fbpx

Elko Terziyski (33): de eerste Bulgaarse kapucijner priester sinds WO II

donderdag, 30 juli 2015
Persoonlijk verhaal
Niemand in zijn dorp kon zich voorstellen dat Elko priester wilde worden. “Die tractorchauffeur die in zijn vrije tijd kolen rondbrengt met zijn paard? Wat een onzin!", zo werd er geroddeld. "Ze gingen het pas geloven toen ze mij in habijt zagen," vertelt de kapucijner pater Elko Terziyski.

Door Eva-Maria Kolmann

Elko werd op school gepest omdat hij katholiek was en drie broers en zussen had. "In die jaren hadden alleen de Roma, ook wel zigeuners genoemd, veel kinderen," legt hij uit. "We werden behandeld als melaatsen." Zijn hele familie onderging zware repressies tijdens het communistische tijdperk. Omdat zij op zondag naar de kerk gingen, werden zijn ouders uitgesloten van onderwijs. Zijn oom Nicholas werd gearresteerd en zat dertig jaar in de gevangenis. “Mijn grootvader was op zijn dertigste al grijs door afranselingen en martelingen vanwege zijn weigering te gehoorzamen aan het communistische regime. Twee van mijn tantes, tweelingzussen, werden gedwongen om de bijna-onthoofding van mijn oma bij te wonen. Ik werd vernoemd naar een van hen. Haar naam was Elena. Maar ondanks al deze moeilijkheden vormen God en Zijn wil de volheid van mijn leven, tot op de dag van vandaag," vertelt pater Elko.

Op zijn tiende werd Elko misdienaar. "Ik was dicht bij het altaar, de priester en de mensen die van God hielden," herinnert hij zich van die tijd. Hoewel hij een rusteloos en ongehoorzaam kind was, zoals hij zelf toegeeft, werd een paar maanden later in hem het verlangen geboren om priester te worden, "Op de vraag wat ik wilde worden, gaf ik onmiddellijk als antwoord: priester. Niemand geloofde me. En inderdaad, hoe kan iemand zo’n wild en onhandelbaar kind geloven? Het is verbazingwekkend hoe God investeert in wat de meeste mensen beschouwen als slecht, verloren, rusteloos en onbeheersbaar. Ik stond verbaasd van mijzelf in die tijd. Tegenwoordig ben ik een priester van God en ik kan alleen maar het geduld, Gods liefde en genade bewonderen. Die zijn zo groot en oneindig! Ik blijf me verbazen over deze waarheid."

Na zijn opleiding trad hij in bij de Franciscaanse kapucijnerorde die zijn parochie in Belozem bediende. Toen hij begon aan zijn studies, verwachtte bijna niemand dat deze tractorchauffeur zou slagen. Daarom had hij ook hier veel te lijden. "Maar het maakte niet uit, God gaf mij kracht," zegt hij nu. Alle hoop werd gevestigd op de andere twee Bulgaarse broeders die hun studie gelijktijdig met mij begonnen waren. Eén van hen was leraar, goed opgeleid en intelligent. De ander kwam uit een rijke familie en was een briljante en gehoorzame student. Tegenwoordig is een van de twee priester, hoewel niet in mijn orde en de ander staat op het punt om binnenkort priester te worden. Beiden zijn nog altijd erg goede vrienden en we houden voortdurend contact. Ik vraag mezelf af waaraan een ezel als ik het heb verdiend om priester te worden. Ik ben niet beter dan de anderen; ik ben niet religieuzer of sterker in mijn geloof. Oh, wat is Gods logica ondoorgrondelijk!"

De jonge kapucijner priester denkt nog vaak na over zijn roeping. Op een dag opende hij de Bijbel terwijl hij mediteerde. Hij kwam terecht bij de scène waarin Jezus, rijdend op een ezel, triomferend Jeruzalem binnenkomt terwijl mensen juichen en hem met palmtakken hulde brengen. Daar vond hij een antwoord voor zichzelf: "Ik ben een ezel die nog door niemand bereden was toen hij jong was; pas daarna werd de ezel door Christus bereden. Dat is waarin Zijn almacht ligt. Hij is God en Hij kan alles doen. En het andere dat ik leerde door het Woord van God te lezen: wee deze ezel als hij vergeet Wie het is die op hem rijdt en waarom hij Hem draagt. En wee deze ezel als hij arrogant en vergeetachtig wordt als mensen hem met eer, respect en vertrouwen behandelen. Want dan is deze ezel echt niet meer dan een ezel die alleen zichzelf dient." Hij legt uit wat het voor hem betekent om priester te zijn: "Ik begrijp dat de priester een ezel is die gezegend is door de Heer en wiens taak het is om de Heer naar anderen toe te brengen. De priester vormt de handen, voeten en mond van God op aarde en moet Zijn wil volbrengen. Ik ontdekte dat mijn geloof in deze waarheid mijn roeping is. Degene voor wie ik leef en besta, dat is mijn Heer. En Hij heeft mij gekozen gewoon zoals ik ben. Hij houdt van me zoals ik ben, en Hij wil mij redden. Daarvan ben ik overtuigd en dat probeer ik in mijn leven te verwezenlijken. Het maakt me niet uit dat veel mensen me een ezel noemen. Ik begrijp dat dat de wil van God is."

Kerk in Nood steunt de kapucijner paters in Bulgarije sinds 1998, toen ze met hun pastorale werk in dit voormalig communistische land begonnen. In eerste instantie hielpen we het kapucijner klooster in Burgas te renoveren en werd een minibus gefinancierd voor hun pastorale werk in Sofia. In de jaren die volgden, hielp Kerk in Nood ook met taalcursussen voor Poolse kapucijner paters die in Bulgarije gingen werken. Kerk in Nood stuurt de kapucijner paters regelmatig misintenties.