fbpx

Christenen Bangladesh blij met bezoek Paus

maandag, 27 november 2017
Nieuws
Bangladesh bereidt zich voor op het bezoek van Paus Franciscus van 30 november tot 2 december. Getrouw zijn eigen wens om "naar de randen van de samenleving te gaan" bezoekt de Heilige Vader er de kleine christelijke gemeenschap.

Door Maria Lozano

Bangladesh bereidt zich voor op het bezoek van Paus Franciscus van 30 november tot 2 december. Getrouw zijn eigen wens om "naar de randen van de samenleving te gaan" bezoekt de Heilige Vader er de kleine christelijke gemeenschap. Christenen vormen minder dan één procent van de totale bevolking van het land. Het motto van het pausbezoek ‘harmonie en vrede’ is een belangrijke boodschap voor de Christenen, die het als minderheid niet gemakkelijk hebben.

Verhoudingen
De republiek aan de Golf van Bengalen is een van de landen met de hoogste bevolkingsdichtheid. Na Indonesië en Pakistan is het qua bevolkingsaantal het grootste moslimland ter wereld. De meeste Katholieken in Bangladesh behoren tot de inheemse stammen. “Voor de wet en volgens de Grondwet hebben ze dezelfde rechten als alle andere burgers van het land. Wat op papier wordt gewaarborgd, verschilt echter van de dagelijkse discriminatie. Ze krijgen niet dezelfde kansen in het onderwijs of op de arbeidsmarkt”, benadrukt bisschop Bejoy Nicephorus D’Cruze van Sylhet in gesprek met Kerk in Nood. "Ze moeten voor hun rechten vechten. Soms kennen ze succes. Als individu tegenover de staat is dit bijzonder moeilijk en afmattend. Hij wordt niet alleen geconfronteerd met religieuze gevoeligheden maar ook met corruptie."

Khasi Christenen
In het bisdom Sylhet wonen de Khasi. Nagenoeg iedereen is christen. De stam bevolkt al eeuwenlang meer dan honderd dorpen in de heuvels van de regio Sylhet. Ze houden het woud en de natuur in stand en leven van de traditionele teelt van betelpalmen. Zo’n 30 à 40 jaar lang bewerken zij een stuk land. Wanneer de bodem uitgeput is, trekken ze verder. De grond die ze bewerken, is al sinds mensenheugenis hun eigendom, maar door de Grondwet wordt dat niet erkend. Pater Joseph Gomes, oblaat van de Onbevlekte Maagd Maria (OMI), staat in voor de katholieke gemeenschap van Kashi. Hij bevestigt dat de inwoners van het bergland worden gediscrimineerd. Zo hebben ze geen toegang tot sociale zekerheid. Vaak zijn ze in een constante strijd verwikkeld om hun landerijen te kunnen behouden. Bisschop D’Cruze licht de oorsprong van het conflict nader toe: "Dit berglandschap valt onder de bevoegdheid van het ministerie van Bosbouw, namelijk van de afdeling die instaat voor de theeplantages. De theemaatschappijen huren dit land van de regering en houden absoluut geen rekening met de aanwezigheid van de Khasi. Ze proberen de bestaande plantages verder uit te breiden. De mensen die daar wonen, worden gedwongen om hun land te verlaten."

Land met geweld ingenomen
Soms gebruiken de ondernemingen zelfs geweld. Wanneer pater Joseph Gomes daaraan terugdenkt, is hij bedroefd: "Ongeveer drie jaar geleden kwam de directeur van een van die plantages hier naartoe met zowat 200 mannen. Ze begonnen de huizen van de dorpelingen af te breken terwijl de mannen in het woud aan het werk waren. Eerst verzetten de vrouwen zich. Toen de mannen van het werk terugkwamen, probeerden ook zij weerstand te bieden en gingen het gevecht aan. Een medewerker van de theemaatschappij overleed later in het ziekenhuis. De inwoners konden echter niet blijven vechten tegen de theemaatschappijen. Uiteindelijk verloren ze dan ook hun land."

Na herhaalde conflicten met het ministerie van Bosbouw werden meer dan 25 Khasi-dorpen van de kaart geveegd. Op dit ogenblik worden nog meer nederzettingen bedreigd, onder andere twee dorpen met 150 gezinnen in het district Moulvibazar, die een juridische strijd aan het uitvechten zijn met de theemaatschappijen Nahar en Jhimai. Die ondernemingen willen de mensen dwingen om hun dorpen te verlaten, zucht bisschop D’Cruze.

De Kerk verdedigt minderheden
Het bisdom Sylhet steunt de Khasi geestelijk en moreel in haar gevecht tegen die uitdagingen. Zo helpt het wekelijks tijdschrift ‘Weekly Pratibeshi’ de Katholieken om te groeien in het geloof en maakt het hen bewust van hun rechten. Journalist en pater Anthony Sen: “Ze worden door machtige mensen in hun omgeving, in het bijzonder door moslims, immens onder druk gezet. Die mensen denken namelijk dat ze kunnen doen wat ze willen met deze minderheid. Ze ontvoeren zelfs hun dochters en vallen hen aan, waarbij het niet uitmaakt of het om mannen of om vrouwen gaat. De katholieke minderheidsgroepen leven dan ook constant onder die druk. Als Kerk staan we hen altijd terzijde om hen te beschermen. Wij bekommeren ons om hen.” Deze houding leidt er soms toe dat men zijn eigen leven op het spel zet. Zo kreeg bisschop Bejoy Nicephorus D’Cruze doodsbedreigingen van fundamentalistische islamitische groeperingen wegens het duidelijk standpunt dat hij bij de verdediging van de mensenrechten en de godsdienstvrijheid innam.

De Heilige Vader bezoekt deze lijdende en zwijgende katholieke minderheid in Bangladesh. Volgens de bisschop van Sylhet "kent de Heilige Vader de situatie van de Kerk en van de katholieken in Bangladesh." Over de verwachtingen die de Khasi -minderheid aan het pausbezoekt stelt, zegt bisschop D’Cruz: "Ik denk niet dat ze hoge verwachtingen koesteren. Het zijn eenvoudige mensen. Ze zullen alles doen wat in hun macht ligt om de Heilige Vader te zien en om zijn zegen te krijgen. Uit die ontmoeting en die ervaring zullen ze de kracht putten om ook in de toekomst te blijven vechten om te overleven. Ze zullen moed scheppen om dapper het hoofd te kunnen blijven bieden aan alle ‘monsters’."

Op dit moment ondersteunt Kerk in Nood diverse projecten voor geestelijke en pastorale en menselijke vorming alsook comités voor onderwijs, gerechtigheid en vrede. In 2016 stelde Kerk in Nood meer dan € 560.000 ter beschikking voor projecten in Bangladesh.