fbpx

Euro-parlement belt met kinderen uit Aleppo

donderdag, 08 december 2016
Nieuws

Kinderen uit de belegerde Syrische stad Aleppo hadden op 6 december een videogesprek met leden van het Europees Parlement. De video-bijeenkomst, georganiseerd door Kerk in Nood, met 25 kinderen, had tot doel het lot van de kinderen zichtbaar te maken en ontroerde de aanwezige parlementariërs zichtbaar. Door bombardementen was het lang de vraag of het gesprek door kon gaan.

Voorbereiding op Sint-Nicolaas
De weken voorafgaand aan de feestdag van Sint Nicolaas waren vol van hoop. In West-Aleppo bereidde een groep van 25 Christelijke en Islamitische kinderen zich met liedjes, tekeningen en speciale berichten van de vrede voor op de feestdag onder de leiding van de Franciscaanse pater Ibrahim.

Toen kwamen de bommen
In Brussel werkten medewerkers van de vice-voorzitter van het Europees Parlement, Antonio Tajani, ondertussen samen met Kerk in Nood (ACN) aan een speciale tentoonstelling van tekeningen van Syrische kinderen. Terwijl een Chaldeeuws-katholiek koor uit Brussel zong, testten zij de video-verbinding tussen Aleppo en Brussel en stuurden ze uitnodigingen en herinneringen aan leden van het Europees Parlement. Toen kwamen de bommen. Zes uur voor het video-gesprek schreef pater Ibrahim dat de conferentie niet door kon gaan: de bombardementen waren zo ernstig dat de scholen waren gesloten, wegen leeg waren en moeders niet zeker waren of de kinderen konden komen.

Op het einde verschenen 6 van de verwacht 25 gezichten flikkerend op het scherm. Verlegen, soms onhoorbaar door de beperkte verbinding, en met een mix van Arabisch, Frans en Engels, kwamen de kinderen om te kijken in de ogen van degenen die beloofd hadden hen niet te vergeten. Ze werden niet teleurgesteld. De zaal, met 15 belangrijke parlementsleden uit het hele politieke spectrum, internationale media en het Chaldeeuwse kinderkoor, was vol. Een panel in het parlement, voorgezeten door vice-voorzitter Antonio Tajani en Anna Maria Corazzo Bildt, sprak er met de vertegenwoordiger van Kerk in Nood in Aleppo, pater Ziad Hilal.

Oorlog niet de schuld van kinderen
De leden van het Europees Parlement spraken daarbij hun engagement uit voor het versterken van vrede en herinnerden de kinderen bij monde van Maria Corazzo aan hun onschuld: "Je bent niet vergeten, je bent niet alleen. Het is niet de schuld van kinderen dat er oorlog is. Europa moet meer doen om de rechten van kinderen te beschermen." Ook bedankte ze pater Ibrahim vooor het werk van de Katholieke en Chaldeeuws-katholieke Kerk.

Absurde oorlog
Pater Ibrahim antwoordde vanuit Aleppo: "Vrede is mogelijk. Ik spreek in de naam van een volk na zes jaar absurde oorlog. Degenen die het meest lijden zijn de zwaksten – in dit geval de kinderen. We zien een gebrek aan water, aan elektriciteit en we zien fysieke ziekte veroorzaakt door psychische aandoeningen door bomaanslagen. We hebben scholen moeten sluiten omdat de situatie zo slecht is. We kunnen zo niet blijven leven. We hopen dat ingrijpen door de EU deze situatie in Aleppo verandert – zodat jongeren in dit land blijven. Wij als Kerk doen ons best om hen in staat te stellen in enige mate met vrede te leven – althans op sommige momenten. We hebben uw hulp nodig – we vestigen onze hoop op Europa, zodat we waardigheid in ons land kunnen hebben. Ik dank u uit heel mijn hart voor deze bijeenkomst."

"We hebben onze speelplaatsen verloren"
Toen verschenen, de een na de ander, de gezichten van kinderen op de schermen van het Europees Parlement.  "Ik kan ‘s nachts niet slapen door de bommen", zegt de 10-jarige Jean Paul. "Ik heb veel vrienden door de oorlog verloren. We hebben onze speelplaatsen verloren – we kunnen alleen nog thuis spelen omdat het buiten te gevaarlijk." De 14-jarige Salim zei: "Ik woon in West-Aleppo. We hebben oorlog en kunnen niet normaal leven. Als we ergens naartoe gaan, weten we niet zeker of we levend terugkomen. Al mijn vrienden zijn gestorven of zijn naar andere landen gereisd omdat ze bang zijn om te sterven. We zijn ook bang voor de bommen die ze op ons laten vallen. Wij hopen dat u vrede kunt brengen."

De 10-jarige Christine sprak in tranen. "Elke dag verlaat ik mijn huis en elke dag ben ik niet zeker of ik kan terugkeren. Mijn vrienden hebben het land verlaten en laten me alleen. Veel vrienden zijn dood." In het parlement was er stilte: veel van de parlementariërs huilde met haar mee.