk waarin alle volkeren in Jeruzalem hun thuis zullen vinden en verder in het hele Midden-Oosten. Het Midden-Oosten gaat door een periode die moeilijk is vanwege gebeurtenissen van de laatste 100 tot 150 jaar. Die gebeurtenissen hebben ertoe geleid dat we de rijkdom zijn vergeten van wat het Midden-Oosten kan zijn. We moeten bedenken dat 100 jaar geleden Christenen, Joden en Moslims van alle soorten in een gemeenschap leefden met een veel diepere waardering van de rijkdom van pluralisme dan we tegenwoordig hebben. Ik denk dat we een brug moeten bouwen van het verleden, dat veel pluriformer was, naar een toekomst die hopelijk pluriformer zal zijn.

Vertaling: Camiel Donkers

Foto’s: Jesuitjoe.blogspot.com, joyfulpapist.wordpress.com,