fbpx

Gebed voor Iran gevraagd

dinsdag, 14 juli 2015
Nieuws
Kerk in Nood roept naar aanleiding van de presidentsverkiezingen van 12 juni op tot gebed voor de christenen in het land.

Kerk in Nood roept naar aanleiding van de presidentsverkiezingen van 12 juni op tot gebed voor de christenen in het land.

De internationale hulporganisatie wijst erop dat Iran nog steeds een van de landen met de geringste godsdienstvrijheid ter wereld is. In september vorig jaar heeft het parlement een verdere beperking van de godsdienstvrijheid in gang gezet. Het wetsvoorstel voorziet in het opleggen van de doodstraf bij afvalligheid van de islam. In de praktijk brengt geloofsafval ernstige gevolgen met zich mee, variërend van sociale uitstoting tot geweld en doodsbedreigingen, onder meer vanuit de eigen familiekring. Tot nu toe werden deze door de sharia gerechtvaardigde vormen van eigenrichting door de autoriteiten gedoogd. Met het wetsvoorstel dreigt dit nu ook juridisch te worden afgedekt.

Onder het bewind van president Ahmedinajad is ook de censuur in Iran aanzienlijk verscherpt. De president heeft meermaals radicale religieuze opvattingen verspreid en radicale elementen in staatsdienst opgenomen. Hij is ook met zijn zogeheten "campagne tegen de immoraliteit" hard tekeer gegaan tegen internetgebruikers en satelliet-tv.

In de theocratische staatsvorm van Iran wordt de sji"itische islam en de staat als een eenheid beschouwd. Artikel 4 van de grondwet bepaalt dat de gehele wetgeving gebaseerd moet zijn op islamitische principes. Slechts drie religieuze minderheden, christenen, joden en zoroasters, worden door artikel 13 officieel erkend.

Maar volgens Kerk in Nood gelden ook deze erkende minderheden uiteindelijk als "Dhimmi’s". Volgens de islam gaat het daarbij om onder zekere staatsbescherming staande tweederangs burgers.

Iran heeft weliswaar het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (ICCPR) geratificeerd, maar het legt de vrijheden van gedachten, geweten en godsdienst vanuit eigen islamitisch opvatting uit. Dat wordt bijvoorbeeld duidelijk aan de hand van de mogelijkheden van de katholieke Kerk om zich er te manifesteren. De Kerk geniet weliswaar volgens Kerk in Nood in vergelijking met andere godsdiensten enige mate van vrijheid, maar onvergelijkbaar met westerse maatstaven. Daarbuiten is echter iedere geloofsoefening, handeling of teken ervan verboden. Missionering is strafbaar.

Weliswaar roept de president dat de christelijke minderheid "dezelfde rechten" heeft, maar feitelijk zijn de christelijke gemeenschappen inmiddels het getto ingedreven en gereduceerd tot etnische minderheden.

Deze ernstige situatie heeft ertoe geleid dat veel Iraanse christenen het lans verlaten. Zij hebben steeds minder mogelijkheden aan het openbare leven deel te nemen en betaald werk te doen.

De katholieke Kerk in Iran bestaat vooral uit in Teheran levende buitenlanders. De nauwe band tussen de kerk en de buitenlandse ambassades vormt de juridische bestaansgrond en stelt de Kerk in staat haar kerken open te houden. Bij kerkelijke bijeenkomsten is meestal ook politie aanwezig. Officieel om de christenen te beschermen, maar in de praktijk verhinderen zij ieder toegang te weigeren die niet als "rechtmatig christen" worden erkend.

Bron: Kerk in Nood