fbpx

Ecuador: “Geen handen om te herbouwen”

Project

De drie zusters franciscanessen van Canoa zijn de enige vertegenwoordigers van de Kerk in het gebied. De aardbeving heeft hun kerkgebouw verwoest. Kerk in Nood heeft de door de aardbeving zwaarst getroffen plaatsen bezocht om verschillende hulpprojecten op te zetten.

In het kleine Ecuadoraanse dorp Canoa staat nauwelijks een huis overeind door de verwoestende aardbeving van 16 april jongstleden. Dit ooit zo rustige vissersdorp met haar prachtige uitzicht, kleurrijke huisjes en kleine bevolking lijkt nu op een slagveld. Temidden van de ravage wonen de missiezusters van Maria, Hulp van de Christenen. Zij vormen een ondersteunende pilaar voor het leven in het dorp, omdat zij de enige vertegenwoordigers van de Kerk zijn in een straal van kilometers. De priester komt alleen op zondag naar het dorp om de Heilige Mis te vieren. De inwoners zijn daarom aangewezen op de zusters, die de inwoners van pastorale zorg voorzien. Zij vieren huwelijken, doopsels en andere sacramenten.

Kerk in Nood bezocht Canoa om projecten op te zetten voor wederopbouw. Deze volgen op de spoedhulp die verleend werd, enkele dagen na de aardbeving. Marco Mencaglio, de aanwezige projectleider van Kerk in Nood in Ecuador, zei na zijn bezoek aan de zwaarst getroffen gebieden dat “de hulp van Kerk in Nood absoluut nodig blijft voor het land.”

Er zitten scheuren breder dan tien centimeter in de muren. Sommige stenen zijn nog niet gevallen, omdat ze worden tegengehouden door elektriciteitskabels. De ramen en ruiten van de kerk zijn binnen een fractie van een seconde kapot gegaan. Dit is de situatie waar de zusters voor staan in Canoa. Ze vragen wanhopig om hulp. Zowel de kerk als de parochiezaal zijn compleet verwoest. “In Canoa is de kerk een herkenningspunt. Het verlies ervan is zwaar, zwaarder dan van elk ander gebouw. Het werk van de zusters in Canoa is van groot belang,” vertelt Marco Mencaglia, die de mogelijkheid heeft gehad om het werk van de zusters ter plaatse te zien. “Als de zusters vertrekken, zal ook God vertrekken,” geloven de inwoners van Canoa.

50 seconden met 700 doden
Manta, Pedernales, Jama, Portoviejo… Waar begint de heropbouw van een dorp of een stad waar niets meer is? “De mensen zijn hun dagelijkse levens kwijt. Er zijn geen werkplaatsen meer. De kinderen kunnen niet meer naar school. Degenen die geluk hebben kunnen over enkele maanden weer naar het klaslokaal.” legde Mencaglia uit. De school van de Zusters Oblatinnen van Sint Franciscus de Sales in Rocafuerte, die zo’n 1,500 leerlingen telt, is zwaar getroffen. “Het zal lang duren voordat het weer in zijn oude staat is.”
En toch gaat het leven door. De mensen moeten vindingrijk zijn. Winkeleigenaars die eten verkochten, gaan door met zaken in een kraampje. De winkelstraten behoren tot de zwaarst getroffen gebieden, maar “Er is geen tijd om stil te staan en na te denken. We moeten weer actief worden en terug aan de slag gaan,” benadrukken ze.

De “ground zero-gebieden” in vele plaatsen zijn afgesloten vanwege instortingsgevaar. Gebouwen worden één voor één onderzocht, waarna de architecten besluiten of ze al dan niet gesloopt moeten worden. Eigenaren en bewoners zijn vaak ondergebracht in tijdelijke verblijven en moeten van een afstand toekijken hoe hun huizen worden afgebroken. Als ze geluk hebben, worden ze op tijd verwittigd, zodat ze persoonlijke bezittingen kunnen redden van de sloop. “Ze hebben hun huizen met lege handen verlaten en ze hebben nu nog steeds niets.”

De aardbeving duurde 50 seconden en had een kracht van 7.8 op de schaal van Richter. Volgens het laatste verslag van Caritas Ecuador vonden 660 mensen de dood, zijn er 31 vermisten, 30,223 mensen in noodverblijven, 1,125 verwoeste gebouwen en 560 beschadigde scholen. De Ecuadoraanse bevolking heeft zijn dankbaarheid aan Kerk in geuit voor de geboden hulp. “Op straat vraagt men mij wat er in Europa over Ecuador verteld wordt”, zei Marco Mencaglia.

De gebeurtenis drukt een stempel op de geschiedenis van Ecuador. “We zijn ontroerd en dankbaar voor de hulp die Kerk in Nood ons geeft. Hierdoor hebben we water, voedsel en kleding kunnen kopen voor de mensen die nu op straat leven,” zei mgr. Voltolini, de aartsbisschop van Portoviejo. Pater Coronel vult hem aan: “In de kathedraal staat een beeld van Sint Gregorius de Grote, de patroonheilige is van Portoviejo, dat omver is gevallen tijdens de aardbeving. Daardoor zijn de handen van het beeld verbrijzeld. Wij zijn nu net zo: we hebben geen handen, geen middelen om het land te herbouwen en vragen om hulp zodat we weer overeind kunnen komen.”