Dinsdag 14 november 2017
Nieuws bericht

Sinds president Pierre Nkurunziza zich in april 2015 aangaf een derde ambtstermijn te ambiëren, maakt Burundi een zware politieke crisis door waarbij al honderden mensen om het leven zijn gekomen en duizenden anderen in ballingschap zijn gegaan.

Door Amélie de La Hougue

Sinds president Pierre Nkurunziza zich in april 2015 aangaf een derde ambtstermijn te ambiëren, maakt Burundi een zware politieke crisis door waarbij al honderden mensen om het leven zijn gekomen en duizenden anderen in ballingschap zijn gegaan. Amélie de la Hougue van Kerk in Nood interviewde Joachim Ntahondereye, bisschop van Muyinga en voorzitter van de Katholieke Bisschoppenconferentie van Burundi.

Wat ligt aan de oorsprong van de politieke en sociale crisis die het land sinds april 2015 door elkaar schudt?
Bisschop Joachim Ntahondereye: "De politieke crisis in het land werd veroorzaakt door een betwistbare interpretatie van artikel 96 van de Grondwet. De president is van oordeel dat dit artikel hem niet verhindert om zich kandidaat te stellen voor een derde ambtstermijn. Artikel 96 bepaalt namelijk dat de president door middel van algemene verkiezingen wordt verkozen. Nu meent de president dat zijn verkiezing voor de eerste ambtstermijn van vijf jaar niet op basis van het algemeen stemrecht is gebeurd, maar enkel en alleen door een stemming die in beide kamers van het parlement plaatsvond. Om die reden is hij van mening dat hij het recht aan zijn zijde heeft. De oppositie is echter een andere mening toegedaan. Zij voert aan dat artikel 302 inderdaad bepaalt dat “de eerste president van de Republiek na de overgangsperiode door de nationale vergadering en de senaat, die bijeenkomen in het congres, samen wordt verkozen”, maar benadrukt dat het artikel niet vermeldt dat dit mandaat niet meetelt. Voorts is de oppositie van oordeel dat de ambtstermijn ingaat vanaf de dag dat de president de ambtseed aflegt en hij zodoende geen recht heeft op een derde ambtstermijn. De Grondwet is met andere woorden voor interpretatie vatbaar en hopelijk wordt daar ooit duidelijkheid in geschapen."

Hoe ziet de toestand van elke dag er tegenwoordig in het land uit?
"De situatie is in de afgelopen maanden duidelijk verbeterd. Tegenwoordig kunnen de mensen zich, ondanks het feit dat er her en der nog controleposten zijn, dag en nacht zonder grote problemen op straat begeven en zich verplaatsen. Toch worden hier en daar nog altijd willekeurige arrestaties uitgevoerd en verdwijnen mensen soms spoorloos. Er wordt weliswaar niet over gesproken, maar het is de realiteit. De economie van het land zit door de crisis echter volledig in het slop, de verpaupering van de bevolking is sterk toegenomen, de prijzen zijn de hoogte in geschoten, de munt heeft aan waarde ingeboet…"

Vele Burundezen zijn het land ontvlucht, waar zijn ze naartoe gevlucht, onder welke omstandigheden leven ze?
Het is moeilijk om precieze cijfers te krijgen. UNCHR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, heeft het over 420.000 vluchtelingen, maar de regering wijst dit cijfer van de hand. Wij weten echter zeker dat er twee vluchtelingenkampen zijn in Tanzania, een in Rwanda en nog een in de DR Congo. Ondanks twee verzoeken die door bemiddeling van het bisdom Kigoma werden ingediend, heeft bij gebrek aan toelating nog geen enkele Burundese bisschop de kampen in Tanzania mogen bezoeken. Ik heb één keer de kans gekregen om het kamp in Rwanda te bezoeken. Daar kon ik vaststellen dat de levensomstandigheden van de vluchtelingen nog altijd bijzonder zorgwekkend zijn. Ik verheug me er echter over dat de eerste vluchtelingen uit de Tanzaniaanse kampen naar Burundi terugkeren. Op het moment dat ik het land verliet voor dit bezoek aan Europa, waren er al zowat tweeduizend mensen teruggekeerd. Anderen willen nu nog niet terugkeren, want hoewel de toestand in de afgelopen maanden is verbeterd, zijn de problemen nog altijd niet opgelost."

Hoe verklaart u dan de verbetering van de situatie?
"Er is een verbetering in de toestand opgetreden omdat er geen confrontaties meer plaatsvinden tussen de politie en betogers, in tegenstelling tot wat voordien, sinds einde april 2015, het geval was. Ook de furieuze repressieve acties na de poging tot staatsgreep op 13 mei van hetzelfde jaar zijn afgenomen. Aangezien de aanhangers van de radicale oppositie naar het buitenland zijn gevlucht, zijn de spanningen die tot de onveiligheid en de gewelddadige uitbarstingen leidden weliswaar verminderd, maar voor het politieke probleem dat er aanleiding toe heeft gegeven, is er op dit moment nog geen oplossing."

