fbpx

Bangladesh: Kerk eist meer rechten etnische minderheden

dinsdag, 01 augustus 2017
Nieuws
Bij een bezoek aan het internationale hoofdkantoor van de pauselijke stichting Kerk in Nood beklaagde de aartsbisschop van Chittagong, Moses M. Costa, zich erover dat etnische en religieuze minderheden in de Grondwet van Bangladesh niet uitdrukkelijk als

Door Eva-Maria Kolmann

Bij een bezoek aan het internationale hoofdkantoor van de pauselijke stichting Kerk in Nood beklaagde de aartsbisschop van Chittagong, Moses M. Costa, zich erover dat etnische en religieuze minderheden in de Grondwet van Bangladesh niet uitdrukkelijk als bevolkingsgroep met duidelijk omschreven rechten worden genoemd. “De regering erkent hun rechtmatig bestaan niet en verwaarloost hen volledig, zodat ze amper mogelijkheden krijgen om zich verder te ontwikkelen. Daarnaast worden ze bij het zoeken naar werk en zelfs in sommige scholen gediscrimineerd aangezien ze de officiële landstaal niet spreken. Wanneer de leden van etnische minderheden lijden, dan lijdt ook de Kerk, want 60 procent van onze gelovigen behoren tot die bevolkingsgroep”, aldus de aartsbisschop. Hij benadrukte dat de katholieke Kerk de enige instelling is die zich voor de rechten en de waardigheid van die mensen inzet en die hun cultuur respecteert en bevordert.

Aartsbisschop Costa vertelde dat de regering bij de overstromingen waardoor de zogenaamde “Chittagong Hill Tracts”, een in de bergen gelegen provincie die deel uitmaakt van zijn bisdom, werd getroffen, elke hulp weigerde aan de etnische minderheden die daar wonen en dat ze ontkende dat er problemen waren. Hij leverde ook kritiek op de uitbuiting van die mensen in de scheepsrecyclinginrichtingen van de havenstad Chittagong, waar afgedankte schepen worden ontmanteld en aan hun onderdelen een andere bestemming wordt gegeven. Zo worden de ijzeren onderdelen bijvoorbeeld verwijderd en ter beschikking gesteld voor bouwwerkzaamheden. “Dat werk wordt onder gevaarlijke omstandigheden uitgevoerd en eist ontelbare mensenlevens. Ik mag echter geen bezoek brengen aan die werven omdat de officiële instanties weigeren mij daarvoor de toestemming te verlenen”, beklaagde de aartsbisschop zich.

Op de vraag naar de aanslagen tegen christenen en kerkelijke inrichtingen, die in de afgelopen jaren in dit overwegend islamitische land steeds vaker voorkwamen, wees de aartsbisschop erop dat daaraan doorgaans een combinatie van politieke en religieuze motieven ten grondslag ligt. Enerzijds, zo zei hij, ging het vaak om pogingen om zich wederrechtelijk stukken grond toe te eigenen die aan de vaak christelijke etnische minderheden toebehoren, anderzijds was er volgens hem echter ook een religieuze component, die steeds sterker op de voorgrond treedt. In het land zijn zeer vele verschillende islamitische groeperingen actief. “Verleden jaar hebben duizend Bengali een parochie in Chittagong aangevallen omdat enkele kilometers verder twee zakenmensen waren vermoord en de christenen ervan werden beschuldigd dat ze hiermee iets te maken hadden”, vertelde de aartsbisschop. Hij wees er nadrukkelijk op dat de toestand in Chittagong “moeilijk en gevaarlijk” was.

Toch zijn er voor de katholieken ook redenen om zich te verheugen. Het feit dat aartsbisschop Patrick D’Rozario van Dhaka in november van verleden jaar door paus Franciscus tot kardinaal werd benoemd, heeft er niet alleen voor gezorgd dat de katholieke gelovigen “door vreugde werden overspoeld”, maar heeft ook de niet-christelijke bevolking “bijzonder gelukkig” gemaakt, zo benadrukte de aartsbisschop. Zelfs de regering was van oordeel “dat dit als een bijzondere blijk van erkenning en aandacht van de paus voor het land moest worden gezien”. Ook het feit dat Chittagong in februari 2017 tot aartsbisdom werd verheven, was volgens hem aanleiding tot “grote vreugde” geweest. “Door die twee gebeurtenissen werd aan de Katholieke Kerk een groter belang toegekend. In het algemeen levert de Kerk in Bangladesh ondanks haar geringe numerieke omvang door middel van de scholen die zij runt een aanzienlijke bijdrage tot het onderwijswezen en is ze daarnaast ook zeer actief in de gezondheidszorg. Daardoor wordt ze door velen bijzonder naar waarde geschat.”

89 procent van de 156 miljoen inwoners van het Zuid-Aziatische land zijn moslims. De op een na grootste religieuze groep zijn de hindoes, met 9,5 procent. Met zijn zowat 270.000 gelovigen maakt de katholieke Kerk slechts 0,2 procent van de totale bevolking uit.

Verleden jaar heeft Kerk in Nood de katholieke Kerk in Bangladesh met ongeveer 560.000 euro ondersteund.