Drie internationale berichten die in september werden gepubliceerd, stellen de misbruiken en het geweld van de regering in de voorbije twee jaar aan de kaak. De regering betwist die berichten. Wat kunt u hierover zeggen?
"Elk bericht zou in detail moeten worden onderzocht en de vermelde misdaden zouden geval per geval moeten worden bekeken om hierop een duidelijk antwoord te kunnen geven. We hebben inderdaad soms berichten over gewelddadigheden en arrestaties gehoord, maar de situatie op dit ogenblik is niet meer vergelijkbaar met die in de jaren 2015 en 2016. Er is een aanzienlijke verbetering opgetreden."

Burundi kondigde op 27 oktober aan dat het zich uit het Internationaal Strafhof terugtrok.
"Inderdaad, de regering heeft alle officiële stappen in die richting ondernomen. Men kan zich echter afvragen of dit veel zal veranderen aan de crisissituatie die we tegenwoordig meemaken."

De Katholieke Bisschoppenconferentie van Burundi heeft op 10 september in een duidelijke boodschap opgeroepen tot een inclusieve dialoog. Wat wordt daarmee bedoeld?
"Ik ben ervan overtuigd dat het voor het welzijn van ons land noodzakelijk is om van alle partijen die bij de crisis betrokken zijn te verlangen dat ze zich rond de tafel zetten om gezamenlijk een uitweg uit de crisis te zoeken en een oplossing uit te werken. Dit is ondanks de aanduiding van een verzoener en een bemiddelaar door de Oost-Afrikaanse Gemeenschap (OAG) nog altijd niet mogelijk gebleken. Er werden al pogingen ondernomen, maar een echte dialoog heeft nog nooit plaatsgevonden, omdat de regering weigert met al degenen te spreken die ze ervan beschuldigt dat ze aan de poging tot staatsgreep van 13 mei 2015 hebben deelgenomen. De pijnlijke geschiedenis van ons land heeft echter aangetoond dat een duurzame vrede niet mogelijk is zonder dialoog."

Zou een optreden van de Paus welkom zijn, aangezien het land overwegend christelijk en katholiek is?
"Ja, natuurlijk, ook al zouden de beide partijen in het conflict zijn boodschap waarschijnlijk niet op dezelfde manier onthalen. Wij zijn de Paus dankbaar voor de oproepen die hij tot nu toe heeft gedaan om voor ons land te bidden, omdat we er zeer veel moed uit putten. Het zou nog beter zijn indien hij daarnaast ooit een bezoek zou brengen aan Burundi, maar ik weet niet of aan de voorwaarden voor een dergelijke gebeurtenis nu al is voldaan."

Is er een rol weggelegd voor Europa?
"Zeer zeker, maar de EU moet zich meer om het welzijn van de mensen bekommeren en een andere manier vinden om druk uit te oefenen dan door het bevriezen van de financiële hulp. Daardoor wordt uiteindelijk alleen de bevolking bestraft. De machthebbers van de regering zullen altijd een manier vinden om de nadelen van die sancties te omzeilen en het zijn finaal altijd de kleine mensen die de prijs betalen."

Ziet u in de komende maanden een uitweg uit de crisis?
"We hopen het en we wensen het ook uit het diepst van ons hart, maar we hebben geen concrete aanwijzingen die aanleiding geven om te beweren dat er binnenkort een uitweg uit de crisis zal zijn."

Hoe gaat het tegenwoordig met de Kerk?
"Ook al telt het land tussen 80 en 90 % christenen, toch zou ik willen benadrukken dat het christendom nooit een godsdienst van de massa is geweest en dat ook nooit zal zijn. Het is een godsdienst van getuigen. Daarom proberen wij de ontwikkeling van kleine en levendige gemeenschappen te versterken, waarvan de leden zich zeer goed bewust zijn van de eisen die hun geloof stelt en daarvan in het dagelijks leven getuigenis afleggen. Wij zijn ervan overtuigd dat die manier van werken rond die vorm van pastoraal werk het geloof in ons land zal redden."

Komen er bij u roepingen voor?
"We kunnen ons over talrijke roepingen verheugen. Het aantal kandidaten dat wil worden toegelaten tot het priesterseminarie neemt elk jaar toe. Daarom moeten wij meer dan ooit de uitdaging aangaan om de authenticiteit van die roepingen te erkennen. Die toename van het aantal roepingen kan echter ook aan andere factoren dan het geloof toe te schrijven zijn. In een tijd van economische crisis, met een torenhoge werkloosheid, kan bijvoorbeeld worden gevreesd dat een aantal kandidaten toegang proberen te krijgen tot het priesterseminarie om aan het risico van werkloosheid te ontsnappen."

Waarin ligt de sterkte van de Kerk in Burundi?
"In haar geloof en in haar hoop. Ondanks de crisis mogen wij ook heel wat mooie dingen meemaken. In ons land worden er prachtige getuigenissen van liefde, vergeving en verzoening afgelegd en zelfs van zorg voor het algemeen welzijn. Dit alles zorgt ervoor dat we niet opgeven en betekent voor ons een aanmoediging om aan een betere toekomst te werken. Nog is alles niet reddeloos verloren, wel integendeel!"

Kerk in Nood ondersteunt in Burundi al vele jaren pastorale projecten, ook voor jongeren en gezinnen, in het bijzonder in de kleine christelijke gemeenschappen. In 2016 werden projecten voor een totaal bedrag van € 286.656 goedgekeurd.

Doneer